Vlag canada

Namibië
reisverslag
28 april - 27 mei 2012
Canada
Zebra's in Etosha
Sossusvlei vol water
Stokstaartje

Zaterdag 28 april 2012 - De reis naar Windhoek
 

De vlucht

Met de gisteren 83 jaar geworden Ans (moeder van Jos) gaan we vandaag voor bijna drie weken naar één van onze favoriete bestemmingen, Namibië. We vliegen vandaag met de KLM naar Frankfurt en van daaruit met Air Namibië naar Windhoek.
Annemarie zet ons af bij Schiphol. Het inchecken doe je tegenwoordig helemaal zelf. Groot voordeel is dat het allemaal een stuk sneller gaat. Instapkaarten uit de automaat en een stukje verderop weeg en label je je incheckbagage zelf, waarna het via een kooi wordt afgevoerd. Een enorm nadeel is echter dat je geen instapkaarten voor de volgende vlucht krijgt en we dat in Frankfurt zelf moeten regelen. Gelukkig is er dit keer voldoende overstaptijd.

Vertrek
Vertrek naar Namibië

We vertrekken om 16:30 en zijn een uurtje later in Frankfurt. Eerst de instapkaarten voor de vlucht naar Namibië regelen. Transferdesks bestaan niet meer en niemand weet waar we naar toe moeten. Na veel kastjes en muurtjes blijken we bij Air Namibië in de (gelukkig niet zo lange) incheckrij staan om de boardingpass te krijgen. Niet echt een verbetering dus.

Om 20:30 vertrekken we richting Windhoek. Het vliegtuig is van binnen slecht onderhouden. Annemarie vertelde al dat bij haar de stoelen met tape aan elkaar vast zaten. Bij ons deed de persoonlijke verlichting het niet en waren de TV en radio stuk. Ook kon je niets in het voorvak leggen zonder het op de grond terug te vinden. Hopelijk hebben ze de motor wel onderhouden en is er voldoende kerosine in de tanks.

Precies op tijd landen we in Windhoek.(5:10). We zijn snel door de douane en alle koffers zijn aangekomen, iets wat tegenwoordig niet echt vanzelfsprekend meer is. We worden opgewacht door iemand van autoverhuurbedrijf Asco. Omdat het kantoor pas 7:30 open gaat, hebben we een uur de tijd om koffie te drinken en geld te halen. Asco heeft veel klantjes en met twee busjes vol rijden we om 7:15 naar Windhoek. De goedlachse Duitser die naast Ans in het vliegtuig zat is er ook bij. We zullen hem, net als een aantal anderen uit de ´Ascobusjes´, de komende dagen regelmatig tegen komen.

Auto ophalen

Auto ophalen bij Asco
Auto ophalen bij Asco

Ik ben bij Asco als eerste aan de beurt. Alles lijkt snel geregeld te zijn, maar er zijn problemen met het creditcard apparaat. Het meisje achter de balie staat er alleen voor en zo wordt het voor iedereen een lange zit. Uiteindelijk pin ik bij het tankstation aan de overkant geld voor de autohuur en wordt via een telefoontje naar VISA in Zuid-Afrika de borg (3600 euro) geregeld. Om 10:30 zijn eindelijk alle formaliteiten geregeld en kunnen we naar ons pension in Windhoek. De anderen moeten nog (veel) langer wachten op hun auto.
We hebben, net als de vorige keer, een Toyata hilux met vierwielaandrijving. Alleen dit keer zonder tenten op het dak en ook zonder kampeeruitrusting. Ik heb er wel een koelkast in laten plaatsen, zodat we toch vlees kunnen inslaan om te braaien.

Windhoek: Pension Steiner en eten bij Joe's Beergarten

In Windhoek overnachten we in het centrum in het leuke pension Steiner. Heerlijk rustig en een mooie tuin, waar we ons eerste Namibische biertje pakken en proosten op de komende vakantie.

Ans en Ien gaan bijslapen. Ik loop naar het centrum om geld te halen en voor een verloopstekker. Onze wereldstekker blijkt geen Namibische aansluiting te hebben. Gelukkig zijn ze in de stad volop verkrijgbaar. Uiteraard meteen ook een zakje overheerlijke biltong gekocht. Bij een Himba familie, gekleed in traditionele kleding en dus ook ingesmeerd met rode klei, koop ik een prachtig beeldje voor Ans. Het is haar verjaardagscadeau. Ze is er helemaal weg van.

Tegen de avond rijden we naar het populaire restaurant Joe´s Beergarten. Het laat zich het beste omschrijven als: Jungleachtig, intiem, knus, sfeervol, binnen en buiten, aparte hoekjes, volgestouwd met Afrikaanse spullen. Kortom, een zeer aantrekkelijk restaurant dat je lang bij blijft. Het menu bestaat vooral uit wild. We nemen oryx carpaccio (niet te vreten) en een overheerlijke kudusteak, waarbij je bij elke hap denkt “wat is het hier gezellig”.

Pension Steiner in Windhoek
De gezellige tuin van Steiner pension
Joe's Beergarten
's Avonds eten bij Joe's Beergarten

 

Maandag 30 - Windhoek naar Solitaire

 

Ook in pension Steiner hebben ze last van de creditcard storing, zodat we de rekening cash moeten betalen. We gaan na het ontbijt snel de stad in om extra geld te halen en inkopen te doen voor de komende dagen. Ien struint ondertussen wat winkeltjes af. Het is heerlijk weer in Windhoek. Weliswaar 29C, maar door de droge lucht en het briesje goed uit te houden.

Via de Spreetshoogtepas naar Solitaire

Spreedshoogtepas
Spreetshoogtepas

Om 10:30 checken we uit en rijden we richting Solitaire. Vlak na Rehoboth verlaten we het asfalt en rijden we via goede gravelwegen het prachtige binnenland in. Hoewel we niet harder rijden dan 80 km/uur hebben we een grote stofwolk achter de auto. De omgeving is prachtig. Het is net na de regentijd en de anders kurkdroge omgeving kleurt deze weken groen. De bergen noemen ze hier koppies omdat ze uit grote rotsblokken bestaan. We komen al snel de eerste dieren tegen.

Spreedshoogtepas
Spreetshoogtepas

De grappige springbokkies zien we het eerst. Ien scoort haar eerste punt met een grote landschildpad. Verder zien we ook een kori bustard (vogel, een grote trap) en de eerste oryx. Een oryx noemen ze hier ook wel gemsbok of spiesbok.

We nemen een kleine omweg via de Spreetshoogtepas. Overal wordt gewaarschuwd voor deze hoge en steile pas en je mag er alleen met vierwielaandrijving overheen. De teleurstelling is groot als blijkt dat ze de steilste stukken hebben geplaveid en je er met een gewone auto nu ook makkelijk overheen kunt. Halverwege de pas hebben we plotseling een geweldig uitzicht over de Namib woestijn.

Solitaire guestfarm

Solitaire guestfarm

We dalen verder af en komen na 250 km aan bij Solitaire, een dorp midden in de Namib woestijn. Even buiten het dorp overnachten we in de Solitaire Guestfarm. Het ligt op 6 km van de weg tegen de bergen (heuvels) aan. Het is een schitterend plekje. We hebben een huis gehuurd met twee slaapkamers en een warande met een uitzicht dat je nooit meer vergeet.

Op ons balkon genieten we van de prachtige zonsondergang en rijden hierna naar het hoofdgebouw voor het diner. Ook nu weer wild op het menu. Voor we naar bed gaan proberen we de pappagaai ´lekker slaap´ te laten zeggen, maar hij is vandaag wat verlegen. Als de telefoon gaat zegt hij wel als een volleerd receptioniste ´Solitaire Guestfarm´.

Solitaire guestfarm
Solitaire guestfarm
Solitaire guestfarm
Solitaire guestfarm

 

Dinsdag 1 mei - Sossusvlei

 

Naar de Sossusvlei

Sossusvlei
Ingang Sossusvlei

Vandaag staan de rode zandduinen van de Sossusvlei op het programma. De Sossusvlei ligt 90km verderop en dan moeten we binnen het park nog 60km rijden om bij de vlei zelf te komen.  Een vlei is een meertje dat zo goed als altijd droog staat.

De Sossusvlei ligt midden in de rode zandduinen. In de regentijd stroomt het water vanuit de bergen hier de zandduinen in op weg naar de zee, waar het nooit aan zal komen. Eens in de 10 jaar is de waterstroom zo sterk, dat het 60 km de duinen in stroomt en de Sossusvlei bereikt. In de vlei staat dan enkele maanden tot wel 10 meter water. Door deze natuurlijke doorgang is het mogelijk om midden in het immense duinengebied te komen, dat zo groot is als België.

We moeten voor ons doen erg vroeg op en om 6:15 gaan we op pad. Voor de zonsopkomst en prachtige kleurschakeringen van de Sossusvlei veel te laat, maar om 4 uur vertrekken is een beetje te veel van het goede. Als we weg rijden teken op ‘ons´ terrein twee enorme kudoes het zandpad over. Dat is een goed begin! Het is een prachtige rit naar Sesriem (de ingang van het Sosssvlei gebied) en we komen tot onze verrassing erg veel wild tegen. Grote groepen springbokken, oryxen, struisvogels en als klap op de vuurpijl een groep giraffen met jong.

