MADAGASCAR REISVERSLAG 2004

Deel 2: Rondreis Baobab - Tana tot Ifaty


<Dag 1 t/m dag 11>
Perinet, Montagne d'Ambre en Ankarana

<Groepsreis deel 1 >
Groepsreis: Rondreis deel 1 van Tana tot Ifaty
<Groepsreis deel 2>
Groepsreis: Tana, Perinet en Pangalanes

Donderdag 15 juli 2004 - Kennismaking met de groep
De Baobab groep
Staand vlnr: Henk, Paul, Joop, Susan, Aty, Jacqueline, Gerrit, Wim, Ruud, Henk
Zittend vlnr: Jos, Ineke, Jan, Anneke, Hero, Patricia, Judith, Marian en reisleidster Sinja

Kennismaking met de groep

Om 6 uur gaat de wekker. Van de nachtwaker hebben we begrepen dat de groep om 6:30 ontbijt. We hebben nog niets van de reisleidster vernomen en gaan dus maar op goed geluk naar de eetzaal. Hier wachten we in spanning af hoe de groep er uit ziet. Ik denk ze vannacht te hebben gezien vanuit onze kamer. Rond 1 uur 's nachts werd een bus vol kortgebroekte jongelingen uitgeladen. Allemaal mensen van rond de 20 die er afschuwelijk sportief uitzien en vreselijk druk zijn. We vrezen het ergste en denken er al aan om de groep de groep te laten.

Als we na ons ontbijt om half acht nog de enigen zijn in de eetzaal zoeken we de reisleidster maar op. Ze heet Sinja (47) en we zijn meteen weg van haar. Een vreselijk hartelijke meid. Ze is vannacht samen met de groep aangekomen. Er waren twee koffers niet aangekomen, zodat ze pas om 2 uur in het hotel waren. Tot onze grote opluchting bestaat de groep uit allemaal mensen van wat oudere leeftijd. De groep die ik vannacht aan zag komen waren Franse jongeren die in hetzelfde vliegtuig zaten. We zijn dolblij. Om halftien komen we samen voor een eerste groepsbespreking.

We hebben dus twee uur de tijd om de stad in te gaan. We lezen voorlopig onze laatste e-mail. De komende 2 weken zal daar weinig gelegenheid voor zijn. Er zijn mailtjes van Ans, Bob en Mario&Wilma. We lopen nog even over de vaste markt. Vroeger was er één grote markt in Tana, de Bomas, maar die hebben ze opgeheven. Nu zijn er over de hele stad een groot aantal kleinere markten.

Rond halftien zijn we terug. Snel de koffers beneden gebracht en naar de bijeenkomst op de 3e verdieping. De groep wordt na een inleidend praatje van Sinja voorgesteld. Op een enkeling na zit iedereen in het onderwijs. Jacqueline komt uit Rotterdam en werkt bij de GGD samen met de schoolarts van de Finlandia. Het lijkt ons een rustige, sympathieke groep en we hebben er weer helemaal zin in.

Rode sawa's en kleine nederzettingen

We beschikken over een voor hier luxe bus. Volgens Baobab zelfs de meest luxe van heel Madagascar. Onze chauffeur heet Mark en zijn hulpje Mammy . Om 10:45 verlaten we het hotel en gaan we richting Antsirabe. Het is weer een hele klus het drukke Tana te verlaten en we zijn pas na het middaguur buiten de stad.

Madagascar bestaat uit een centraal plateau. Naar de oostkust daal je af naar tropische, groen regenwouden terwijl het westelijke laagland woestijnachtig droog is vol cactusachtige planten. Het centrale plateau strekt zich over nagenoeg het hele eiland uit. De eerste dagen zullen we via dit plateau naar het zuiden rijden.

Op het plateau wordt veel aan rijstbouw gedaan. De dalen zijn een aaneenschakeling van rijstvelden. Het doet erg Indonesisch aan. Alleen aan de rode grond, Madagascar heet niet voor niets het rode eiland, kun je zien dat je niet in Azië, maar in Afrika bent. De bevolking doet ook erg Indonesisch aan. De historici zijn er nog niet over uit, maar het is zeer waarschijnlijk dat de bevolking hier in de prehistorie met de boot vanuit Indonesië is gemigreerd. Ze hebben niet alleen een Indonesisch uiterlijk, ook de landbouwtechnieken hebben duidelijke parallellen.

In Madagascar zijn en dertiental bevolkingsgroepen, waarvan er slechts twee van Afrikaanse origine zijn. Elke groep heeft zijn eigen religie en vaak erg bijzondere gebruiken en rituelen.

In de busDe gehele dag rijden we door de ontelbare rijstvelden. De weg is prima. Er is veel geasfalteerd en de nieuwe regering lijkt zijn belofte waar te maken om de infrastructuur sterk te verbeteren. Tijdens de bijna-burgeroorlog van twee jaar terug heeft de toenmalige machthebber alle belangrijke bruggen op laten blazen. We zien hiervan de resten. Noodbruggen hebben de verbindingswegen weer hersteld.

We verlaten een paar keer de bus om het landschap te proeven. Eerst lunchen we bij een prachtig uitzichtpunt. Voor broodjes en limonade is gezorgd. Prima! Zo'n lunch is een prima gelegenheid de mensen wat beter te leren kennen en reiservaringen uit te wisselen. Het is zoals verwacht een bereisde groep. Madagascar staat normaal gesproken niet als eerste op je lijstje als je de wereld gaat verkennen.

Ook stoppen we bij een kleine nederzetting. Hier mogen we in een huis kijken. Beneden leven de dieren en boven wordt er geleefd. Erg primitief allemaal. Elke Baobab groep stopt op deze plaats en de hele buurt loopt uit als we er aan komen. De afspraak is dat toeristen foto's mogen maken als ze die dan later meegeven aan een volgende groep. Een ideale samenwerking. Bij een rijstveld zien we een prachtige malanchite ijsvogel en in de verte vliegen twee felgroene bijeneters.

‘Salim Vazah (Welkom vreemdeling)!!'

Telkens als we even stoppen hebben we binnen de kortste keren tientallen kinderen om ons heen. In tegenstelling tot andere landen gaan niet meteen de handjes omhoog om te bedelen, maar worden we hartelijk verwelkomd met de kreet ‘Salim Vazah !!' (‘Welkom vreemdeling'). Henk heeft een mondharmonica bij zich en dat vinden de kinderen prachtig. Hij krijgt hele groepen aan het zingen. Ook kent hij wat acrobaten trucjes en dat vinden ze natuurlijk helemaal fantastisch.

