Marokko
Reisverslag 2007 - 2008
Marocco
Foto's Maya route
Reisinfo Maya route
website

Zaterdag 22 december - Vliegen naar Rabat
 

Vertrek

Na jarenlang hoog op ons verlanglijstje te hebben gestaan is Morokko eindelijk aan de beurt. Bij reisburau Inti, waarmee we ook naar Jordanië zijn geweest, hebben we een 15-daagse rondreis geboekt langs de “koningssteden”. En passant doen we ook het Atlas gebergte en de Sahara aan. Moeder Ans, 78 lentes jong, gaat ook mee.

Annemarie brengt ons naar het station van Rotterdam, waar we de trein nemen naar Schiphol. Vanwege de kerst is het op Schiphol enorm druk. Vooral bij Air France/KLM staan lange rijen omdat iedereen bij dezelfde loketten in moet checken. Bij het inchecken worden maar vijf van de zes instapkaarten uitgeprint. Leuk zo’n nieuw systeem, vooral als niemand weet hoe we aan die laatste instapkaart moeten komen. “Regel maar in Parijs” proberen ze nog om er vanaf te zijn. Niet dus. Uiteindelijk kunnen ze vlak voor het instappen alsnog een instapkaart printen en kunnen we opgelucht adem halen. Het vliegtuig heeft ½ uur vertraging. Er zijn veel vluchten vertraagd en uitgevallen, waardoor onze vlucht tot de nok toe opgevuld wordt. In Parijs moeten we flink doorlopen om de aansluiting te halen.
In het vliegtuig komt Ien er achter dat ze ‘ergens’ haar fototoestel heeft laten liggen. Door de vertraging mag ze het vliegtuig weer uit en vindt zowaar het fototoestel bij een naastgelegen gate. Pfft.
In Parijs hebben we een uurtje om over te stappen. We moeten naar de andere kant van het vliegveld, waarbij we langs meerdere controles moeten. Als we bij het vliegtuig naar Rabat aankomen is het instappen al begonnen.

 

Aankomst in Rabat zonder koffer


Na een voorspoedige vlucht arriveren we precies op tijd in Rabat. Het is hier een uur vroeger dan bij ons (20:15). Door de te korte overstaptijd blijkt een deel van de bagage nog in Parijs te staan. Ans en Ien hebben hun spullen, maar mijn koffer is er niet. Van nog een groot aantal mensen, waaronder mensen van een tweede Inti-groep zijn één of meerdere koffers niet aangekomen. Normaal gesproken worden dit soort zaken netjes opgelost. Je vult een formuliertje in, geef je adres en telefoon en de boel wordt nagezonden. Niet bij Air France!! Ze hebben het uitbesteed aan een lokale agent met een computer uit de tijd dat Microsoft nog niet bestond. Als hij na 20 minuten de eerste koffer (van de 30) heeft ingevoerd wordt zijn bureau belaagd door mensen die nu wel eens geholpen willen worden. Complete chaos. We zijn gelukkig als tweede aan de beurt. Na een tijdje krijgen we een formulier, met het verzoek morgen terug te komen om te kijken of de koffer is aangekomen. Nabezorgen? Nog nooit van gehoord! Bellen met de ANWB en Inti helpt niet. Ze kunnen alleen melden dat het nabezorgd moet worden, maar als ze dat niet willen ben je machteloos.
We gaan vanavond nog naar Cassablance en rijden morgen vroeg verder naar het zuiden. Bij elkaar zo’n 500 km. Even in Rabat kijken of de koffer er is, is dus geen optie. Als ik niet verder kom haal ik de Marokkaanse reisleider uit de aankomsthal. Ook hij loopt tegen een muur van onwil. Uiteindelijk besluiten we maar de bagage door te laten sturen naar Marrakech, waar we over 5 dagen zijn. Om niet elke dag in dit verslag de koffer perikelen te beschrijven hier een kort verslag van het vervolg. Reisleider Jamal hangt elke dag meerdere keren aan de telefoon en heeft alle kastjes en muurtjes van Marokko gezien. In Marrakech zijn we meerdere keren naar de luchthaven geweest, maar zonder succes. Uiteindelijk heeft de koffer ruim drie weken ergens op een hoop gelegen tot er iemand genegen was hem in het systeem in te voeren, waarna hij een week na thuiskomst toch nog onverwacht werd thuis bezorgd. Een hele slechte beurt van Air France/KLM. De service in Marokko was ver onder de maat.