Veel oryxen en springbokkies

Sossusvlei
Als we het park inrijden zien we veel oryxen en springbokken

Om 7:45 beginnen we in het park aan de 60 km naar de Sosusvlei. Om de paar meter stoppen we om foto´s te maken van de springbokken, struisvogels en oryxen met een zandduin als achtergrond. Helaas is het te laat voor de mooie rode kleuren en kleurt de zon de bergen grijs. Dat wordt weer uren photoshoppen. Hoe verder we het gebied inrijden, hoe smaller de doorgang. Wat opvalt is dat er zoveel groen is. Zelfs de zandduinen zijn begroeit. Een gevolg van de extreme regenval van een paar weken terug. Over een maandje is alles weer kaal en droog. In het begin van het park zien we grote kuddes oryxen in de verte. Nu er overal volop eten is zijn ze weg getrokken uit de omgeving van de Sossusvlei, waar in de droge tijd altijd groen te vinden is. De bomen hier hebben wortels van 40 meter diep, die bij het grondwater van de vlei kunnen.

Sossusvlei
De prachtige zandduinen van de Sossusvlei

Duin 45

Sossusvlei: Duin 45
De hoogste zandduin: Duin 45

Bij de bekende duin 45, één van de hoogste duinen op 45 km van de entree, is er nog een gevolg van de natte periode te zien. In de droge tijd is het zand steeds in beweging. De wind waait dan het zand continue over de rug. Hierdoor verplaatst de duin zich steeds een beetje en wist voetstappen snel uit. Nu is het zand wat plakkerig en is de anders keurig scherpe rand platgetrapt door beklimmers van de duin. Het is nu ook een ´makkie´ om boven te komen. Over een paar weken is het weer 1 stap vooruit en bijna 1 stap terug zakken. Het lijkt er op dat de duin zich ten opzichte van onze vorige keer (1999) flink heeft verplaatst. De dode boom die voor de duin stond staat nu enkele tientallen meters verderop. Thuis eens de foto´s vergelijken.

Na 60 km stopt het asfalt en is het nog een paar km door zeer mul zand naar de Sossusvlei. De meesten parkeren hier de auto en gaan verder met de ´taxiservice´ van het park. Wij zetten de versnelling in de laagste 4x4 stand en rijden verder. Hoge duinen, mooie kleuren en een uitdagende weg. Heerlijk. Halverwege stoppen we even onder wat bomen. Hier staat de woestijn in bloei. Overal gele bloemen en ook de bomen staan er fris bij. In de bomen hebben vogels nesten gebouwd en proberen bij ons wat broodkruimels te scoren.

Sossusvlei
Bloeiende woestijn !!
Sossusvlei
Een op vogels jagende jakhals
Sossusvlei
De karakteristieke zandduin van de Sossusvlei.

Sossusvlei gevuld met water !

Sossusvlei
De Sossusvlei staat vol water. Gevolg van hevige regenval.

Bij de Sossusvlei wacht ons een enorme verrassing. Er staat water in de vlei!! Wat een geluk dat we getuige mogen zijn van dit zeldzame natuurspektakel. We horen dat de vlei niet op de gebruikelijke manier (grote vloedstroom vanuit de bergen) is gevuld, maar door een uitzonderlijk zware regenperiode die maar liefst 14 dagen heeft aangehouden. Zelfs in de altijd droge Dead vlei heeft een laagje water gestaan. Astrid en Jacco, een leuk Nederlands stel dat we in Windhoek en bij Asco al tegen gekomen waren, zijn er ook. Ze zijn hier al vanaf de spectaculaire zonsopkomst. Vanavond zien we ze weer, want hun volgende bestemming is ´ons´ Solitaire guesthouse.

Sossusvlei
Sossusvlei vol water.

We parkeren de auto onder wat bomen en maken foto´s van de met water gevulde Sossusvlei. Ik klim de hoge duin op die de vlei beschermt. Een normaliter erg zware klim, maar door het nattige zand ben ik zo boven. Een geweldig uitzicht over de vlei en de omringende zandduinen is mijn beloning. Via een ander pad loop ik langs het water weer terug naar de dames. Het is inmiddels erg warm geworden. De wolken van vanmorgen zijn opgetrokken en de zon is meedogenloos. Onder de bomen luieren we een uurtje, ondertussen genietend van de prachtige omgeving. Op het terrein loopt een jakhals rondjes. Hij probeert een vogeltje te verschalken. De kleine wevers zijn te snel voor hem, maar het lukt hem wel om een duif te verrassen.

Sossusvlei
Sossusvlei
Sossusvlei
Sossusvlei
Sossusvlei
Boven op de hoge duin (Sossusvlei)..

De prachtige Dead vlei

Dead vlei
Toegang tot de Dead vlei

We rijden een stukje terug naar de Dead vlei. Ans blijft in de auto achter. Het is een kwartiertje lopen door de duinen naar de Dead vlei. In deze vlei stroomde het water vroeger, maar door de wandelende duinen is de doorgang afgesloten en stroomt het water tegenwoordig de Sossusvlei in. De Dead vlei heeft een witte kleur van de opgedroogde, eens meegevoerde klei. De dode bomen staan er al meer dan 100 jaar en geven de vlei een spookachtige uitstraling. Het is al wat later in de middag en de meeste mensen zijn al richting hotelbar. We moeten de vlei een paar minuten delen met 4 enthousiaste Belgen, maar als die vertrekken hebben we deze sprookjesomgeving helemaal voor ons alleen. Geweldig!!

De regen heeft ook duinen rondom de vlei groen gekleurd. Heel apart, maar de strakke rode duinen zijn mooier om te zien. Het blijft (voor ons) wel de mooiste plek, al is de met water volgelopen Sossusvlei ook fantastisch om te zien.

Als één van de laatsten verlaten we het gebied en rijden over de verlaten weg terug naar de ingang. De zon is al behoorlijk afgedaald waardoor we alsnog de mooie door schaduwen veroorzaakte kleurschakeringen te zien krijgen. Als we het gebied verlaten zeggen twee oryxen ons vlak langs de weg vaarwel. Een dag om nooit te vergeten.

Dead vlei
Dead vlei
Dead vlei
Dead vlei
.

Het dorpje Solitaire

Sossusvlei
Als we de Sossusvlei verlaten zorgt de ondergaande zon voor prachtige schaduweffecten.

Het is nog ruim een uur terug rijden naar Solitaire. In het dorpje Solitaire blijken de barakken van 13 jaar geleden, waar we toen overnachtten, nog steeds te bestaan. Er wonen nu Namibische gezinnen in. Ongelofelijk. In Solitaire is een bakkerij waar we een heerlijk ruikend brood kopen. We scoren nog een magnum ijsje voor we in het donker terug rijden naar de farm.

Om 19 uur eten. Astrid en Jacco zijn er ook en we eten gezellig samen. Leuke mensen. Ze kennen elkaar net en zijn voor het eerst in Namibië. Net als wij genieten ze van elke minuut. Ze hebben een auto met tent op het dak en doen ongeveer dezelfde route als Annemarie en Henri. Vanaf hier naar Swakopmund, Opuwo (Himbagebied), Etosha en via Waterberg weer terug.

Terug in ons huisje vallen we meteen als een blok in slaap. Dromend van al het moois we vandaag hebben gezien.

 

Woensdag 2 mei - Relaxdag Solitaire

 

Relaxdag op de farm

Solitaire guestfarm
Uitzicht vanuit ons huisje.

Een relaxdag. Om 8 uur ontbijten. Hierna even de dieren van de farm opzoeken. De stokstaartjes vinden we in de keuken. Ze bedelen om eten. Ien is helemaal weg van de grappige beestjes. Ans noemt ze consequent ´stokpaardjes´. De tamme oryx krijgt een aai onder de kin. Het is jammer dat ´Bokkie´ de springbok op dit moment achter de omheining zit. Bokkie liep altijd vrij rond en zocht de mensen op. Bokkie liep zelfs mee als je ging wandelen. Sinds een maand is Bokkie echter wat bokkig en onaangenaam tegen mensen. Jammer, maar helaas.

Van twee Belgen krijgen we tips over het voor ons nieuwe gebied rondom Dolomite (Etosha). Er schijnen vooral veel olifanten rond te lopen. Ook zijn er wat afgelegen waterputten met een grote kans op leeuwen. Astrid en Jacco hebben een cheeta tour gemaakt. Ze zijn zo enthousiast dat we het vanmiddag ook gaan doen. Na de tour rijden zij verder naar Swakopmund en zullen we ze waarschijnlijk niet meer tegen komen.

Solitaire guestfarm
's Ochtends relaxen op het terras.
Solitaire guestfarm
Op de farm hebben ze naast bokkies ook tamme oryxen.

Cheetah opvang

Op zoek naar de cheetah's
Op zoek naar het signaal van één van de cheeta's.

Een groot deel van de dag genieten we met een boekje op het terras van ons huisje. Om vier uur stappen we in de open safariauto en rijden we naar een omheind gebied van 500 hectare. De farm heeft een samenwerkingsverband met een stichting die cheeta's opvangt.  Namibië heeft de grootste cheeta populatie van de wereld. De meesten leven op farmland en jagen hier op de overal voorkomende springbokken. Vee laten ze meestal met rust. Het vlees vinden ze niet lekker en koeien rennen niet weg waardoor hun jachtinstinct niet wordt geprikkeld. Soms is er te weinig wild of is de cheeta niet (meer) in staat achter de bokkies aan te gaan en komen er toch koeien op het menu. Het wordt nog erger als ze jongen krijgen en die leren koeienvlees te eten. Vaak schiet de farmer dan de cheeta dood. Dat is illegaal en steeds vaker kiest de boer er voor om de cheeta te laten vangen door de cheeta stichting. Deze probeert het gedrag van de cheeta te veranderen en indien mogelijk weer uit te zetten in de natuur.