Sinja is helemaal verliefd op Madagascar. Ze vertelt honderd uit over de vele taboes, dodencultuur en volkeren die hier leven. We reizen nu door het land van de Betsileo. Zij besteden 80% van hun inkomen aan het vereren en verzorgen van hun voorvaders. Er worden prachtige graven gebouwd, waarin de beenderen van de voorouders worden bewaard. Geregeld worden zogenaamde ‘familie Hah' feesten georganiseerd waarvoor het hele dorp wordt uitgenodigd. Hierbij worden van een bepaalde voorouder de beenderen uit de tombe gehaald. Na een wasbeurt worden de beenderen voorgesteld aan nieuwe familieleden en krijgen ze een rondje langs hun voormalige bezittingen om te kijken of de nazaten er geen rommeltje van hebben gemaakt.

Graven

Antsirabe

Om 18 uur komen we tegen donker aan in Antsirabe. Het bijzondere van deze plaats is dat het meeste vervoer per pous-pous plaats vindt. Dit is een door mensenkracht voortgetrokken karretje op twee wielen. De auto is hier nagenoeg uit het straatbeeld verdwenen. Heel apart.

We hebben een hotelkamer met balkon aan de straatkant. Hier genieten we een tijdje van het drukke straatbeeld met zijn bijzondere pous-pous karretjes. De concurrentie is hevig. Vooral om de klandizie van de rijke toeristen wordt flink gestreden. Als je maar even je hoofd laat zien schreeuwen ze het nummer van hun pous-pous naar je. ‘Take three !!', ‘Remember me sir, number fourteen !!', ‘I wait, number five sir. Five !!!'. Wel erg opdringerig, maar ze blijven vriendelijk lachen en zijn ze wel in voor een dolletje.

Vanavond eten we met z'n allen in een klein restaurantje van een Fransman. Er is speciaal voor ons een bandje opgetrommeld. Het is heel gezellig en het eten een absolute aanrader. Vooral de gefrituurde aubergines met camembert is een topper. Voor 5€ eten we ons buikje helemaal rond. Nadat we allemaal op een goede vakantie hebben getoast gaan we terug naar het hotel. We besluiten met de pous-pous te gaan. Hoewel we er op letten de prijs goed af te spreken vragen ze het dubbele voor de 100 meter naar het hotel. Heel vervelend allemaal. Om 10:45 liggen we op één oor.

Vrijdag 16 juli - Antsirabe

Met de pous-pous naar de markt van Antsirabe

We zitten helemaal in het goede ritme en zijn om 6:30 al op. Om 7 uur ontbijten we om de hoek bij een bakker. Lekker vers brood. Op weg naar hier werden we al door een aantal pous-pous lopers aangesproken. Hoewel we ‘no, no, no' blijven roepen wachten er een paar tot we uitgegeten zijn om hun geluk nogmaals te proberen.

We besluiten naar de markt te gaan en regelen één van de pous-pous mannen. Het is ongeveer tien minuten. Het eerste stuk is vrij vlak, maar vlak voor de markt moet hij ons een gemeen holletje op trekken. Hij is niet de enige. Een hele rij ploetert zijn weg naar boven. We voelen ons wat ongemakkelijk, maar het is voor deze mensen de enige manier wat te verdienen. Geen gebruik maken van de pous-pous ontneemt ze een welkom extraatje.

Bij de markt aangekomen geven we een leuke tip. Hij dringt aan om op ons te blijven wachten, maar die verplichting gaan we niet aan.

De markt is erg groot. Allemaal smalle paadjes en kleine op elkaar gepakte kraampjes. Alles is wel bij elkaar te vinden. Vis bij vis, vlees bij vlees enz. De visafdeling stinkt enorm. Om de vis goed te houden is het meeste gedroogd. Deze stokvis ligt op grote hopen en ziet er niet uit. De goedkope schoenen worden hier van oude autobanden gemaakt.

De groente en fruit afdeling ziet er kleurig en schoon uit. We nemen volop foto's. De mensen vinden het prachtig om op de foto te gaan, vooral als ze hierna zichzelf op het schermpje van de digitale camera terug kunnen zien. De kinderen zwaaien naar ons en roepen ‘Fazah' (vreemdeling). Als we nietsvermoedend langs een kraam lopen wordt er vlak voor ons een eend onthoofd. Dat is het sein om langzaam terug te lopen naar het hotel. We komen langs een paar leuke kraampjes. Bij eentje worden allerlei gebruiksvoorwerpen gemaakt van lege blikjes. Vooral de maatbekertjes gemaakt van Nutricia babyvoeding zijn vertederend.

Ien zoekt nog naar een leuke souvenirwinkel, maar verder dan winkeltjes die moeder Maria in alle vormen en maten in de aanbieding hebben komen we niet. Op straat kun je wel van alles kopen, maar we hebben geen idee hoeveel de spullen overprijsd zijn en hoeveel we dus moeten afdingen. Uiteindelijk kopen we maar een miniatuur pous-pous bij de balie van ons hotel, terwijl bij de ingang van het hotel een tiental verkopertjes hun waren aanschreeuwen.

Het voorgerecht van gisteravond beviel zo goed dat we het nu als lunch nemen. We zitten even op het terras, maar als de verkopers weer massaal spullen aan komen prijzen vluchten we naar binnen. Terug bij het hotel staat Henk te dollen met de pous-pous mannen. Hij laat zo'n man in de kar zitten en gaat er zelf als loper vandoor. Ondanks zijn 68 jaar loopt hij als een gazelle en spurt al die andere verbouwereerde lopers voorbij. De mannen komen niet meer bij van het lachen.

Onderweg naar Ambositra

Het is een paar uur rijden naar onze volgende bestemming Ambositra (spreek je uit als ‘Amboesj'). We komen weer langs de oneindige rijstvelden en ook vandaag gaan we er een paar keer uit om de benen te strekken. In dit gebied zijn veel steenbakkerijen. Ze stapelen de rode stenen van klei op een grote hoop. Binnenin laten ze ruimtes open, waar ze gedurende een aantal dagen een vuurtje stoken. Zo worden de binnenste stenen gebakken. Hierna worden de goede stenen afgevoerd en begint het proces weer opnieuw.

Om halfzes arriveren we in Ambositra. Ons hotel ligt midden in de stad aan een drukke smerige straat. Het valt gelukkig allemaal mee en we hebben een gezellig klein kamertje. Sinja had ons iets te enthousiast gemaakt door te vertellen dat het hotel een prachtig uitzicht heeft over de omringende rijstvelden. Dan valt een dode muur wat tegen. Met de rug van Ien gaat het prima. Nog niet helemaal over, maar wel bijna.

We eten vanavond met de groep in het hotel. Lekker eten en gezellig gekletst met Ruud, Wim en Jacqueline.

 

Zaterdag 17 juli - Ambositra

 

Wandeling met meneer Louis

We blijven vandaag in Ambositra. Na het ontbijt gaan we met meneer Louis op pad. Hij praat heel rustig Frans en dat is zelfs voor ons nog een beetje te volgen. We maken een wandeling vanuit de stad naar de rijstvelden in de omgeving. Meneer Louis vertelt veel over het gebied. Eerst komen we langs planten waar een soort zijderups leeft. Van de ruwe cocons wordt een draad gesponnen, waarvan lijkwaden worden gemaakt. Een intensief proces. De rupsen en cocons kun je gewoon langs de weg vinden. Ook horen we van de vreemde gewoonte dat een huis verlaten wordt als de hoofdbewoner overlijdt. Talloze huizen staan leeg en mogen lange tijd niet worden bewoond. Meestal wordt er naast dit huis voor de mensen die achterblijven een nieuw huis gebouwd.