 

Rond elven vertrekken we met z’n zevenen naar het 130 km verderop gelegen Casablanca. De rest van de mensen uit het vliegveld dat met Inti op reis gaat, maakt dezelfde route in omgekeerde volgorde. De rest van onze uit 15 mensen bestaande groep is vanmiddag al aangekomen in Casablanca. Om 1 uur liggen we na een enerverende reis op bed.

 

Zondag 23 december - Casablanca naar Essaouira

 

Casablanca - De Hassan II moskee

 

Het is zonnig als we rond achten met twee minibusjes uit Casablanca vertrekken. Voor we de drukke stad verlaten bezoeken we de Hassan II moskee. Het is de grootste moskee van Marokko, prachtig gelegen aan de zee. Zoals alle religieuze gebouwen is de moskee versierd met kleurrijke mozaïeken en sierlijke bogen.

 

 

Via de kust naar Essaouira

 

De route naar Essaouira
Langs de kustweg naar Essouiara

We volgen de kust naar het zuiden. Bij El Jadida maken we aan het strand kennis met de overheerlijke Marokkaanse koffie. Hoe verder zuidwaarts we komen, hoe primitiever het wordt. De auto wordt steeds vaker vervangen door een ezel. Steeds meer vrouwen dragen een hoofddoek en de mannen zijn vaak gekleed in een dikke stoffen jas met grappige puntmuts. Ook komen we de eerste kamelen tegen. De groep lijkt ons erg leuk. Er wordt gezellig gekletst over van alles en nog wat. Alleen jammer dat we met twee auto’s zijn, zodat je niet met iedereen even goed contact kan hebben.

 

Essaouira

 

Het laatste stuk naar Essouaira rijden we langs de zee. Tussen de hooggelegen weg en de zee vindt akkerbouw plaats. Heel apart. Wat kan er nou groeien in zo’n zilte omgeving? Om 18:00 zijn we pas in Essouaira. Het is een moderne badplaats met een gezellig historisch centrum, vol pleintjes met terrassen en smalle winkelstraatjes. We slenteren wat langs de winkeltjes en verbazen ons er over dat de mensen lang niet zo opdringerig zijn als overal wordt beweerd. In een gezellig restaurant aan het water vieren we met z’n drieën het begin van de vakantie.

 
Maandag 24 december - Essaouira
 
De haven van Essaouira

 

Essaouira - dag 2-3

In deze kustplaats hangt een rustige sfeer. Dwaal in dit oude stadje door de smalle straatjes met hoofdzakelijk witte huizen met blauwe kozijnen en deuren. De havenkade – waar de vis wordt gelost - is dé plek bij uitstek om bij een van de vele restaurantjes van de vers gevangen vis te genieten. Ook zijn de twee zeer verschillende soukhs een bezoek meer dan waard. De ene is rommelig (gereedschappen, potten, pannen) en de ander overzichtelijk (kruiden, parfums, vis). Wil je liever luieren en genieten van de zon, dan is er een mooi strand langs de lange boulevard waar tegen zonsondergang vaak verliefde Marokkaanse stelletjes lopen te flaneren.

De haven van Essaouira
Blauwe vissersboten in de haven van Essaouira

Het lukt ons niet om al vroeg in de haven te zijn. Als we om 9:30 arriveren zijn de vissersboten al lang gelost en is de visafslag al weer verlaten. We slenteren nog wat door het haventje en zien de vissers hun netten repareren en grote vishaken maken voor het vangen van haaien.

 

De oude vesting


Naast de haven ligt de oude vestingmuur, waar de kanonnen nog dreigend tussen de kantelen uit steken. Hierna lopen we via een gezellig pleintje het oude centrum in. Het is heerlijk weer en we genieten op een terrasje van de zon.

Uitzicht over de oude vestingstad
Verse vis kiezen en eten op de markt.
Ien bewaakt de stad!


Bij de haven kun je buiten bij één van de vele viskramen verse vis uitzoeken, die ze ter plekke roosteren. De concurrentie is moordend. “Kom bij ons, kraam 7!”. “Nee, bij ons, kraam 21. Niet vergeten hoor!”. Bij “kraam 4” kiezen we een tong, stuk tonijn, rode snapper en wat garnalen. Vanuit de kraam zo de gril in en even later ietwat zwart geblakerd op ons bord.
Met de taxi gaan we even terug naar het hotel. Na een kort tukje blijft Ans achter en gaan we samen het dorp in. We lopen heel wat prullaria winkeltjes af en Ien slaat wat kleine souvenirs in. Ien krijgt nog bonje met een man die lekker in zijn kar ligt te slapen. Als hij net ontwaakt als Ien en foto neemt is hij des duivels.
Na een prachtige zonsondergang met het oude fort als ideaal decor gaan we weer terug naar het hotel. Op het dakterras genieten we nog even na van deze heerlijke dag. Ien heeft een kerstboompje met lichtjes meegenomen. Zo is het toch nog een beetje kerstavond.