Cheetah
De schuwe cheeta's verdwijnen snel in het hoge gras..

Hier in Solitaire zijn nu 4 cheeta's opgevangen. Ze zijn helaas te veel aan mensen en/of het eten van koeienvlees gewend geraakt om nog uitgezet te worden. Onlangs zijn drie anderen wel succesvol terug gezet. De cheeta's zijn uitgerust met een zender, zodat de twee vrijwilligers ze in het hoge gras terg kunnen vinden. Ze zijn zo goed gecamoufleerd dat je dat anders niet lukt.

Als we door het hek gaan vangen we meteen het signaal op van de eerste. Om de paar meter stoppen we om de richting te bepalen. Dat is nog een hele klus. Op de plek waar we een heel sterk signaal hebben zien we 10 minuten helemaal niets. Moeder en dochter cheeta blijken zich in een struik te hebben verstopt. Zelfs nu we weten waar ze zitten, zien we nog niets. Pas als de gids uit de auto stapt en naar het bosje loopt en de cheeta's opspringen zien we de prachtige dieren. Het zijn wilde, maar gelukkig voor ons hebben ze en gezonde angst voor mensen. Ze staan op en verdwijnen even laten in het hoge gras.

Helemaal aan het andere eind van het terrein vangen we weer een signaal op. Het is Spartacus, een agressief mannetje dat gevangen is genomen na het doden van 35 kalveren. In de auto zit ook een Nederlands gezin met twee kleine kinderen. We mogen de auto absoluut niet uit, iets wat normaal gesproken geen probleem is, omdat de kinderen voor en springbok aangezien kunnen worden en de cheeta door het hoge gras ongemerkt tot op enkele meters van ons kan komen.

Cheetah
Cheetah.

Wat de gids ook doet en hoe sterk het signaal ook is, Spartacus lijkt onvindbaar. Als ze terugloopt van een bosje waar hij had kunnen zitten stapt ze op twee meter van de auto haast op de cheeta. Het dier spring op en laat zijn tanden zien. De gids schrikt zich rot. Ik wilde haar net filmen, maar was net een seconde te laat voor het moment supreme. Spartacus blijft kalm en loopt rustig een paar meter verder. Hier ploft hij neer en kunnen we goed zien wat een prachtig dier het is. Hij is licht gekleurd, dit in tegenstelling tot de twee vorige die bijna zwart zijn.

Toen de omheining werd aangelegd bevonden zich 20 springbokken op het terrein. Deze zijn allemaal door de cheeta's gevangen, zodat ze nu gevoerd moeten worden. Het plan is om een kudde van 100 springbokken los te laten. Dat zou groot genoeg moeten zijn om de gedode dieren aan te vullen met nieuw geboren bokkies.

Na de verrassend leuke tour zijn we even na zonsondergang weer terug.

 

Donderdag 3 mei - Solitaire naar Swakopmund

 

Door Namib woestijn naar Walvisbaai/Swakopmund

Oryx in Namib Naukluft park
Oryx in Namib Naukluft park

We moeten vandaag ons paradijsje verlaten. Na het ontbijt blijven we tot na tienen op de veranda van de omgeving genieten. De stokstaartjes zijn er helaas niet om ons uit te zwaaien. We vangen nog wel een glimp op van de mooie lovebirds die hier ´s ochtends een graantje van het voer meepikken.

Het is 230 km naar Walvisbaai en hier vandaan nog ruim 30 km naar Swakopmund. De rit gaat langs de rand van de Namib woestijn. Soms hele stukken vlak, dan weer ruig en wild. We komen erg veel dieren tegen. Springbokken, oryxen en ook veel struisvogels.

Als we richting de kust rijden wordt de weg geflankeerd door hoge en lage zandduinen. We gaan er even uit en lopen een stukje de duinen in. Het waait hier haast altijd en je kunt bijna het verplaatsten van de zandduinen zien. De wind blaast het zand langzaam over de top, waardoor de duinen zich van zee af verplaatsen. Het zand is hier wit en niet rood zoals verderop in het zuiden. Het rode zand is afkomstig uit de bergen van Zuid-Afrika dat is meegesleurd door de Oranje rivier die in het zuiden van de Namib woestijn uitmondt. Hier is het ´gewoon´ zeezand.

Walvisbaai

Walvisbaai: Pelikanen aan het strand
Pelikanen bij Walvisbaai

In Walvisbaai rijden we naar de haven om te kijken waar we morgen moeten zijn voor de boottocht. Er staat een stevige wind, maar ´s ochtends schijnt het altijd rustig te zijn. Bij het kantoortje aan de haven zijn drie prachtige pelikanen. Eentje is een beetje tam en kun je over zijn bol aaien. Ook is het geen probleem als je je hand in zijn flexibele keelzak stopt. Heel apart.

300 dagen per jaar is hier aan de kust mist. ´s Ochtends ziet je geen hand voor ogen, maar om 11 uur is het weer helder en zonnig. Aan het eind van de dag komt de mist weer vanuit zee opzetten en is het weer klam en koud. De mist wordt veroorzaakt door de koude golfstroom, die vanuit Antarctica naar de kust van Namibië stroomt. Deze neemt koude lucht mee en die botst met de hete droge Afrikaanse landlucht. Het gevolg is mist. De koude golfstroom zorgt er wel voor dat zich hier één van de visrijkste gebieden ter wereld bevindt.

In de mist naar Swakopmund

In de mist rijden we langs enorme zandduinen van Walvisbaai naar Swakopmund. Hier hebben we via booking.com voor drie nachten een vakantiehuisje van mensen uit Windhoek gehuurd. Het ligt aan de noordkant van Swakopmund in een uiterst ongezellige buurt. De naam F1 Waterfront Estate Villa blijkt niet de naam van het ´hotel´ te zijn, maar het nummer van het vakantiehuisje. De sleutel moeten we ergens ophalen bij een guesthouse, maar dat blijkt aan de andere kant van de stad te liggen. Een vriendelijke man helpt ons en belt het nummer dat we hebben. Via via komen we bij een vrouw uit, die de zaken regelt. Ze zou ons naar de plek begeleiden, maar komt nu hier heen. 20 minuten later is ze er. Het huisje is zeer luxe. Twee verdiepingen, twee slaapkamers en van alle gemakken voorzien. Alleen geen verwarming en dat was wel prettig geweest. De auto moet in de garage en dat past maar net.

Snel de spullen uitgeladen en weer terug naar de ongezellig donkere stad. We eten in de haven bij de Tug. Een populair restaurant en we hebben het laatste plekje.  Het moet hier goed eten zijn, maar we maken waarschijnlijk de verkeerde keus: Afrikaanse tong, moddervet gebakken.

Weer thuis blijk ik vandaag ergens mijn verrekijker verloren te hebben. Waarschijnlijk uit de auto gevallen bij het uitstappen van moeders. Alles halen we overhoop, maar geen verrekijker. Flink balen, want het was een hele goede en Etosha zonder verrekijker is snorkelen zonder masker.

 

Vrijdag 4 mei - Walvisbaai: Boottour en woestijnrit naar Sandwich Harbour

 

Boottour in Walbisbaai

We rijden al vroeg terug naar Walvisbaai. Hier hebben we een combinatietour geboekt. Eerst met de boot een tour door de lagune en aansluitend met grote landrovers door de duinen naar Sandwich harbour.

Zeeleeuw aan boord
Zeeleeuw aan boord !

We zijn met z´n tienen op de kleine, maar redelijk comfortabele boot. Het is mistig, maar de zee is gelukkig rustig. In de haven hebben zich al zeeleeuwen en pelikanen verzameld, wetend dat er straks een visje gescoord kan worden. We zijn nog maar net op weg als een zeeleeuw via een trappetjes aan boord klimt. We kunnen het grappige dier goed bekijken. Het heeft kleine oortjes, iets wat we wel wisten maar nog nooit van dichtbij hebben gezien. De pels bestaat uit heel veel opeen gepakte haartjes. Alleen de bovenkant is nat, maar net onder de oppervlakte zijn de haren kurkdroog.

Pelikanen vliegen met ons mee
Pelikanen vliegen met ons mee.

De pelikanen hebben ons ook ontdekt. Statig komen ze aanvliegen. Het zijn prachtige dieren. Door de hier in het water aanwezige roze bacterie (die de garnaaltjes roze kleurt) hebben de witte veren net als bij de flamingo´s een roze gloed. Flamingo´s zijn er overigens nog niet. Die zitten nog in Etosha, waar ze pas vertrekken als het zoutmeer helemaal is opgedroogd.

We varen verder en komen bij een plek waar ze oesters kweken. Door het koude water zijn ze hier al na 8 maanden consumptierijp. In Europa is dit pas na drie jaar. Daarnaast zijn ze (volgens eigen zeggen) de lekkerste van de wereld. Ik heb geen verstand van oesters, maar hier hebben ze in ieder geval niet die (vieze) zilte smaak die de oesters hadden die ik eerder in Europa heb gegeten. Op één van de drijvers, waaronder de kooi met oesters hangt, zit een skua. Een roofmeeuw die normaliter alleen rondom Antarctica voorkomt.