Als we wat klimmen hebben we een prachtig uitzicht over de rijstvelden en kleine nederzettingen. Boven op de heuvel staat een klein museum. Hier heeft ooit het paleis van de Betsileo koning gestaan. Na een verloren oorlog tegen de heersers uit Tana is het paleis verwoest en zijn alle mensen van hier afgevoerd als slaaf naar Tana. Naast ‘stad van de rozen' heeft Ambositra ook de bijnaam ‘stad van het gevloeide bloed'.

Vanaf het museum lopen we over de dijkjes van de rijstvelden naar een kleine nederzetting waar ze van rozenhout beeldjes en andere spullen maken. Het is een specialiteit van het gebied. Deze kunst is echter op zijn retour door gebrek aan rozenhout. Er is zoveel gekapt dat en nog maar weinig over is. De prijs van rozenhout is inmiddels gestegen tot astronomische hoogtes waardoor voor het einde van deze nijverheid gevreesd moet worden.

Bij het vervaardigen van potten en kandelaars wordt het hout gedraaid op een primitieve draaibank. De beitel wordt aangedreven door een fietswiel die door een tweede persoon rond gedraaid moet worden. We kopen wat spulletjes en lopen hierna terug naar Ambositra.

Naast rozenhout bewerking is Ambositra ook bekend om zijn ingelegde houtsnijwerken. Van diverse soorten hout, op kleur geselecteerd, worden vormen gezaagd. Deze worden in een gat geperst van ongeveer gelijke grootte. De mooiste mozaïek houtsnijwerken worden in een handomdraai gemaakt. Als je een eigen ontwerp hebt kan het op bestelling worden gemaakt. Een prachtig ingelegd doosje kost maar 2 euro! Ien mag de kunst even proberen, maar dat valt niet mee.

We willen nog wat kopen, maar de bij de werkplaats horende winkel is gesloten. In een ander winkeltje kopen we nog wat spulletjes, maar die hebben niet die leuke doosjes waar Ien verliefd op is geraakt.

Bezoek aan kindertehuis

Het is inmiddels tropisch gaan regenen als we met een kleine groep de taxi nemen naar een door Baobab gesponsord kindertehuis. Hier worden momenteel 18 kansarme kinderen opgevangen en krijgen ze naast onderdak ook een opleiding. Er bestaat wat verwarring omdat er steeds gesproken wordt over ‘weeshuis'. De ouders blijken echter allemaal nog te leven, maar niet in staat te zijn voor de kinderen te zorgen. Als de ouders het willen en zich positief opstellen kan er gewoon contact zijn tussen de ouders en kinderen. De eigenaresse van ons hotel, tevens burgemeester van Ambositra, is de oprichtster van het tehuis. Naast Baobab wordt het ook gesponsord door een Nederlandse groep mensen. We worden hartelijk welkom geheten met een liedje. De oudste is 17 jaar, de jongste 2 jaar. De ruimte is vrij klein en er slapen 2 kinderen in één bed. De twee oudsten zullen de eersten zijn die het huis verlaten. Ze hebben beiden een opleiding als naaister gehad en kunnen binnenkort in hun eigen levensonderhoud voorzien. We krijgen een rondleiding. Alles is erg netjes, maar kaal. De juf heeft naast deze kinderen ook een eigen klas met maar liefst 60 kleuters van 3,5 tot 4,5 jaar. Ongelofelijk dat je naast zo'n baan het tehuis er naast kan doen. We hebben wat cadeautjes meegenomen en op tafel uitgestald. Verlangend kijken ze er naar, maar niemand haalt het in z'n hoofd om wat aan te raken. Naast de pennen, opblaasballen, haarspeldjes en andere spulletjes heeft Henk ook iets praktisch meegenomen: zaad van Hollandse groenten! Hij heeft gelezen dat de gewassen hier van mindere kwaliteit zijn en ze wel Hollandse topkwaliteit kunnen gebruiken. Het wordt in dank aangenomen en zeker gebruikt in hun moestuintje. Na een afscheidsliedje nemen we de taxi weer terug naar de stad.

Vanavond eten we in het Grand hotel. Het is een hele klus er te komen. Er is geen straatverlichting en we moeten haast op de tast onze weg vinden. We voelen ons ook niet helemaal veilig. Als we besluiten terug te gaan komt iemand ons helpen. We vertrouwen het niet zo en lopen schoorvoetend mee. En zowaar, om het hoekje brand er op één plaats licht en daar moeten we zijn. Atie en Jan zitten er ook.

Als we na het eten terug gaan lopen we even naar het restaurantje waar anderen hebben afgesproken. Het is daar een dolle boel, al lijkt de punch ook een rol te spelen. Wij schuiven nog even aan voor de gezelligheid. Bij het restaurantje hoort ook een winkeltje met houtsnijwerk. Continue duiken mensen in het winkeltje om wat souvenirs te scoren. Even een slokje punch en dan weer terug. De eigenaren hebben de avond van hun leven als we met tassen en dozen vol houtsnijwerk aan het eind van de avond terug gaan naar het hotel.

Zondag 18 juli - Ranomafana

Marianne is jarig. We hebben wat cadeautjes voor haar gekocht. Oorbellen en een sjaal. Bij het ontbijt zingt de groep voor haar. Ik probeer in het hotel van gisteravond te internetten. Er werd toen gezegd dat het kon, maar dat blijkt nu niet zo te zijn. Met de zoon van een medewerker ga ik op zoek naar een internetcafé, maar alles blijkt op zondag gesloten te zijn. We vertrekken vandaag weer en gaan naar het natuurpark Ranomafana.

Na het inslaan van koekjes en andere versnaperingen gaan we op weg. Na een tijdje verlaten we het asfalt van het plateau en zakken we af naar de jungle in het oosten. Het was vroeger een vreselijk slechte weg, maar dat valt nu enorm mee. Bij een waterval stoppen we even langs de weg. Wat later in het seizoen zitten hier veel kleurige mantilla kikkers, familie van de Zuid-Amerikaanse gifkikker. Het is nu winter en ze blijken nog in de winterslaap te zitten. Erg jammer. We hadden verwacht dat het in deze regentijd een waar kikkerfeest zou zijn.

Om vijf uur zijn we in het plaatsje Ranomafana, zo'n zeven kilometer buiten het park met dezelfde naam. Het park is bekend geworden door de herontdekking in 1987 van twee uitgestorven gewaande lemuren, de gouden bamboelemuur en de grote bamboelemuur. Sindsdien hebben onderzoekers en toeristen zich op dit stukje jungle gestort. De gevolgen zijn overduidelijk. Het dichte groen van het park aan de andere kant van de rivier staat in schril contrast met de kaalgeslagen heuvels aan deze kant. Gelukkig voor de natuur, maar helaas voor ons, zijn slechts kleine delen van het park opengesteld voor het toerisme. Hoewel er relatief weinig toeristen zijn, kom je ze op die paar hectares continue tegen.

