Bridge beter bij Schiedam '59

11. Speelfiguren deel 3


11.1 Algemeen

In deel 1 en 2 hebben we een aantal basis figuren besproken.
Er zijn heel veel verschillende speelfiguren, die je een keer geezien moet hebben om ze toe te kunnen passen. In deel drie worden er een paar behandeld die relatief vaak voorkomen.

11.2. "Aas ophouden of niet"

Soms is het raadzaam een aas één of meerdere ronden op te houden.

De meest voorkomnende redenen m een aas op te houden is:
- Zorgen dat de tegenpartij niet meer kan oversteken om een lange kleur te benutten.
- Je speelt een sans atout contract en de tegenpartij valt je zwakke kleur aan.
  Je hoopt dat wanneer je van slag gaat, degene die aan slag is deze kleur niet meer heeft.

Opgaven 23 – 25

Het contract is 3SA en de uitkomst is steeds ♠ V

23)

♠ A 9 2
    
nz 

 ♠ 5 4

24)

♠ A 4 3 2
    
 nz

 ♠ 7 6 5

25)

♠ A 9 3 2
    
nz 

 ♠ 7 6 5

26)

♠ A 9 3
    
nz 

 ♠ H 4

 

 

 

 

 

erg moeilijk
 
moeilijk

Houden we de aas op en zo ja, hoeveel keer?

23) Houdt de aas twee keer op. Als de schoppens bij de tegenpartij 5-3 verdeeld zitten, zijn ze bij één van de tegenstanders op. Fijn voor ons in het geval hij aan slag komt.
24) Houdt de aas één keer op om je te wapenen tegen een 5-2 verdeling. Wil je je ook wapenen tegen een 4-3 verdeling, dan moet je twee keer ophouden.
25) Pak de eerste slag! ♠9 is een belangrijke kaart geworden. De uitkomst met V geeft aan dat oost H heeft. Als de kleur 4-2 verdeeld is, heeft oost heer-klein. De kleur blokkeert!
Bij een 5-1 gaat H vallen en is ♠9 zelfs een stop.
Opmerking: Oost kan de H niet deblokkeren (onder de aas gooien) omdat de ♠9 dan een slag/stop is. In opgave 24 kan (moet!) dit wel !!
26) Ophouden of pakken hangt af van de bijkaart.
Indien je twee keer van slag moet om een lange kleur te ontwikkelen is het raadzaam de eerste slag te duiken. Bij een 5-3 of 6-2 verdeling zijn de schoppens van degene die in de te ontwikkelen kleur aan slag komt, hopelijk op.

Voorbeeld opgave 23

♠ A92


♠ VBT87

nz

 
H63

♠ 54

Voorbeeld opgave 24

♠ A432


♠  VBT87

nz

 
H9

♠ 765

Voorbeeld opgave 25

♠ A932


♠  VBT8

nz

 
H4

♠ 765

 







Voorbeeld opgave 26:
Contract 3SA, west komt uit met ♠V

Voorbeeld opgave 26

A 9 3
     V B 2   
     H B T 2
     ♣ A 3 2   

V B T 8 7
A 6 5
4 3
V 7 6

nz

6 5 2
9 8 7
V 6 5
T 9 8 5

H 4    
H T 4 3
A 9 8 7 
H B 4  


















Het probleem:

Je moet 2 keer van slag. Een keer met harten (aas) en ook met ruiten als de snit verkeerd zit. Tegenpartij kan dus de schoppens vrij spelen!
Waar spelen we op ?
Zorg er voor dat bij oost de schoppens op zijn als hij aan slag komt.
Oplossing:
Hou schoppen vrouw op!
Speel vervolgens eerst harten aas er uit.
Neem hierna pas de ruitensnit. Verliest deze aan oost (zoals hier), dan heeft hij geen schoppens meer!. Heeft oost wel een schoppen, dan zaten ze 4-4 en ben je maar 4 (ipv 5) slagen kwijt. 3SA contract!

x


11.3. Verschillende thema's

Opgaven 27 – 30

27)

     ♠ 5 4 3
     4 3 2
     A H 5 4 3 2
     ♣ V
   
nz 
     ♠ A H 7 6
     A H 8
     7 6
     ♣ B T 9 8

28)

     ♠ 5 4 3
     4 3 2
     A 5 4 3
     ♣ H 5 4
   
nz 
     ♠ A H 7 6
     A H 8 6
     H 7 6
     ♣ A 2

29)

     ♠ 5 4
     4 3 2
     A 5 4 3 2
     ♣ V 3
   
nz 
     ♠ A V 7
     A H 8
     8 7 6
     ♣ B 7 6 5

30)

     ♠ 5 4 3 2
     A B T 6 3
     -
     ♣ H 5 4 3
   
nz 
     ♠ A 7 6
     H V 5 4
     V B T 9
     ♣ A 4

 

Contract: 3SA
West start met ♠V

Maak je plan.

 

Contract: 3SA
West start met ♠V

Maak je plan.

Contract: 1SA
West start met ♠B

Maak je plan.

 

Erg moeilijk:
Contract: 6
West start met ♣B
Troeven vallen 2-2

Maak je plan.

 

Hoe spelen we het beste af ?

27) De werkkleur is ruiten. Als we de aas, heer en een kleintje spelen is de kleur bij een normale 3-2 verdeling vrij gespeeld. We hebben echter geen oversteek!
Draai de volgorde daarom om. Begin met een kleintje af te geven!
28) Je hebt 8 topslagen. De enige kans op een negende slag is een lengteslag in schoppen, harten of ruiten.

Combineer je kansen!

Begin met het duiken van de eerste slag. Ondanks de uitkomst (meestal langste kleur) kan de kleur ook 3-3 zitten. Stel west speelt schoppen door. Neem deze en duik meteen een ruiten. Neem de volgende schoppen. Zit deze 4-2, dan ben je hooguit 2 schoppens kwijt. Je hebt nu zelfs de tijd om ook een harten te duiken. Als één van de drie kleuren 3-3 zit maak je nu 9 slagen.

Opmerking: Begin met een kleintje te duiken. Later zie je door de aas en heer te spelen of de kleur 3-3 zit of niet. Zo niet, dan kun je je kaarten op een andere kleur zetten.
Als je begint met de aas en heer, ben je bij een 4-2 zitsel (of erger) meteen twee slagen kwijt!
29)

De werkkleur is ruiten. Als je te vroeg A speelt heb je echter niets aan al die ruitens.
De oplossing is om eerst de ruitens twee keer te duiken. Pas de derde keer speel je de aas. Bij de normale 3-2 verdeling maak je nu ook de 4e en 5e ruiten.

30) Een moeilijke opgave.

Gelukkig start west klaver. Schoppen start was zo goed als dodelijk geweest.
Wat zijn je kansen? Hoe ruim je die twee verliezende schoppens op?
Misschien verrassend, maar als west A of H heeft is het contract gemaakt!

stap 1: Begin met troeftrekken, eindigend in de hand.
stap 2: Speel V voor en gooi een schoppen af als west klein legt. Stel oost neemt met de aas.
stap 3: Speel B voor en gooi weer een schoppen af als west klein legt.

Speelt west een keer een hoge ruiten, troef deze af en herhaal het kunstje.
Zitten de ruiten plaatjes verdeeld, dan worden er in totaal drie schoppens op tafel afgegooid.


x

Jos van den Dool