Zeeleeuwenkolonie en dolfijnen

Plotseling zitten we midden in een zeeleeuwenkolonie. Wat een herrie. Aan land vechten ze om de beschikbare plekjes. Mannetjes zijn 180 kg en verdubbelen in de periode voor de paartijd het gewicht tot 350kg. De vrouwtjes zijn met 80 kg en stuk kleiner. In de paartijd verdedigt het mannetje zijn harem en eet in die periode helemaal niets. Het gewicht valt weer terug naar 180 kg. Het zijn speelse dieren. Ze springen uit het water en als de boot vaart maakt proberen ze met ons mee te zwemmen, waarbij ze om vaart te maken grote sprongen boven het water maken.

De zeeleeuwenshow wordt plotseling onderbroken als er bottlenose dolfijnen worden gespot. Het zijn na de orca´s de grootste dolfijnen. Ze zwemmen in groepjes van twee tot vier. Bij elkaar maximaal 8 dieren schatten we. We zien de vinnen goed boven water, maar verder weinig activiteit. Met twee boten tegelijk wordt een paar keer flink gas gegeven om de dieren te verleiden in de golf achter de boot mee te surfen. Soms blijven ze een hele tijd op een meter van de boot meesurfen. Vandaag hebben ze er echter geen zin in. We doen drie pogingen, maar ze haken al snel af.

Zeeleeuwen kolonie
Zeeleeuwen kolonie voor de kust van Walvisbaai.
Dolfijnen
Dolfijnen

Met de landrover de Namib woestijn in richting Sandwich Harbour

Sandwich harbour
Pelikanen bij Walvisbaai
Sandwich harbour
Jakhals struint over het strand

Voor ons en een meisje uit Californië zit de boottoer er op. Op de punt van een landtong worden we aan land gezet. Hier sluiten we ons aan bij een groep voor de rit naar Sandwich Harbour. Met twee landrovers rijden we over de smalle zandstrook naar het vaste land. We komen na een paar minuten een jakhals tegen, op zoek naar een verlaten zeeleeuwenjong, en een groepje springbokken. Het is mooi te zien dat zich hier zandduinen aan het vormen zijn. Planten houden wat zand vast, de wind hoopt het zand op en de plant houdt het weer vast. Een eenmaal gevormde heuvel houdt steeds meer zand vast en wordt uiteindelijk een enorme zandberg.

Sandwich harbour
Bokkies tussen de zandduinen

Als we langs de kust verder naar het zuiden rijden worden de zandbergen steeds hoger en komen we steeds dichter bij de zee. De zee is wild en beukt op de kust. Sandwich Harbour is volgens de gidsen onbereikbaar.

Sandwich harbour
De auto wordt boven op een duin geparkeerd.

We rijden de duinen in naar een uitzichtpunt van waaruit we Sandwich Harbour zien liggen. De zee komt inderdaad tot de duinen, maar we vragen ons af of sandwich Harbour inderdaad niet te halen is via de duinen. Als alternatief scheuren we hier de duinen op en af. Hoe hoger, hoe spannender. De hellingsgraad van een duin aan de steile kant is altijd 35 graden. Gewoon de auto over de rand rijden en alles los laten. Spectaculair, maar helemaal safe. Bij het afdalen maakt het zand een onheilspellend geluid.

Sandwich harbour
Sandwich Harbour, onze bestemming.

Lunchen tussen de zandduinen

Midden in het duinengebied worden tafels uitgeklapt en krijgen we een luxe lunch. Hoogtepunt zijn de Namibische oesters. Heerlijk van smaak en absoluut niet zilt. Nico, onze chauffeur, vangt een hagedis. Het is de soort die danst op het zand: twee pootjes omhoog als het te heet is en na een paar seconden snel wisselen naar de andere twee poten.

Sandwich harbour
Lunch tussen de duinen

Het is niet heet genoeg om dit schouwspel te zien, maar ze hebben nog een specialiteit. Als ze ergens in happen, laten ze niet meer los. Nico laat hem in zijn oor bijten, waarna het dier een paar minuten als exotische oorbel fungeert.

Na de lunch scheuren we over de hoogste duinen diep het binnenland in. (Hoezo Sandwich Harbour ´onbereikbaar´) en we hebben de grootste lol.

Sandwich harbour
Spectaculaire duinen

Vlak voor Walvisbaai rijden we over een pad dwars door een droge rivierbedding vol metershoog riet. Hierna weer een zandduin op, waarna we uitzicht hebben over de zoutfabriek van Walvisbaai. Helemaal voldaan worden we weer in de haven bij de auto afgezet. Op een terrasje drinken we een biertje op deze spectaculaire dag.

Walvisbaai: The Raft
Restaurant The Raft in Walvisbaai

Iets verderop dineren we in ´The Raft´. Dit is een restaurant dat in de lagune op palen is gebouwd. Dertien jaar geleden hebben we hier ook gegeten. Toe zwommen er pelikanen rond en was de baai gevuld met flamingo´s. Vandaag niets van dit alles. In de Raft hebben we een gezellige tafel in de hoek. Het eten is ook prima en nog steeds een aanrader.

Als we terugrijden naar Swakopmund is het al weer mistig. Wat een troosteloze bedoeling.

 

Zaterdag 5 mei - Swakopmund: Living desert tour

 

Living desert tour: Op zoek naar leven in de woestijn

Vanmorgen gaan we met een bioloog de duinen in op zoek naar leven in de woestijn. Om 8 uur worden we opgehaald door Douglas, een bioloog in hart en nieren. In Swakopmund pikken we nog en paar mensen op, waarna we met twee grote landrovers net buiten Swakopmund de duinen in duiken. Het eerste stuk rijden we door de droge bedding van de Swakop rivier. Door de enorme regens van vorig jaar groeien er nog veel struiken. Wat later dit jaar zakt het grondwater verder weg en verandert de bedding weer in een kale zandvlakte.

Living Desert Tour

Als je goed kijkt wemelt het van de sporen. Springmuizen, konijnen, hagedissen, jakhalzen en nog veel meer lijken hier (vooral ´s nachts) door elkaar heen te krioelen.

Als snel vindt Douglas een recent spoor van een kameleon. Hop de auto uit en in de achtervolging. Vijftig meter verderop eindigt het spoor in een struik. We zoeken ons tot groot vermaak van de gids rot, maar kunnen hem niet vinden. Pas als de gids hem aanwijst zien we het relatief grote dier. Wat een schutkleur! Douglas voert een larve, zodat we de grote tong waarmee hij de prooi binnen haalt een fractie van een seconde kunnen zien.

Het woestijnrestaurant verhaal

Ans met woestijnhazelworm
Ans met een zand hazelworm

Een stukje verderop krijgen we uitleg over het leven in de woestijn. We liggen soms dubbel van het lachen, dus hier het hele verhaal:

Duinen worden door de wind uit zee langzaam landinwaarts geblazen. Ze lopen langzaam omhoog en aan het eind valt het zand over de top naar beneden. Het omhoog lopende deel is relatief compact waar je makkelijk overheen kunt lopen. Het zand dat over top is gevallen is het relatief steile stuk van de duin. Het heeft een constante hoek van 35 graden en het zand is mul.
Jaarlijks is er een korte tijd dat de wind uit het binnenland waait. Dit voert grassen, zaden en andere ´rommel´ aan. Als de wind weer vanuit zee gaat waaien, worden deze spullen over de rand van de duin geblazen en komen aan de voet van de steile kant van de duin terecht. Dit is het ´restaurant´ van de dieren.

Kameleon
Kameleon vangt een meelworm

Torren, zilvervisjes en motten doen zich hier tegoed aan deze jaarlijks aangevoerde delicatessen. Voedsel is één, maar hoe zit het met water. De mist brengt uitkomst. ´s Ochtends klimmen de torren naar de top van de duin. Kop naar achteren en het achterlijf in de wind. Het met kleine uitsteeksels bedekte achterlijf vangt dauwdruppels op. Via een gleuf aan de zijkant van het lichaam wordt het water naar de mond gebracht. De torren slaan het water op in hun omhulsel en zijn zo lopende waterreservoirs voor andere dieren geworden.
De torren hebben dus een goed leven in het ´ restaurant´. Eten en drinken het hele jaar door. Maar een goed restaurant krijgt bezoekers. Als eerst zijn daar de hagedissen, die zich tegoed doen aan de zilvervisjes en torren……………

Doorzichtige gekko
Doorzichtige gekko.

Terwijl Douglas het woestijn-cafetaria verhaal vertelt is de andere gids op zoek gegaan naar diertjes. Hij heeft een prachtige skink gevonden. Een skink is een blinde hagedis zonder poten en lijkt dus op een slang. Een skink leeft vlak onder de oppervlakte van het zand en jaagt op insecten. Het laat een duidelijk spoor achter en zijn dus vrij simpel te lokaliseren. Vandaag komen we veel van dit soort sporen tegen.

Swakopmund
Spectaculaire duinen

We verlaten de bedding van de Swakop en rijden naar de hoge zandduinen. Om de paar meter sprint Douglas uit de auto en begint als een woestijnrat te graven. Meestal levert het niets op, maar soms komt hij met een torretje of zilvervisje terug. Na veel mislukte pogingen heeft hij wat hij zoekt, een blinde woestijngekko. Het dier leeft een halve meter onder de grond, waar het altijd 15 graden is. ´s Nachts gaat hij op jacht naar torretjes, motten en zilvervisjes. Het is een prachtig beest. Snel een foto (in de schaduw), waarna het diertje is rap tempo zich weer een weg onder het zand baant.