Na een welkomstdrankje zoeken we onze kamer op. We zijn blij verrast. In plaats van het primitieve onderkomen zonder douche en toilet dat in de reisgids staat vermeld hebben we een luxe grote kamer met alle faciliteiten. Perfect!

In het gezellige restaurant hebben we weer een gezamenlijk diner. Marianne en Hero betalen de drank. 'Het kost toch geen drol'. Ien kletst gezellig met Judith, Hero, Marianne en Sinja. Na het eten houdt Sinja haar traditionele voorbespreking. De wijn is haar echter de baas en we liggen dubbel van haar ietwat onsamenhangend betoog. Na het eten nog even koffie en thee gedronken op het terras. Heel gezellig. We hebben echt geboft met de groep.

Als we naar bed gaan komen we Patricia tegen. Ze is licht in paniek. Op haar douchegordijn zit een kikker. We gaan er meteen op af. Het is een prachtig lichtoranje exemplaar met donkeroranje poten. Een schatje. Ik zet hem buiten op een plant en zet hem in alle standen op de foto en film. Er wordt flink gelachen om onze kikkerliefde, maar wij gaan nu met een extra tevreden gevoel naar bed.

Maandag 19 juli - Ranomafana

Met Rody op 'klungletocht'

We worden voor achten bij de ingang van het park afgezet. De groep wordt drie delen opgesplitst. Sinja heeft voor ons een eigen gids geregeld. Wij willen wat meer tijd in het park doorbrengen. Ook kunnen we nu ruim de tijd nemen om te fotograferen en hoeven anderen niet op ons te wachten. Onze gids heet Rody en blijkt drie keer niks te zijn. Hij is één van de gidsen die Baobab standaard neemt. Later lezen we in oude reisverslagen dat anderen ook ontevreden waren met hem. Hij raast als een marathonloper door het bos. Steeds 10 meter voor ons. Hij vertelt niets en op onze verzoeken rustiger aan te doen reageert hij niet. De grootste ramp is dat hij de hele dag niet één dier zelf heeft gevonden. Nog geen sprinkhaan. Gelukkig zijn er zoveel groepen toeristen en onderzoekers in het bos dat we gebruik kunnen maken van de resultaten van hun gids. Jammer, want het park op zich heeft erg veel te bieden. Pech dat we gisteren niet zelf een gids konden regelen en onze wensen en eisen kenbaar konden maken. Zo kun je bijvoorbeeld naar de verderop gelegen primary forest, waar je de 'black and white rufted lemur' en mantilla kikkers kunt vinden. Het valt buiten het standaard rondje, maar is op een dag goed te doen. Rody had er geen zin in en liep liever drie keer hetzelfde standaard rondje.

Dankzij de andere gidsen en onderzoekers kregen we vandaag wel de zeldzame grote bamboelemuur en de Edward's diadeem sifaka te zien. Door geklooi van Rody misten we als enigen de golden bamboo lemuur en zagen we de sifaka's pas toen iedereen ze al had gevonden en ze al in rust waren. Buiten een enkele kleine kameleon en een leaftail gekko, beiden gevonden door een andere gids, zagen we weinig. Aan het eind kwamen we op de plek waar ze dieren lokken met kaakjes en bananen. Hier zagen we een tamme ringstaart mongoose omringd door een grote groep mensen.

Jammer, juist van Ranomafana had ik me veel voorgesteld. Het is tot nog toe de sof van de reis.

De groep is wat eerder met de bus terug gegaan. Wij wachten in het guesthouse/restaurant bij de ingang een paar uur op de groep die hier vanavond weer terug komt voor de avondwandeling. Het is inmiddels tropisch gaan regenen. In het primitieve guesthouse kletsen we gezellig met een Australisch meisje en een Frans stel dat op hun 47e alles in Frankrijk heeft verkocht en nu al 10 jaar een zwervend reizigersbestaan leiden. Het Australische meisje heeft net met de fiets een paar weken door het moeilijk toegankelijke zuiden geploeterd. Erg leuke mensen. Ien heeft het vreselijk koud en mag de slaapzak van het meisje lenen. Ziet er niet uit. Ze lijkt wel op de noordpool te zitten.

Door de regen schuilen in het restaurant tientallen prachtige vlinders. De mooiste is de prachtige felgele komeetmot. Deze is zo groot als je hand met van onderen nog twee grote fraaie 'staartfranjers'. Er zitten wel drie exemplaren van deze soort in het guesthouse.

Nachtelijke file Ranomafana park

De groep komt flink later dan afgesproken. De regen blijkt meer dan de helft thuis gelaten te hebben en de rest heeft even gewacht op wat beter weer. Het is net even droog als we het park in gaan. Boven op de heuvel is een plek waar ze de zeldzame fossa, een genetkat, en muislemuur lokken met voer. Een hoog dierentuingehalte dus, maar wel de enige manier om deze dieren te zien. Het is boven overvol en iedereen verdringt zich om die ene boom waar met een banaan een muislemuur wordt gelokt. Echt een afgang. Bij de picknickplaats lopen twee fossa's rond op zoek naar stukjes vlees. Mooie dieren, maar ook hier wordt je overmand door een slecht onderbuikgevoel. Als we teruglopen vinden we met de zaklantaarn nog een paar kameleons en een mooie leaftail gekko. Gids Theo is een verademing na de suffe Rody van vandaag.

Om 8 uur zijn we weer terug in het hotel.

Dinsdag 20 juli - Andringitra

Het is vandaag een behoorlijke rijdag naar het Andringitra gebergte. Deze bestemming is pas sinds kort in het programma opgenomen. De weg was tot twee jaar terug zo goed als ontoegankelijk. Om 7:30 vertrekken we en komen om 14:00 bij de afslag naar het park. Onderweg stoppen we een paar keer bij mooie uitzichtpunten en lunchen we in het dorpje Vianarantsoa. Hier verkopen ze erg leuke souvenirs en als we vertrekken ligt de bus vol met raffia placemats, blikken autootjes en andere prullaria.

Weg van het asfalt naar het afgelegen Andringitra NP

Om 14:00 zijn we dus bij de afslag naar Andringitra. Hier stappen we over van de bus in een truck van ons kamp. Wij zitten vanwege Ien haar rugproblemen voorin en de rest achter in de bak. Er wordt hard aan de weg gewerkt om het gebied toegankelijk te maken. Dit gaat erg primitief. Klein gehakte steentjes worden met de hand tegen elkaar aan gelegd om de weg te verharden. Enorm arbeidsintensief, maar het resultaat is een stukje eersteklas weg. Hele dorpen werken mee aan het project.