Even lekker een tukje doen.
Kruidenwinkeltje
Tapijten zijn volop te krijgen.

 

Gezellig kerstdiner

 

De avond valt over Essouira

Ien heeft een leuk restaurantje gevonden. Het heet ‘El Patio’. Als we binnen komen gaat Ien helemaal uit haar bol. Op de grond en tafels liggen rozenblaadjes en glittertjes en overal branden kaarsen. Wat een sfeertje! De serveerster gooit een wit gordijn opzij, waarachter een supergezellig plekje verschijnt. Banken met kussens en een tafel vol lichtjes en glittertjes. Het kerstmenu staat geschreven op het opgerolde menu met rode strikje. Vooraf een mooi opgemaakt broodje met zalm . Hierna een gekoelde tomatensoep, heerlijke stukjes vis en ijs toe. Een glas champagne met Marokkaanse Petitfourtjes completeerden de perfecte avond. Om 23 uur nemen we voor 1€ de taxi terug.

 
Dinsdag 25 december - Marrakech
 

Argan: Vloeibaar goud
Arganolie is een zeldzame olie, die met de hand wordt geperst. Dat gebeurt alleen nog in het zuiden van Marokko, de enige plek ter wereld waar de boom 'Argania Spinosa' nog overleeft. Berbervrouwen kraken daar de keiharde noten -18 keer zo hard als hazelnoten- en persen de zaden, nog altijd op dezelfde manier als ze dat eeuwen geleden deden: tussen een steen op de grond en een in hun hand. Dat levert de gloedvolle Arganolie op. 

Oerboom
De Argania Spinosa groeide al 25 miljoen jaar geleden. Elke boom kan 400 jaar oud worden. Dankzij wortels die tot 30 meter diep kunnen, overleeft de boom de grote hitte van de woestijn.
Dauw en mist brengen hem meestal voldoende vocht.

Vruchten en zaden
Eens in de twee jaar verschijnen er bloemen en groengele vruchten in de brede kroon van deze sterke boom. Uit de zaden in hun pit wordt de Arganolie gewonnen. Er is zo'n 40 kilo vruchten nodig - de opbrengst van een hele boom - voor een liter olie. De vruchten zijn te bitter om te eten. Maar geiten houden ervan en klimmen er graag voor in de takken. Een bizar gezicht, dat wel steeds ongewoner wordt, omdat het alleen wordt toegestaan bij bomen waarvan geen olie voor de markt wordt verkregen.

Persing
In de schaduw van hun huizen breken Berbervrouwen de pitten tussen twee stenen. De twee a drie ongekneusde zaden worden er zorgvuldig uitgehaald en ontdaan van hun bitter smakende vliesje. De zaden worden dan op kleine houtskoolvuurtjes licht geroosterd. Vervolgens worden ze in een stenen handmolen gemalen, tot een dunne pasta ontstaat. Die pasta kneden de vrouwen met gekookt bronwater urenlang, tot de okerkleurige olie vrij komt.

Smaak
In de smaak van Arganolie herken je een subtiel samenspel van hazelnoten, sesam en warm, versgebakken brood. Arganolie, een rage in buitenlandse topkeukens is onovertroffen in salades, over vlees en vis. De nootachtige smaak is heerlijk over warme pasta, couscous of rijst. Maar Arganolie is ook erg lekker over ijs, hangop of creme brulee, en over allerlei vers fruit. Traditioneel is de combinatie van Arganolie, honing en amandelen, of een zijdezachte Arganmarinade voor geitenkaas.

Arganolie werkplaats

 

Oude vrouwen kraken de harde argan noten, 18 keer zo hard als hazelnoten.

Om 8:30 vertrekken we naar het sprookjeachtig klinkende Marrakech in het binnenland. Even buiten Essouaira stoppen we bij een werkplaats de bittere Argan-noten verwerken tot olie. Berbervrouwen kraken de keiharde noten, 18 keer zo hard als hazelnoten, en persen de zaden, nog altijd op dezelfde manier als ze dat eeuwen geleden deden: tussen een steen op de grond en een in hun hand. Het is hard werk, dat vooral door oude vrouwen wordt gedaan. De olie wordt gebruikt voor huidverzorging en in bepaalde maaltijden.

 

Argan werkplaats
De noten worden geperst tot arganolie.