De zandduinen doen hier wat smoezelig aan. Het blijkt het mineraal magnetiet te zijn. Douglas heeft een grote magneet en ´vangt´ met een enkele beweging een handvol van dit zwarte spul.

De dansende hagedis

Dansende hagedis
Dansende hagedis

Een andere bijzondere woestijnbewoner is de dansende hagedis. Deze rent over het hete zand, waarna hij even stil houdt om de linker achterpoot en rechter voorpoot op te tillen ter verkoeling. Na een paar seconden mogen de andere twee poten even afkoelen, waarna de hagedis weer verder rent. Heel erg grappig om te zien.

We scheuren nog wat door de duinen, maar komen behalve een vers spoor van een woestijnslang niets bijzonders meer tegen. Na een meer dan geslaagde tour worden we bij ons hotel afgezet.

Ans gaat even uitrusten en wij gaan Swakopmund in om geld te halen en inkopen te doen voor de komende dagen. Swakopmund heeft een gezellig, maar wel erg rustig centrum. Ien loopt even alle shops af, waarna we na een bakje koffie naar ons afgelegen huisje gaan. We blijven vanavond thuis. Bakje soep, broodjes en toastjes met kaas en lekker vroeg naar bed.

 

Zondag 6 mei - Via Cape Cross van Swakopmund naar Uis

 

Om 9 uur staan we bepakt en bezakt klaar om te vertrekken. Degene die de sleutel op zou komen halen komt echter niet opdagen. Pas na enkele telefoontjes komt er iemand om 10 uur aankakken, zodat we eindelijk  op pad kunnen. Eerst tanken. De eerste tank van 90 liter is helemaal leeg. We tanken 100 liter, zodat we weer 140 liter diesel hebben en ruim 1000 km kunnen rijden.

Cape Cross

Cape Cross
De entree naar Cape Cross

Ik wil vandaag naar de zeehondenkolonie van Cape Cross en dan via een binnenweg naar onze bestemming. De route via de binnenweg is wel ruim 3 uur langer. Eerst maar naar cape Cross, zo´n 100 km boven Swakopmund. Tot onze verrassing houden de hoge duinen vlak boven Swakopmund op en rijden we door een droge, verlaten vlakte. Af en toe een afslag naar een populaire visplek.

Na ruim een uur bereiken we Cape Cross. Hier leven 200.000 zeeleeuwen in een grote kolonie. Heel indrukwekkend. Je kunt via een loopbrug tot aan de rand van de kolonie komen. Het stinkt enorm en de stank trekt meteen in je kleren. En schreeuwen kunnen ze ook. Oorverdovend. Als je hier een week opgesloten zou zitten word je knettergek.

Ondanks de herrie en stank zouden we hier uren rond kunnen kijken. Wat een bedrijvigheid! Zeeleeuwen die knokken om een plekje, jonge dieren die worden gezoogd en de honderden zeeleeuwen die met de hoge golven spelen zorgen er voor dat je je geen seconde verveelt.

Onder en op plaatsen waar de brug niet zo hoog is liggen ook zeeleeuwen opeengepakt. Je moet goed oppassen dat er niet eentje in je tenen bijt. Op de brug ligt er ook eentje. Die schijnt vanmorgen al drie keer iemand gebeten te hebben. Oppassen dus.

We blijven een uurtje rond kijken en rijden dan naar de naastgelegen lodge voor een bak koffie. Ik had hier aanvankelijk een nacht willen boeken, maar ben blij dat ik het niet heb gedaan. Vanuit de lodge is geen zeeleeuw te bekennen (om de hoek) en je mag er ook niet over het strand naar toe. Verder is er helemaal niets te beleven en lijkt de nieuwe lodge nu al in verval.

Cape Cross
Cape Cross
Cape Cross
Cape Cross
.

De Brandberg White Lady lodge

White lady lodge
Brandberg White Lady lodge

Het is inmiddels al zo laat geworden dat er geen tijd meer is voor de mooie omweg via het binnenland. We rijden dus door de kale vlakte terug naar Henties Bay en slaan links af. Een kaarsrechte weg van 100 km door een lege vlakte. De aan de horizon verdwijnende telefoonpalen langs de weg zijn de enige afwisseling. Links van ons doemt langzaam de Brandberg op. Vlak voor Uis begint het mooie glooiende gebied dat zo kenmerkend is voor Damaraland. Het is ook een stuk groener. Vlak voor Uis is de afslag naar de Brandberg White Lady lodge. Na 15 km over een zandpad door een prachtige omgeving zijn we er. Ik heb maar één nacht geboekt en een optie op de tweede. Deze lodge wordt in Tripadvisor helemaal afgekraakt. Termen als ´nachtmerrie´ en ´slechtste ervaring van Namibië´ vind je meerdere malen terug in recente beoordelingen. In de top 15 van dit gebied staat het op de laatste plaats Het is echter de enige betaalbare lodge in de buurt zodat we de gok toch nemen. Uiteindelijk zijn alle klagers het er wel over eens dat het één van de mooiste locaties van Namibië is.

We worden vriendelijk ontvangen en het meeste ziet er keurig verzorgd uit. In de prachtige tuin loopt een jong springbokje rond en het uitzicht is adembenemend. De op een paar 100 meter van de lodge afgelegen kamers zijn eenvoudig, maar schoon. Absoluut geen vijfsterrenlodge, maar je betaalt dan ook geen 200 euro pp zoals in alle omliggende lodges. Wij zijn nu voor 150 euro met z´n drieën, inclusief het eten, klaar.

White lady lodge
Brandberg White Lady lodge

Het is snikheet en alleen de wind brengt binnen en buiten enige verkoeling. Na het welkomstdrankje rijden we een paar honderd meter naar de in het groen verstopte huisjes. Vaak lopen hier woestijnolifanten rond, maar die zijn momenteel niet in de buurt. Het is een sobere kamer. Weinig licht, één ven voor twee slaapkamers en in onze kamer geen hor voor de ramen (wel in kamer Ans). De stroom wordt bij de huisjes opgewekt door zonnepanelen. ´s Morgens wordt de douche opgestookt met houtvuur. We hebben een terrasje met prachtig uitzicht. Elke ochtend wordt er een thermosfles met heet water gebracht voor een kopje thee. Kortom, voor ons meer dan prima.

In de lodge hebben we een gezellig tafeltje buiten. Het eten is prima en we herkennen weinig van de bergen kritiek die in Tripadvisor is gespuid.
Na een gezellige avond zoeken we onze bloedhete kamer op. Bij Ans alle ramen open en bij ons de ven op volle toeren biedt soelaas. Al snel vallen de oogjes dicht en dromen we van al het moois dat we al hebben meegemaakt.

 

Maandag 7 mei - White Lady lodge (Brandberg): Gamedrive

 

De wekker gaat weer om 6 uur.  Overdag wordt de douche met zonne-energie verwarmd, maar ´s ochtend moet er een vuurtje worden gestookt. Ien heeft nog een ijskoude douche, maar als ik aan de beurt ben is het water lekker warm.

Op safari

Op safari langs de droge Ugab rivier
In een open truck op safari.

Tijdens het ontbijt maken we kennis met Jeans de meerkat. Een schattig beestje, waar vooral Ien helemaal weg van is. Jeans wordt aan alle kanten uit gefotografeerd en wil zelfs door Ien opgetild worden.

Om half 8 klimmen we in de safaritruck voor een gamedrive in de omgeving. We zijn de enige drie en hebben dus een privétour. De lodge ligt aan de droge Ugab rivier. De Ugab staat meestal droog. Alleen als het flink in de bergen heeft geregend stroomt er een paar dagen water. Vorig jaar was extreem nat en was de rivier maar liefst 5 keer gevuld, waarvan een keer zelfs een paar weken.

Woestijnolifanten komen hier veel voor. Ze graven een putje en bereiken zo al snel het grondwater. Helaas voor ons zijn de olifanten nog in het noorden en buiten ons bereik. Gisteren passeerde één olifant dit gebied, zodat ze onderweg naar hier zijn.

Als we net op weg zijn komen we het verse spoor tegen van de olifant die gisteren passeerde. De gids wil er achteraan, maar de olifant loopt de kant op waar verder geen wild zit. We besluiten de oorspronkelijke tour te maken en dus niet achter de olifant aan te gaan.

Mooie omgeving, maar weinig dieren

Pofadder
De uiterst giftige pofadder

We steken de droge rivier over en rijden door prachtig heuvelachtig savannegebied een stuk parallel aan de rivier. Het enige dat ontbreekt, zijn de dieren. Na een paar kilometer gaan we verder door de droge rivier. De uitzichten zijn prachtig en alleen al de moeite waard. Na een uur komen we het eerste steenbokje tegen. Even verderop verse sporen van een neushoorn en een olifant. Ze laten zich echter niet zien. Na vele kilometers door het zand ploegen komen we bij een groener deel van de rivier. Bij een door een olifant uitgegraven waterplas zien we een grote en uiterst giftige pofadder drinken.

De gids doet er alles aan om wild te vinden. We rijden allerlei zijtakken van de rivier in en komen zo steeds verder in het gebied van de Brandberg. Het zoeken wordt beloond als we op een kudde koedoes stuiten. Ze nemen meteen de benen. Als we er achter aan gaan klimmen ze tegen de steile rotsen op en lijken het wel steenbokken.

Via een nat gedeelte van de rivier, waar in plasjes zelfs nog wat vissen zwemmen, rijden we terug. Een vers gegraven put verraadt dat er een olifant in de buurt is. Onderweg komen we nog klipspringers, een aantal steenbokjes en op de rotsen een groep bavianen tegen.