Bij de ingang van het park stoppen we even in een leuk dorpje. De hele bevolking loopt uit om ons te zien. Het zijn hele vriendelijke mensen. Alle kinderen staan soms wat verlegen te zwaaien en roepen ‘Salim Vasá !! '. Je kunt er foto's van blijven nemen. Als we de tickets hebben trekken we een onherbergzaam gebied binnen. Hoge bergen, open landschap en voornamelijk lage begroeiing. Wij hadden meer groen verwacht, maar worden toch aangenaam verrast door het fraaie landschap. Onderweg begint het te regenen en even te onweren. Na twee uur hobbelen komen we aan bij ons kamp aan de rand van het park. Het Andringitra park zelf begint achter de bergen en is vanaf hier onbereikbaar. Je kunt er alleen door een lange trek komen. Geen nood, hier is ook zat te doen en zien.

Tentenkamp in fantastische omgeving.

We verblijven de komende twee dagen in een uit grote legertenten bestaand kampement. Het zijn grote luxe tenten met een houten vloer, twee bedden met muskietennet, hangkastje en bedkastje. Naast de tent is een wastafel met spiegel, zeep en handdoek. Achter de tent is buiten de douche en toilet. De douche bestaat uit een omgekeerde jerrycan waarin door de zon verwarmd water zit. Met een ingenieuze sproeier kun je onder deze constructie douchen. In het midden van het kamp is een grote eettent met rieten dak. Al met al een verrassend leuk kamp.

Na een welkomstdrankje gaan we de omgeving verkennen. Het uitzicht is prachtig. Achter het kamp is een meertje en watervalletje. De begroeiing is door een koereigerkolonie uitgekozen als overnachtingsplaats. In de enige boom van het kamp zitten twee grote bruine kameleons. Bij het meertje groeien aparte bloemen en planten waaronder een mooie gele bloem die alleen hier voor schijnt te komen. Op een steen zitten bewoners van een kilometer verderop gelegen dorp te kijken naar die rare witneuzen.

Als het donker wordt krijgen we een olielampje voor in de tent. Gezellig. Ook de eetzaal is op deze manier verlicht. Als het begint te regenen blijkt het rieten dak niet waterdicht. Het water komt met stralen naar beneden. Degenen die de paraplu bij zich hebben zetten hem op. Minder gelukkigen demonteren de uit 2 planken bestaande stoelen en schuilen hier onder. De al gedekte eettafel is een grote bende en wordt weer afgehaald. De hilariteit is groot. Het dak schijnt niet genoeg gedroogd te hebben voor de plaatsing, waardoor er gaten ontstonden toen het riet echt droog werd. Ze vinden het hier geen probleem, want ‘het regent toch nooit'. Vandaag is een uitzondering en dat nemen ze voor lief.

Als de bar open gaat blijken ze allerlei zelfgemaakte drankjes te hebben. We proberen de rum met bananensmaak en rum met gember. Je wordt er aardig teut van, maar echt lekker is anders.

Na een uurtje hozen is het weer droog en wordt alles afgedroogd waarna de tafel weer wordt gedekt. We eten verplicht Malagasy smurrie. Erg goed voor de lijn. Rond 10 uur naar bed.

Woensdag 21 juli - Andringitra

We zijn al voor zonsopkomst buiten. Niet voor niets want de bergen kleuren prachtig in het vroege zonnetje. Henk wijst me op een superplekje bij het meertje, waar ik een wereldfoto maak van de in het spiegelgladde water gespiegelde bergen. We hebben veel contact met de gids Ramon. Hij komt ons halen voor iets speciaals. In de hoge begroeiing heeft hij een grote slang, een boa, ontdekt. Het twee meter lange dier ligt te zonnen en beweegt nauwelijks. Een paar denken zelfs dat hij dood is, maar als ik er even in peur kijkt hij me verstoord aan.

In het kamp loopt ook een kip rond dat twee jonge eendjes heeft geadopteerd. Moeder eend zal gisteravond wel in de smurrie zijn verdwenen.

Wandeling rond tentenkamp

Na een heerlijk ontbijtje gaan we om 8:30 op pad. We worden de eerste 2 km door de truck op pad geholpen. Daar splitst de groep zich in tweeën. De sportieve helft gaat een hoge berg, de ‘kameleon', beklimmen. Een hele klim, maar het uitzicht daar is geweldig. De meeste halen het, maar dan wel op het tandvlees.

Wij kiezen voor een wat rustiger wandeling door het dal. Vooral ook omdat er dan vanmiddag tijd is om op zoek te gaan naar een groep ringstaartmaki's. Het zonnetje schijnt en het is fantastisch wandelweer. Het eerste stukje gaat door een bos waar wat schuwe ringstaartmaki's zitten. Ze laten zich even zien, maar ik ben de enige die een glimp van ze op kan vangen. We genieten van de wandeling. Prachtige uitzichten en een lekker weertje. Wat wil je nog meer. Onderweg komen we bij een riviertje een prachtig geel kikkertje tegen en even verderop plukt gids Ramon een grote sprinkhaan op. Als het dier zijn vleugels spreidt zijn deze helemaal rood. Een prachtig exemplaar.

Rond enen zijn we weer terug in het kamp. We rusten even uit en wachten op de sportieve bergbeklimmers.

Door enkelhoge koeienstront naar de ringstaartmaki's

Als de klimmers om half vier uur nog niet terug zijn besluiten we maar zonder hen naar de plaats te gaan waar zich een groep ringstaartmaki's ophoudt. We moeten eerst de rivier over bij de waterval. Hier is een smal muurtje gemaakt. Jaqueline ziet het niet zitten en gaat terug. Ien twijfelt, maar haar wil om de maki's te zien overwint. Het is ruim een half uur lopen naar een bebost stukje tegen de wand van een berg. Ramon gaat vooruit en vindt al vrij snel de groep. Wij met z'n zessen er achteraan. En ja hoor, daar zijn ze. Kicken!! Het is een groep van ongeveer 10 dieren. Ze zijn gelukkig niet schuw en we kunnen ze tot op 10 meter naderen. Een prachtig gezicht zo tegen de rode avondkleuren. We kunnen er een half uurtje bij blijven.

Om halfzes moeten we snel naar beneden. Deze plaats wordt door de lokale boeren gebruikt om hun vee in te drijven en als we niet snel genoeg beneden zijn zitten we in de val. We begrijpen nu ook meteen wat die ‘klei' is waarin we tot onze enkels weg zakken. Koeienstront!! We zijn net op tijd uit de natuurlijke coral. Vanuit het niets komen overal kuddes met tientallen koeien aanzetten, begeleid door jonge herders. Ook dit schouwspel hadden we niet willen missen. Een prachtige zonsondergang maakt het helemaal een superdag.

Als we terug zijn in het kamp zijn de bergbeklimmers ook terug. De tocht was indrukwekkend mooi, maar wel heel erg zwaar. Jammer dat we morgen al weer weg gaan. Ik had de tocht ook graag gemaakt.