Jeans de meerkat

Na bijna 5 uur zijn we pas weer terug. Het is inmiddels bloedheet geworden. Ans last meteen een siësta in. Ien en ik nemen een biertje in de tuin. Ien gaat helemaal uit haar bol als haar vriendje Jeans het stokstaartje er ook is. Het grappige dier wordt helemaal uit gefotografeerd.

We hebben een relaxmiddag. Lekker hangen, verslag bijwerken en een potje Wordfeuten met Jolanda. Hier in de middle of nowhere hebben we zowaar bereik.  Er zit een Namibische SIM in het toestel, zodat internetten via de mobiel maar een paar cent kost. We komen ook onze vier Duitse vrienden (zaten naast en achter ons in het vliegtuig) weer tegen. Ze blijven hier ook twee nachten. Het is al de 6e keer dat we ze tegen komen.

Jeans de meerkat
Jeans de meerkat
Ien met haar nieuwe liefde !
Jeans de meerkat
.

 

Dinsdag 8 mei - Brandberg naar Khorixas

 

Afscheid van Brandberg
Overstekende olifanten !

We doen vandaag rustig aan. Ien geniet nog even van Jeans de meerkat. Ze kan er geen genoeg van krijgen. Als we de spullen inpakken blijkt het personeel het op onze spullen te hebben voorzien. Gisteren lag er al een shirtje midden onder Ien´s bed en vroegen we ons als af hoe dit kon. Nu ligt er van Ans een shirtje dat nog niet uit de koffer is geweest keurig opgevouwen midden onder het bed. Ze hopen dat we het niet merken en als we weg zijn halen ze het op.

Via Twijfelfontijn naar Khorixas

Vanuit Brandberg rijden we naar het nabij gelegen Khorixas. Hier zijn een aantal bezienswaardigheden. De ´orgelpijpen´ (apart gevormde basalt rotsen) en het versteende bos hebben we al eens gezien. Twijfelfontijn, waar Bosjesmannen tekeningen in de rotsen hebben gemaakt, willen we nog wel een keer zien om een doel te hebben in dit prachtige gebied.

Twijfelfontijn
Rotstekeningen van Bosjesmannen (Twijfelfontijn)

De route is zoals verwacht indrukwekkend. Aparte uit keien opgebouwde heuvels, in Zuid-Afrika koppies genoemd, domineren het landschap. Het is veel verder dan gedacht naar Twijfelfontijn en we zijn er pas laat in de middag. Met en vreselijk dikke, maar vriendelijke gids maken we een rondje langs de rotstekeningen. Het is heet en we worden overvallen door vliegen. De tekeningen zelf liggen in een mooie omgeving. Ze zijn gemaakt door Bosjesmannen en zijn honderden jaren oud. De meeste figuren stellen dieren voor. Het zegt ons verder vrij weinig. De gids vertelt haar levensverhaal. Ze heeft 3 kinderen en is gescheiden. De derde is een jongetje. Als het een meisje was geweest, had ze het niet gehoeven en had haar moeder het op mogen voeden. We vinden haar meteen een stuk minder aardig.

Het is nog flink doorrijden naar Khorixas. We hebben niets geboekt, maar de Iguati lodge schijnt altijd wel betaalbare accommodatie te hebben. Dat valt tegen, maar we hebben geluk. Er lijkt alleen nog een donker hol beschikbaar, maar uiteindelijk krijgen we toch 2 redelijke en naast elkaar liggende kamers.

We eten buiten in de tuin. Gezellig. Om het complex heen hebben ze een 20 meter brede omheining gemaakt, waar springbokken en een struisvogel rond banjeren. Deze poging om de gasten tijdens het eten uitzicht te geven op ´wild´ ziet er uitermate knullig uit.

Twijfelfontijn
Twijfelfontijn
Veel vervoer gaat nog per ezel (West Namibië)
Loeren voor een mooi kiekje..

 

Woensdag 9 mei - Khorixas naar Etiosha (Halali)

 

In twee uurtjes naar Etrosha

Entree Etosha
Ingang Etosha.

We gaan vroeg op pad naar ons geliefde Etosha. Via Outjo rijden we in 2 uur naar de gate. Vlak na de poort komen we de eerste dieren al tegen. Bij een poeltje hebben veel zebra´s en springbokken zich verzameld. Een mooie start.

Inchecken in Okaukuejo (Etosha park)

De eerste zebrá vlak na binnenkomst

We rijden eerst naar de Okaukuejo lodge. Het is helemaal vernieuwd. Vooral het gedeelte met uitzicht op de populaire waterpoel is helemaal anders. Er staan nu alleen nog (te) dure huisjes, die ze volgens mij aan de straatstenen niet kwijt kunnen. Bij de waterput is helemaal niets te zien. Uiteraard is het hier een komen en gaan, maar ik kan me niet herinneren dat er minder dan enkele tientallen dieren rondom de poel aanwezig zijn. Over twee dagen overnachten we hier een nachtje en we zullen zien of er dan wel dieren te zien zijn.

Het valt ons op dat de medewerkers hier onaardig en kortaf zijn. Heel on-Namibisch. Vooral in het restaurant kunnen we er een aantal aanwijzen die een cursusje klantvriendelijkheid goed kunnen gebruiken. Na wat boodschapjes en formaliteiten gaan we verder naar Halali, ons onderkomen in het park voor de komende twee nachten.

Eerste olifant
De eerste zebrá vlak na binnenkomst

De eerste olifant

We passeren een aantal waterputten en zien erg veel wild. Vooral zebra´s  en springbokken zijn erg talrijk. De gnoe is ook aan een opmars bezig en is tegenwoordig vrij talrijk. Onze favoriet de giraffe komen we ook veel vaker tegen.

Bij een waterput spotten we de eerste olifant. Hij heeft zich helemaal wit gespoten met witte modder. Er schijnen deze tijd van het jaar veel leeuwen in de buurt te zijn.  Langs de ´hoofdweg´ komen we inderdaad twee keer een groepje tegen. Ze liggen lui tegen een heuveltje.

Ons huisje in Halali kamp
Ons huisje in Halali

Halali kamp

In Halali hebben we een prachtig huisje vlak bij het restaurant. Twee slaapkamers en een gezellig zitgedeelte. Opvallend is dat de medewerkers hier weer ´ouderwets´ vriendelijk zijn.

Net buiten Halali is een waterput. Er kwamen tot voor kort niet zoveel dieren, maar ze lijken de laatste tijd de weg gevonden te hebben. Halali ligt op een berg en de omgeving is begroeid. De waterput ligt dan ook verscholen is het groen. Hierdoor zie je hier geen zebra´s, bokkies e.d. Wel wordt er regelmatig een luipaard gespot. Het is bijna donker als we er zijn. De put ligt een stukje buiten het kamp en je moet via een donker pad om er te komen. Vanaf een hoogte kijk je op de put. Als we aankomen is er niets te zien. Schijnt al een tijdje zo te zijn. Kinderen vervelen zich en lopen schreeuwend rond. Niet gek dat de dieren zich niet laten zien. Tot onze verrassing komen er toch uit het niets plotseling twee neushoorns. Ze zijn wat onrustig, maar blijven toch een half uurtje drinken. Een leuke afsluiting van de dag.

 

Donderdag 10 mei - Rondje Oost-Etosha

 

Vroeg op pad

Twijfelfontijn
Jakhalzen vlak langs de weg

We zijn voor ons doen vroeg op voor een groot rondje door het oosten van het Etosha park. Halali ligt in een bebost gedeelte an het park, waardoor we de eerste kilometers bijna geen wild zien. In een paar uur rijden we naar Namutoni, het tot lodge omgebouwde Duitse fort. Als we in de buurt van Namutoni komen, wordt het wat opener en zien we steeds meer wild. Uiteraard weer veel zebra's en springbokken, maar ook opvallend veel giraffen.

We rijden een stukje in de richting van de Andoni vlakte in het uiterste noorden. Hier zijn de savannen vol wild. Helaas is er te weinig tijd om er helemaal heen te rijden, maar de weg er naar toe biedt ook voldoende mogelijkheden. Bij één van de waterputten stuiten we op een grote groep olifanten. Er zijn jonge dieren bij variërend van heel klein tot een paar jaar oud. Een ommetje langs de zoutvlakte levert een groepje struisvogels op. De prachtige dieren paraderen vlak naast de auto.

Namutoni

Namutoni
Namutoni, het fraaie witte fort in Etosha.

In Namutoni maken we een korte stop. Het witgekalkte fort ligt er prachtig bij. De kleine donkere kamertjes, waar we in 1999 sliepen, zijn samengevoegd tot kleine winkeltjes. Buiten het fort zelf zijn nu prachtige huisjes voor de gasten gebouwd. We komen het Nederlandse stel met de twee jonge kinderen weer tegen. Ze gaan van hieruit via de Caprivi strook naar Botswana. Een hele mooie maar moeilijke route, die wij ook al eens gemaakt hebben.