'Scheidsrechter' fluit optreden stuk

Als het gaat schemeren komen de olielampen weer tevoorschijn getoverd en geven het kamp een gezellig sfeertje. In de eettent nemen we een biertje en maken ons op voor een optreden van een bandje uit het naburige dorp. Het begin is hoopgevend als ze met drie trommels en twee blokfluiten de tent betreden. Een knul heeft echter van Sinterklaas een scheidsrechterfluit gekregen en pijnigt voortdurend onze oren. Na een half uur is het gelukkig afgelopen. Zonder die flierefluiter was het best leuk geweest, maar nu een regelrecht drama. Op het optreden is het hele dorp afgekomen. Verlegen giechelend staan ze met grote ogen naar het gebeuren te kijken. Je kunt duidelijk zien dat het park nog maar pas open is en er nog niet veel toeristen de plek hebben gevonden. Als we om 10 uur naar bed gaan is het flink afgekoeld en we zijn blij met de extra dekens.


Donderdag 22 juli - Andringitra naar Isalo NP


Om 6 uur zijn we al op en zien als enigen de prachtige zonsopkomst. We pakken snel de koffers zetten die bij de truck. Als de groep ontwaakt verlaten we het kamp en lopen we door het prachtige landschap al vast een stuk vooruit. De truck volgt dezelfde route en zal ons ergens onderweg oppakken.

Het is aanvankelijk lekker fris, maar als de zon aan kracht wint moeten er steeds meer kledingstukken uit. Het is een mooie route. Lopend is weer heel anders dan vanuit de truck. Af en toe staan er wat huisjes met vriendelijk lachende mensen. Op een veldje wordt met twee onwillige ossen geprobeerd de grond om te ploegen.

Even voor negenen komt de truck er eindelijk aan. We hebben er dan al heel wat kilometertjes op zitten. Achter in de truck hobbelen in twee uur naar de weg. Vlak na het dorpje, dat we de vorige keer ook bezochten, begeeft de truck het. Het is nog een kilometer naar de weg en de meeste doen dit lopend. Na een half uurtje is de truck gerepareerd en kan de bagage in de bus worden geladen. We gaan op weg naar onze volgende bestemming, het Isalo Nationale Park.

Savanne zonder wilde dieren

Het is een lange rijdag, dat ons voert over een hooggelegen uitgestrekt plateau. In het midden van dit plateau gaan we er uit en bevinden we ons in het oneindige niets. Zover je kunt kijken zie je een vlakte met zijn lage, wuivende, droogbruine grasvelden. In de Baobab beschrijving mijmeren ze over typisch Afrikaanse savannen waar de wilde dieren ontbreken. Alleen herders met enorme kuddes zeboes breken af en toe het landschap.

Om half vijf komen we aan in het plaatsje Isalo. In het dorp regelt Sinja de gidsen voor morgen en wordt de snoepvoorraad bijgevuld. Het gezellige hotelletje ligt net buiten het dorp. Ook nu weer een nieuw onderkomen met douche en toilet op de kamer. Helaas is de warmwater installatie kapot en moeten we ons douchen met koud water. Het is hier nu winter en als de zon weg is behoorlijk fris.

Terwijl Ien met de groep gezellig buiten op het terras aan de wijn zit zoek ik een ‘rustig' plekje langs de weg op om de zon onder te zien gaan achter de bergen van het Isalo gebergte.

De groepsmaaltijd bij kaarslicht is weer heel gezellig. Om tien uur wordt de generator uitgezet en moeten we snel naar bed.

Vrijdag 23 juli - Isalo NP: Canyon de Singes

Om kwart over zes staat er een emmer warm water buiten om ons te wassen. Goede service. Later op de dag wordt de generator aan onze kant op ietwat sullige manier gerepareerd. Sinja staat naast de moeilijk kijkende reparateur. Ze vraagt in haar onschuld of het schakelaartje niet op ‘aan' moet staan. ‘Geen idee' is het antwoord. Als de man het knopje toch maar omdraait slaat het apparaat aan en is er weer warm water.

De komende twee dagen gaan we het prachtige Isalo park bezoeken. Vandaag naar de bekende kloof ‘Canyon de Singes', waar we de prachtige Verraux sifaka's en ringstaartmaki's hopen te vinden. Morgen een zware wandeling dwars door het ruige park.

Ringstaartmaki's en sifaka's in Canyon de Singes

Na het ontbijt gaan we met drie gidsen naar de ingang van het Isalo park. Het is een uurtje hobbelen over een vrij slechte weg. Vlak bij de ingang van de canyon gaan we er uit. De groep wordt in drieën verdeeld. Wij kiezen voor de langzame groep. De zon schijnt fel en we zijn blij als we de vanuit de sawa's het beschutte bos van de canyon in duiken. Hier openbaart zich een klein paradijsje. Prachtig, prachtig. Een kabbelend beekje, palmen, grote varens, yucca's, enorme keien en vooral veel groen. Achter elke rotsblok verwacht je Adam en Eva te vinden. Hoe verder we in de kloof komen hoe lastiger het wordt. Het pad wordt steeds rotsachtiger en we moeten steeds vaker klauteren over de enorme rotsblokken. We worden door een andere groep gewaarschuwd dat zich in een zijpad ringstaartmaki's bevinden. Wij er op af. We kunnen ze aanvankelijk niet vinden, maar als we terug lopen blijken ze in een boom vlak boven ons hoofd te zitten. Het zijn er drie. Leuk om ze weer te zien.

Terug in de kloof wacht ons de volgende verrassing. Een grote groep Verraux sifaka's laat zich van nabij bewonderen. Prachtige dieren, die enorme sprongen kunnen maken van boom naar boom. Ze komen in principe nooit uit de bomen, maar als ze dit toch moeten doen huppelen ze op heel bijzondere wijze. Vandaag blijven ze in de bomen. We kunnen fantastische opnames maken van deze dieren. Plotseling hebben ze er genoeg van en met een paar grote sprongen verdwijnen ze in het bos. Deze sifaka stond heel hoog op onze verlanglijst en we zijn opgetogen ze zo goed te hebben gezien. Door het wegvallen van Zuid-Madagascar uit het reisprogramma was dit de enige plek waar we ze konden zien!

De meeste van de groep lopen tot aan het eind van de canyon. Wij blijven op ons gemakje een beetje halverwege hangen in de hoop de groep sifaka's nog een keer te zien. Op de terugweg zien we nog een prachtig malanchite ijsvogeltje. Als we terug zijn bij de bus zit de groep al een uur op ons te wachten. In de hitte snakken ze naar een biertje. Dat gaan we dus snel halen in het hotel.

Paarse zonsondergang over Isalo

Om vier uur gaan we met de bus naar een plek aan de rand van het Isalo park. Vanuit een klein museum zoeken we op een heuvel een mooi plekje om de zonsondergang met het Isalo gebergte op de achtergrond goed te kunnen zien. Als de zon daalt kleurt het bruine gesteente prachtig op. Het wordt helemaal spectaculairder als de lucht verkleurt naar oranje, roze en later zelfs paars. De gekleurde wolkenslierten maken het helemaal af. Misschien wel de mooiste zonsondergang die we ooit hebben gezien! Een prachtige afsluiting van een superdag. Als we terug zijn viert de hele groep deze dag met een lekker biertje op het terras.