Toetjes van de dag

Op de terugweg komen we weer veel 'gewoon' wild tegen. Vlak voor Halali bezoeken we nog twee waterputten. Bij de eerste komt plotseling een neushoorn aanlopen. In het namiddagzonnetje kunnen we prachtige foto's maken. Nog helemaal blij van dit toetje rijden we naar de iets verderop gelegen put. Niets te zien en meteen weer terug. Waar we twee minuten nog reden ligt tot onze grote verrassing midden op de weg een luipaard! Langzaam staat dit gracieuze dier op en wandelt langzaam de struiken in. Wat een einde van een toch al mooie dag!
We laten vanavond de Halali waterput voor wat het is. We horen later dat er vandaag 40 olifanten langs zijn geweest.

x
Close encounter met giraffes
Toetje van de dag: Een neushoorn!
Toetje van de dag: Een neushoorn!
Olifanten nabij Namutoni
Olifanten nabij Namuton..

 

Vrijdag 11 mei - Etosha: Halali naar Okaukuejo

 

Via de zoutvlakte van Halali naar Okaukuejo

Het desolate Etosha zoutmeer
Het desolate Etosha zoutmeer

We doen vanmorgen rustig aan. Lekker ontbijten en foto's nemen van de vogels rondom ons huisje. Naast de veel voorkomende toks (neushoornvogels) zijn is ook een groepje woodhoopoo's actief.
We pakken onze spullen en rijden richting de volgende lodge Okaukuejo. Uiteraard rijden we even de zoutvlakte op. Wat een stilte en weidsheid. Elke keer weer indrukwekkend.

Okaukuejo kamp

Okaukuejo is, net als alle andere lodges, flink gerenoveerd. De barakken zijn verdwenen en vervangen door mooie huisjes. Rondom de waterput zijn luxueuze huizen gebouwd met uitzicht op de put. Peperduur en zo te zien weinig bezet. Hoewel ze er pas staan zijn de eerste tekenen van verval al te zien. Tot onze verrassing is er net als en paar dagen geleden geen wild bij de normaliter drukke waterput.

Ons huisje staat midden op het terrein. Het heet Timboti (nr 97). Erg ruim, twee mooie slaapkamers maar een ongezellige zitruimte. In 1999 sliepen we nog in de barakken en in 2004 in één van de vele leuke rondavels (ook twee slaapkamers) die nu ook zijn afgebroken. Deze modernisering van de rondavels was wat ons betreft niet nodig geweest.

Toetje van de dag: Een neushoorn!

Tegen de avond gaan we op gamedrive. Langs de 'hoofdweg' weer enorme kuddes zebra's en springbokken. Bij een waterput is het een drukte van jewelste. Oryxen, giraffes en 'het gebruikelijke spul'. Vreemd is dat er even verderop helemaal geen wild te zien is. Plotseling zien we waarom. Een leeuw springt op uit het niets en probeert een gnoe te verschalken. De gnoe is haar te snel af, waarna de leeuwin quasi nonchalant uit het zicht loopt voor een nieuwe hinderlaag.

Elke avond komen neushoorns drinken bij de waterput van Okaukuejo
Waterput Okaukuejo

Neushoorns bij de waterput

Na het eten nemen we plaats bij de waterput. Het is nog steeds erg rustig, maar al snel komen de neushoorns drinken. Een dagelijks ritueel aan het begin van de avond. De waterput van Okaukuejo is de beste plek om deze oerkolossen zo goed als gegarandeerd te zien. Soms zijn het er wel 8 tegelijk. Vanavond kunnen we er 3 bewonderen. Rondom de waterput zijn ook twee enorme uilen (Oehoe's ??) actief. Ze vliegen af en aan op zoek naar kleine knaagdieren. De grote boom naast de put is het uitkijkpunt. Verder komen ook zebra's en jakhalzen een slokje halen.

 

Zaterdag 12 mei - Etosha: Okaukeujo naar Dolomite (West Etosha)

 

Vandaag trekken we het westelijke deel van Etosha binnen. Dit gebied was tot voor kort afgesloten, maar met de recente opening van Dolomite camp in het uiterste westen, mogen gasten van dit kamp met een speciale permit door het gebied rijden. In 2015 wordt het ook voor de andere bezoekers opengesteld. Vanuit Okaukuejo is het 190 km over een gravelweg. Vroeg op pad dus.

Sprookieswoud
Sprookieswoud

Voor we het westelijke deel binnen trekken, rijden we langs de waterputten die ten westen van het grote zoutmeer liggen. Er zijn hier de laatste dagen grote groepen leeuwen gespot. Hoe we ook zoeken, voor ons geen leeuw te zien. Dat het hier een feesttafel is, is echter wel duidelijk. Overal liggen botten en geraamtes van succesvolle kills.

Sprookieswoud

Iets verderop ligt het 'Sprookieswoud'. Hier staan een groot aantal grillig gevormde bomen en je moet inderdaad aan een sprookjeslandschap denken. Helaas hebben ze om het gebied een hek gezet waardoor je er niet meer tussen kunt lopen. Vermoedelijk is dit gedaan om vernieling door olifanten tegen te gaan.

Het westen van Etosha

Als we de 'restricted area' inrijden worden we niet door parkwachten, maar door een enorme kudde zebra's verwelkomd. Het duurt bijna 10 minuten voor de hele kudde de weg is overgestoken. Het westen is nog niet ingericht voor het toerisme. Er gaat één lange weg naar het westen, met om de 10 kilometer een gegraven waterput. Dit zijn ook de enige plaatsen waar we dieren zien. De 'beloofde' grote kuddes olifanten laten het vandaag helaas afweten en de rit valt hierdoor een beetje tegen.

Pas als we in de buurt van Dolomite camp komen zien we de eerste auto's. Ook zijn er wat meer dieren bij de waterputten te zien (oryxen, giraffes, zebra, springbok). Vlak bij het kamp was de afgelopen drie dagen een grote groep leeuwen te zien. Ze hadden een gnoe gedood vlak langs de weg. De gnoe is nu op en de leeuwen liggen op een onbekende plek lekker uit te buiken.

Dolomite camp

Het Dolomite camp is een sprookje. Het ligt op een heuvel van waaruit je de hele omgeving kunt zien. Als we aankomen staat een golfkarretje klaar om ons en de bagage boven te brengen. De auto moet onder een afdakje achter blijven. Na een welkomstdrankje worden we met de golfkar naar onze huisjes gebracht. Wij en Ans hebben eigen huisjes met uitzicht over de vlakje. Het zijn prachtige huisjes. Alles er op en d'r aan en een heerlijk balkonnetje. Jammer dat we maar één nacht kunnen blijven.

Luxe lodge
Dolomite camp
Het pas geopende Dolomite camp
Relaxen bij de pool..

Op de rotsen wemelt het van de rockdassies. Dat zijn grappige knaagdieren. die zeer verrassend genetisch erg dicht bij de olifant staan. 's Avonds mogen we alleen onder begeleiding naar het restaurant en weer terug. Er staat geen hek om het kamp en vorige week lag er nog een luipaard op de rotsen tussen de huisjes (bij huisje 13). Wij hebben huisjes 7 en 8. De lodge zelf is ook superleuk. Het restaurant, de bar, het zwembad. Allemaal in de omgeving geïntegreerd en smaakvol ingericht. Een toplocatie! 's Avonds gezellig gegeten in het restaurant en nageborreld in de bar, waarna we met de golfkar weer bij ons huisje werden afgezet.

 

Zondag 13 mei - Dolomite naar Kamanjab

 

Het lukt niet om een extra dag te boeken. Alles is de komende maand volgeboekt. Als deze nieuwe lokatie straks in de handboeken staat zul je waarschijnlijk meer dan een jaar van tevoren moeten boeken. Tot 10:30 treuzelen we wat aan. Lekker op het balkonnetje en genieten van de rockdassies. Bij de waterput, die alleen vanaf grote afstand te zien is vanaf het laatste huisje, zien we zowaar nog een olifant.
Met de golfkar worden we weer bij de auto afgezet. Bij het wegrijden rij ik nog even een kleine deuk in het spatbord tegen een boompje dat ze heel handig midden op het parkeerterrein hebben geplaatst.

Sprookieswoud
De rockdassies op de Dolomite heuvel

Laatste gamedrive

We moeten uiterlijk om 12:45 uit het park zijn. Eigenlijk 10:45, maar je moet pas na 2 uur overschrijding een extra dag betalen. Het is slechts 50 km rijden, maar als je onderweg wat tegen komt vliegt de tijd. Ik wil nog wat goed aangeschreven waterputten bekijken. We doen het in sneltreinvaart. Bij de putten is inderdaad vrij veel 'normaal'wild te zien, al kunnen we van de giraffes geen genoeg krijgen. Bij de laatste put zien we zowaar nog een grote olifant. Deze is duidelijk niet gesteld op onze aanwezigheid en hij komt agressief op ons aflopen. Snel wegwezen dus.

Om 12:40 zijn we bij de gate en verlaten we ons geliefde Etosha. Tot over een paar jaar! Het is 80 km naar Kamanjab over een gloednieuwe asfaltweg. Het eerste stuk langs de zuidgrens van Etosha is bijzonder fraai. Een groen heuvelachtig terrein met die karakteristieke 'koppies' heuvels.