Zaterdag 24 juli - Isalo NP: Wandeling van 16 km

Piscine naturel

Om half acht gaan we met de bus naar een tweede ingang van het Isalo park. Na een half uur hobbelen stappen we uit in een 'Grand canyon' achtige omgeving. Heel mooi en ruig landschap. Met Henk en Wim zitten we vandaag in de 'turbo-groep' met Ferdinand als gids. We gaan een lange wandeling maken door het prachtige Isalo massief. Het eerste stukje gaat door een ruig landschap naar de 'Piscine Naturel'. Weidse uitzichten en prachtige rotsformaties. We komen als eerste aan bij een paradijselijk plekje met watervallen en veel groen. In een klein poeltje, de 'Piscine naturel', kunnen we even een duik nemen. Na een half uurtje gaan we verder. De meeste groepsleden hebben geen zin in de stevige wandeling en nemen dezelfde weg terug.

Dwars door Isalo

Wij steken dwars door het Isalo massief naar de andere kant van het gebergte. Een hele mooie wandeling. Ook hier weer prachtige rotsformaties en mooie vergezichten. Onderweg komen we een slang en kleine schorpioenen tegen. We hadden ons na het lezen van wat reisverslagen op een helse tocht voorbereid, maar dat valt ondanks de hitte erg mee. Het laatste stuk gaat steil omlaag naar een camping aan de rand van het park. Tot onze verrassing komen we als bonus van de dag een groep ringstaartmaki's tegen. Ze laten zich van heel dichtbij bewonderen. We kunnen er geen genoeg van krijgen. Even verderop is de camping. Hier zijn een paar bruine lemuren af gekomen op met voedsel strooiende toeristen. Onze groep ergert zich aan de 'dierentuin taferelen' en wil snel verder. We lopen naar een paradijselijk plekje aan een riviertje. Alle ingrediënten voor een scène uit Tarzan zijn aanwezig: stromend water, overhangend groen, grote keien, varens en yucca's. Even verderop is een watervalletje in een grot. Henk en Anneke nemen een duik in het ijskoude water. Na de lunch lopen Ien en ik al vast een stukje terug en hebben geluk dat de groep ringstaartmaki's nog steeds op ongeveer dezelfde plek zitten. We gaan helemaal uit onze bol. Een ringstaartmaki heeft een kleintje bij zich. Liefdevol heeft de moeder de staart om het kleintje gerold. Als we rustig op de grond gaan zitten komen ze na een tijdje nieuwsgierig, maar uiterst voorzichtig naar je toe. Kicken!

Na deze bonus gaan we verder. We verlaten het Isalo gebergte en lopen door het hoge gras in de richting van het dorp. Het is erg warm en de kilometers beginnen we goed in de benen te voelen. Rond drie uur zijn we in het dorp en ploffen we neer op een terrasje en laten de fanta goed smaken. We zijn vroeger dan gepland terug en moeten nog een tijdje op de bus wachten. De laatste 3 kilometer naar het hotel kan er dan ook nog wel bij. Als ware helden worden we door de andere groepsleden onthaald.

Safira safira

Na een verfrissende douche schuiven we om vijf uur aan bij de show van een lokale dansgroep. Ongeveer 14 mannen en vrouwen showen ons vol overgave een aantal dansen. Ien is helemaal weg van het nummer 'safira safira' dat de ontberingen bezingt van de naar saffieren zoekende gelukzoekers in de omgeving. Heel erg leuk en gezellig. Tijdens het optreden gaat de zon weer op ongekende wijze onder. Het kost moeite je aandacht bij het dansen te houden. Als afsluiting worden wij gevraagd mee te dansen en is het sfeertje compleet.

Na het eten komt één van de vervelende aspecten van een groepsreis ter sprake: de fooien. Sommigen vinden dat je de chauffeur en zijn hulpje een aantal Malagassy maandsalarissen fooi moet geven. Ook wordt door hen verwacht dat de groep een extra (Europees) maandsalaris aan de reisleidster Sinja mee geeft. Sinja is een geweldige reisleidster en dat willen we ook graag belonen, maar wij vinden dat iedereen voor zich moet weten hoe ze dat doen. Waarom geen envelop waar iedereen in doet wat hij of zij wil geven zonder daar op aangesproken te worden? De gemoederen lopen hoog op en de verwijten van de 'gulle gevers' aan de 'Hollandse krenten' zijn niet mis. Jammer dat zo'n mooie dag met een kater moet eindigen.

Zondag 25 juli - Naar Ifaty

We zijn om 6 uur al op om de boel te pakken voor de lange rijdag naar Ifaty. Even buiten Isalo rijden we door een wildwest dorpje. Hier is een paar jaar geleden een enorme saffier gevonden. Dat trok gelukzoekers aan en het plaatsje van slechts 5 huisjes veranderde binnen de kortste keren in een ongestructureerd dorp met duizenden huizen en krotjes. Sommigen vonden hier hun fortuin, de meeste zoeken vanuit hun kleine strooien hutje nog naar de schamele restjes. Het dorp ligt langgerekt langs de doorgaande weg. Aan beide kanten van de smalle weg staan veel dure auto's. Het dorpje heeft de hoogste autodichtheid van heel Madagascar! De meeste mensen leven echter ver onder de armoedegrens in hutjes waarin ze niet eens kunnen staan. Een vrijgevochten bende, waar we beter niet even buiten kunnen komen.

Even verderop rijden we door het Zombitsy park. In het verleden stapte de groep hier even uit en kon vaak een groep sifaka's spotten. Tegenwoordig mag je alleen uitstappen als je de hoge entreeprijs van het park betaalt. We zien dus helaas helemaal niets. Even buiten het park stappen we uit bij een herdenkingssteen. Op de grote steen is op twee platen afgebeeld hoe een jonge vrouw hier na een aanrijding aan haar eindje kwam.

De eerste baobabs

Als we verder zuidwaarts trekken komen we eindelijk de eerste baobabs tegen. Hier heeft de groep naar uitgekeken. Een grote baobab wordt bestormd en uitgebreid gefotografeerd. Als we verder rijden komen we er steeds meer tegen. Ook gaat het vervoer hier steeds meer met de karakteristieke zeboekarren. De bult van de zeboe is ideaal om je kar aan vast te haken. Een foto nemen is erg riskant. Henk heeft na een ongevraagde foto een paar withete knullen achter zich aan die geld willen zien.

Aan het eind van de middag zijn we bij de kust. Het 400 kilometer brede Mozambique kanaal scheidt Madagascar van continentaal Afrika. We stoppen even bij een mangrovebos. Ien verzamelt kleurige schelpjes terwijl ik probeer de grappige slijkspringers op de plaat te krijgen. Na een uur over een stoffige weg, waarbij de enige tegenliggers volgeladen zeboekarren zijn, komen we aan in het strandplaatsje Ifaty.

Afscheid van de bus

We hebben een leuk hotelletje (Vovo Telo) aan het strand. Iedereen heeft een eigen huisje met rieten dak en hangmat. Op het strand zorgen palmbomen voor de schaduw. We zullen hier een paar dagen relaxen. Onze chauffeur Mark en zijn hulpje Mammy rijden vandaag nog terug naar de hoofdstad Tana. De bus is nodig voor een volgende groep. Henk bedankt beide knullen voor hun diensten.

We pakken meteen de ligstoel en genieten op een rijtje van de mooie zonsondergang. Na het gezellige diner genieten we onder de palmen nog even van de volle maan en sterrenhemel voor we naar bed gaan.

Maandag 26 juli - Ifaty: Walvissen

Springende walvissen

Rond deze tijd zijn in de zee bij Ifaty veel paaiende bultruggen. We gaan dan ook vanmorgen meteen met een bootje de zee op om deze walvissen te zoeken. Het duurt een tijdje voor we ze hebben gevonden. Het is moeilijk zoeken met Henk aan boord. In elke golf ziet hij een walvis en stuurt de bootsman telkens vol vuur de verkeerde kant op. Na een uurtje spieden met onze verrekijkers heeft Paul er eentje in het vizier en varen we enthousiast er naar toe. Als nel zien we meerdere dieren om ons heen. Ze bewegen erg snel en het is moeilijk te traceren wanneer en waar ze weer boven komen. Als ze boven komen horen en zien we een flinke 'blow'. Na een paar keer adem halen duiken ze weer naar beneden, waarbij ze de staart uit het water tillen. In de verte zien we er eentje meerdere malen met zijn staart op het water slaan. Geen idee waarom. Hoogtepunt van de morgen zijn de bultruggen die uit het water springen en met een grote plons weer het water raken. Eenmaal hebben Ien en ik net een springer in beeld en zien als in slow motion een tweede walvis vlak achter de eerste uit het water springen. Vol in de verrekijker!! Hoogtepunt van de tocht. Na het walvisspektakel stoppen we op de terugweg nog bij een vervallen koraalrif waar we even kunnen snorkelen. Rond het middaguur zijn we weer terug.

Dit deel van Madagascar is erg droog. De begroeiing bestaat voornamelijk uit stekelige planten en baobabs. De stekels dienen om het water beter vast te houden. Ook de dikke, vreemd gevormde baobabs zijn met hun dikke leerachtige bast helemaal gebouwd op het vasthouden van water.

Zandhappen in het stekelbos

StekelbosStekelbosAan het eind van de middag gaan we met een gids naar zo'n stekelbos ('Spiny Forest'). Een stekelbos is normaal gesproken ondoordringbaar, maar net buiten Ifaty zijn wat paden uitgezet. Het is verrassend hoeveel verschillende vetplanten en baobabs er zijn. Bij elke boom en plant krijgen we een uitleg. Vooral de enorme baobabs zijn indrukwekkend. Veel planten hebben een medicinale werking. Tot voor kort zaten in dit bos ook Verraux sifaka's, maar door houtkap is het bos te klein voor ze geworden en hebben ze zich enkele kilometers verderop gevestigd. Erg jammer, want het zijn onze favoriete dieren. Ook hadden we het spektakel wel eens willen zien van de sifaka's die ondanks de enorme stekels van boom naar boom kunnen springen.

Op de terugweg hebben we weer een geweldige zonsondergang en maken we weer een paar prijsfoto's. Ien is een beetje ziek, net als de meeste van de groep. Het lijkt er op dat het eten niet helemaal kosjer is. Ze duikt meteen in bed en houdt het bij het diner na één hap eten voor gezien.

Dinsdag 27 juli - Ifaty

We zijn vroeg op voor een heerlijke strandwandeling. We zien de vissers uitvaren en de zon opkomen. Na een weinig indrukwekkend ontbijt gaan we weer met de boot op zoek naar walvissen. De boot zit vol met groepsleden die gisteren niet mee gingen en door onze enthousiaste verhalen zijn aangestoken. Het wordt een deceptie. Er staat een straf windje en de zee is volop in beweging. Het is koud en er is geen walvis te zien. Na een aantal vergeefse pogingen houden we het voor gezien. Doodzonde, vooral voor de mensen die gisteren dit spektakel hebben gemist. Een aantal mensen ging duiken, maar dat was door de roerige zee ook helemaal niets.

Na een waardeloze lunch, er was niets meer, relaxen we een paar uurtjes in de hangmat. Aan het eind van de middag lopen we een eindje langs het strand. Mooie schelpjes verzamelen en even lekker uitwaaien. We komen bij een leuk hotelletje uit met een wat hoger gelegen terras. Er zijn geen gasten, maar vanmiddag moet er een groep Nederlanders komen. Onder het genot van een drankje genieten we van het mooie uitzicht. Als we terug lopen praten we even met twee knulletjes die vertederend met een zelfgemaakt bootje in de zee spelen. De rest van de dag doen we rustig aanen genieten 's avonds weer een hele mooie zonsondergang.

Woensdag 28 juli - Terug naar Antananarivo

Vannacht worden we opgeschrikt door geschreeuw in het hutje vlak achter ons. Er is een inbreker betrapt. Deze wordt zo te horen door de bewaking in elkaar geslagen en hardhandig afgevoerd.

Op een paar na is iedereen van de groep ziek. Ook Ien is slapjes en misselijk. Om 6 uur worden we opgehaald door een busje en een gewone auto en naar het vliegveld gebracht. Deel twee van de rondreis zit er op en we gaan terug naar Tana. Het is anderhalf uur hobbelen over de slechte weg. De gammele auto kan niet tegen de kleine heuveltjes op en slaat steeds af. Ook de benzine is bijna op en er moet in de stad snel even voor één euro worden bijgetankt. Om 9 uur vliegen we via Fort Dauphin naar Tana. Op het vliegveld worden door Mark en Mammy opgewacht. Met twee minibusjes rijden we eerst naar een straat vol souvenirwinkels. Ien is meteen beter. In recordtempo wordt het gros van de winkels bezocht. De meeste hebben dezelfde spullen. De buit na anderhalf uur shoppen bestaat uit muziekinstrumenten, een bewerkt krukje, placemats en zakken vol kleine prullaria.

Met tot de rand gevulde tassen vol souvernirs vertrekken we naar Tana. We overnachten vannacht weer in het White Palace. Ien duikt meteen in bed, terwijl ik ga mailen. 's Avonds eten we met Henk en Anneke in het leuke restaurant boven het Glacier hotel.

<Dag 1 - 11 > <Groepsreis deel 1 > <Groepsreis deel 2 >

 

Home
Home

Links
Madagascar Startpagina.nl
Reisverhalen startkabel