Kamanjab

In Kamanjab overnachten we in het Oase guesthouse. Hieraan hebben we goede herinneringen. In 1999 sliepen we hier ook. Er waren toevallig net twee Himba's aangekomen. De vrouwen zijn ingesmeerd met vette rode klei, zodat ze in het washok sliepen. De man heette Piet. De vrouw was voor het eerst in de bewoonde wereld. Nog nooit TV gekeken. Ze schrok zich rot toen er een hyena op TV te zien was. Kroop weg, om even later achter de TV te kijken waar die hyena gebleven was. We gaven d'r een drankje, maar ze had geen idee hoe een rietje werkt. Ze waren uit hun gebied (uiterste noorden) getrokken en op weg naar het ziekenhuis van Khorixas om één of andere kwaal te laten behandelen. We hebben ze indertijd een lift gegeven en alles op video vast gelegd. De video hebben we naar Debbie gestuurd, de dochter van de eigenaar. In 2004 zijn we Debbie ook tegen gekomen in het leefgebied van de Himba's (uiterste noorden).
13 jaar later is er veel veranderd. De ouders van Debbie zijn overleden en het guesthouse is nu van broer Ebben (die we ook in 2004 hebben ontmoet). Er is een weg aangelegd naar het noorden, waardoor de Himba's zich over een groter gebied hebben verspreid. We kwamen er al een paar tegen in Windhoek, maar ook hier hebben ze op de farm van Debbie en haar oudere broer Jaco een kleine nederzetting. We hebben de film van 1999 bij ons en laten die aan Ebben zien. Hij is duidelijk geroerd als hij zijn overleden vader op de film ziet. Ook een vriendelijke medewerker herkent zichzelf op de film.

Himba dorp

We rijden naar de farm van Debbie en Jaco, een half uurtje buiten Kamanjab. Eerst bezoeken we met Maria het Himba dorp. Uiteraard niet zo'n belevenis als toen we in het Himba leefgebied waren, maar zover noordelijk gingen we dit jaar niet. Maria is onze gids. Ze is ook een Himba van geboorte, maar is op school geweest en verwesterd. Haar dochterte pakte Ien's hand, waarna we naar het dorp wandelen. We krijgen uitleg en kleine demonstraties over en van het leven van de Himba's. Een groepje vrouwen is bezig met een nieuwe kapsel voor een dorpsgenote. Met as en veel geduld worden de rode kleislierten ontrafeld en ontdaan van de troep. Een hele klus, die veel tijd kost en best pijn doet.

Himba dorp
Himba dorp
Op bezoek bij de Himba's net buiten Kamanjab
Himba dorp

In een hut laat een dikke Himba zien hoe ze zich 'wassen'. Niet met water, maar met rook. Zo wordt het ongedierte gedood en zijn ze weer schoon. Nadat we het dorpje hebben bekeken ontstaat een wat vervelende situatie. De vrouwen hebben een kring gevormd en prijzen hier hun waren ietwat opdringerig aan. Ans koopt een houten hoofdsteun, waarna we snel het dorpje verlaten.

Op bezoek bij Debbie

Hierna rijden we met Maria naar het huis van Debbie. Ze is op bezoek bij haar broer Jaco, die op hetzelfde landgoed een huis heeft. Het is best een eindje rijden naar Jaco over de grote farm. Het is leuk om Debbie weer te zien. Ze is inmiddels getrouwd met een aardige, maar op het oog behoorlijk oudere man. Ze hebben een dochtertje van 4. Het is een mollig kind met een lelijke navelbreuk. Jaco is net als zijn broer Ebben plofferig dik geworden. Hij was tot voor kort de beste gids voor tochten naar het noorden, maar sinds de asfaltweg naar Opuwo er ligt en het Himbagebied voor iedereen makkelijk toegankelijk is geworden is hij hiermee gestopt. We drinken een kopje thee en kletsen gezellig bij.
Vlak voor donker zijn we weer terug in Kamanjab. We eten in het guesthouse en liggen vroeg op bed.

 

Maandag 14 mei - Kamanjab naar Okahandja

 

We moeten vandaag een eind rijden naar Windhoek. Vroeg op dus. Voor we weg gaan nemen we nog wat foto's van het personeel, de TV kamer en de biltong winkel naast de Oase Inn die we in 1999 ook hebben gemaakt. De wereld lijkt stil gestaan te hebben.

De Elegant Farmstead Farm

Het is 5 uur rijden naar onze bestemming, de Elegant Farmstead farm op zo'n 100 km voor Windhoek in de bergen rondom Okahandja. Hier hebben we twee luxe dagen om ons voor te bereiden op de terugreis. De farm ligt midden in de heuvels. Er is een prachtige tuin, waar we lekker een bakkie kunnen doen. De hele dag gratis koffie en thee. We hebben lekker grote kamers. Heel modern. Achter ons huisje ligt een droge rivier, waar we tot onze verrassing blesbokken zien lopen. Blesbokken zijn vrij zeldzaam en komen alleen in de buurt van Kaapstad voor. Het voelt alsof je een tijger in Afrika of een pinguin op de noordpool ziet.

Om 19 uur zitten we rondom het kampvuur met een wijntje. Heel gezellig. Ze weten hier wel een sfeertje te creëren. Overal fakkels en kaarsen. Ien is er (uiteraard) helemaal weg van. We eten in de open eetzaal. Een dekentje als je het koud hebt ligt klaar. Het eten is prima en we voelen ons 'god in Frankrijk'. Na het eten bij het kampvuur nog even gezellig met wat Fransen gekletst. Om 21:30 naar bed.

 

Dinsdag 15 mei - Okahandja (Elegant Farmstead farm)

 

Tour langs Herero en Damara dorpje

Herero vrouw
Herero vrouw

Het zonnetje schijnt nog steeds als we om 8:15 ontbijten. We hebben een toertje geboekt naar dorpen in de omgeving. De goedlachse Jack is onze gids en chauffeur van de open kar. We rijden eerst naar een Hererodorp. Het is er erg primitief. Golfplaten huizen en veel troep. Een Hererovrouw in traditionele kleding is bezig met het maken van een soort oliebollen. We bedanken voor de eer om er eentje te proeven. We zouden ook een schooltje bezoeken, maar het is helaas vakantie. Jammer, want in dit soort landen een school bezoeken is altijd een belevenis.

We rijden verder naar een Damara dorpje. Ook hier armoe troef. We bezoeken een vriendelijke familie en kletsen wat via onze 'tolk' Jack. Ans gaat even naast oma zitten. De oude vrouw is 76 jaar, maar lijkt tentallen jaren ouder dan de 83 jarige Ans. In gebarentaal 'babbelen' ze wat met elkaar.

Gamedrive op terrein van de farm

Na dit dorp rijdt Jack terug naar de farm. Ze hadden hem niet verteld dat de terugweg een gamedrive over het landgoed van de farm was. Hij had geen sleutel bij zich, zodat we de losgelaten beesten vanuit de lodge gaan zoeken. We rijden door de droge rivierbedding en komen als snel oryxen, eland antilopen en die hier niet horende blesbokken tegen. Ondanks het 'Beekse Bergen gevoel' is het een leuke rit. Spanende paadjes en een leuke route. Onderweg komen we één van onze favoriete vogels tegen, de prachtige bijeneter.

In de loop van de middag zijn we terug. Ans gaat wat bijslapen, Ien pakt een ligstoel bij het zwembad en ik pak de pc. 's Avonds was het weer genieten van het gezellig verlichte terrein. Bij het kampvuur praten we met de aardige Mariska (de manager). Ze heeft al bij veel lodges gewerkt en vertelt veel over haar werk. Erg leuk.

Stinktorren

In de kamer hangt het muskietennet. Niet zozeer tegen de muggen, die zijn er momenteel nauwelijks, maar om de vele torretjes zoveel mogelijk uit het bed te houden. In het begin trapte of knepen we ze dood, maar dat bleek al snel niet handig. Ze heten hier niet voor niets stinktorren vanwege de stank die vrij komt als je ze door trapt. Voor Ien helemaal een ramp, want zij vindt het ook nog naar koriander ruiken en van die geur wordt ze helemaal misselijk.

 

Woensdag 16 mei - Terug naar huis

 

We herpakken rustig onze spullen en relaxen 's ochtends nog even bij het zwembad. Mariska (de manager) is helemaal weg van Ien haar mandala's, die we op de computer laten zien. Vooral de prachtige mandala van Namibië viel in de smaak. Om 12:15 rijden we 26 km terug naar de weg en komen zo in het dorpje Okahandja. Hier is een grote kunstmarkt met vooral veel houtsnijwerk. Ans doet hier inkopen voor de kleinkinderen, voor allemaal een houten olifantje. Ik snel alle kraampjes af op zoek naar een mooi houten beeld. De mooiste is helaas zwaar beschadigd. Tussen alle 'rommel' vind ik een prachtig houtsnijwerk voor Ans. Na een beetje afdingen kan de nieuwe aanwinst worden ingepakt.

Het is nog een uurtje rijden naar Windhoek. Bij Asco komen we onze vier Duitse vrienden weer tegen, die dezelfde vlucht terug hebben. Bij Dolomite heb ik een deukje in het spatbord gereden waar ze €140,- voor willen hebben. Ik probeer af te dingen en houd ze voor dat ze bij zo'n oude auto, ik schat hem minstens 8 jaar oud, het toch alleen maar even uit hoeven te deuken, verfje er over en klaar. De papieren worden er bij gehaald en de auto blijkt pas één jaar oud te zijn! Het wordt dus toch demonteren, uitdeuken en opnieuw spuiten en dan is €140,- opeens niet meer zoveel geld.

Om 17:00 worden we door Asco naar het vliegveld gebracht. Alles loopt op rolletjes. 20:00 vertrek, 9:00 in Frankfurt en meteen door naar Amsterdam waar we om 11:30 arriveren. Annemarie haalt ons op. Altijd leuk als er iemand bij de uitgang staat! We vertellen meteen in geuren en kleuren hoe geweldig deze vakantie weer is geweest. Namibië, we komen zeker nog een keer terug !!!