De ‘Argania Spinosa’, die alleen in Zuid-Marokko voor komt, groeide al 25 miljoen jaar geleden. Elke boom kan 400 jaar oud worden. Dankzij wortels die tot 30 meter diep kunnen, overleeft de boom de grote hitte van de woestijn. Dauw en mist brengen hem meestal voldoende vocht.

 

Primitieve markt

 

Water verkoper.

Iets verderop stuiten we op de drukke weekmarkt van een klein plaatsje. Van heinde en verre komen mensen op de ezel of met een ezelkar naar de markt. Tot onze verrassing  is het vooral een mannenaangelegenheid. Door de regen is het veld één blubberpoel. We lopen een kwartiertje over de markt. We worden wat vreemd aangekeken, want het gebeurd niet vaak dat er buitenlanders over de markt slenteren. Aan de rand hebben kappers hun tenten opgeslagen. De plaatselijke bevolking wordt hier massaal geknipt en geschoren. Terwijl de smid een nieuw  hoefijzer onder de hoeven van een ezel slaat zoeken mannen in een grote berg schoenen, gemaakt  van autobanden, bij elkaar passende maten. Een zeer levendige markt, waar de tijd stil gestaan lijkt te hebben.

 

De meeste mensen reizen per ezel.
Wikken en wegen op de markt.
Tandarts gezocht.


De weg wordt geflankeerd door ontelbare Argonnotenbomen. Geiten zijn dol op de bittere noten en klimmen soms tot de kruin van de bomen om de noten eten. Grappig die klimgeiten.
 

Als we Marrakech binnen rijden valt meteen op dat de stad voor een groot deel gebouwd is met lichtbruine Adobe stenen. Ook de nieuwbouw heeft deze fraaie kleur. We hebben een leuk hotel in het nieuwe centrum.

 

Stadstour Marrakech

De oudste moskee van Marrakech.

Om twee uur maken we met een plaatselijk gids een stadstour. De man is door de autoriteiten aangesteld en lijkt er weinig zin in te hebben. We starten net binnen de stadswallen bij de Koutoubia moskee. De minaret, net als overal in Marokko rond en robuust, is met zijn 70 meter één van de hoogste in de westelijke moslimwereld. De gids rent vooruit, zodat wij zijn beknopte uitleg missen. Iets verderop ligt het ‘Alhambra-achtige’ Bahia paleis. Het verlaten

.
Kunstige islamitische mozaiek

paleis bevat vooral veel graven van een verloren gegane dynastie. Het paleis is verfraaid met ontelbare prachtige mozaïeken. Hierna lopen we naar het bekende plein, de ‘place Jemaa el Fna’. Het is er enorm druk. Op het plein spelen muziekanten, poseren er in klederdracht gehulde waterverkopers, doen acrobaten hun kunstjes en proberen slangenbezweerders een centje bij te verdienen. Daarnaast zijn er ontelbare stalletjes, waar je allerlei snuisterijen kunt kopen of de inwendige mens kunt verwennen. Ien laat haar hand lezen bij drie in burka gestoken vrouwen. Ze heeft zelden zoveel onzin gehoord van deze fanatieke vrouwen.

 

.
's Avonds is het gezellig druk op het ‘Jemaa el Fna’ plein.

Aan het plein grenst de soukh, de wirwar van straatjes vol stalletjes. Ziet er erg gezellig uit. Dat belooft wat voormorgen. Met de hele groep eten we een pizza in een koud en tochtig restaurant. We merken aan de rekening dat hier veel toeristen komen. Er staat veel te veel op en in plaats van een ‘sorry’ kun je aan het gezicht van de ober aflezen dat hij baalt dat het niet gelukt is wat bij te snaaien. We nemen de taxi terug naar het hotel. Het leek wel een wedstrijd ‘hoeveel mensen kunnen er in een auto’. Pas als de laatste van onze groep er echt niet meer bij kan wordt er een tweede taxi aangehouwen, waarna hetzelfde tafereel volgt. Uiteindelijk lukt het om met z’n twaalven in twee taxi’s terug te komen. Echt lachen. Jamal is met Tjeerd en Beatrijs naar het vliegveld geweest voor de bagage. Zoals verwacht is het ook niet in Marrakech aangekomen. Ze gaan vannacht naar Rabat, bij elkaar meer dan 500 km, om te kijken of hun spullen daar nog op een hoop liggen. Ik heb daar geen zin in en maak vanavond een lijst met spullen die we morgen op de markt moeten kopen voor de rest van de rondreis.

 
Woensdag 26 december - Marrakech
 
Historisch centrum

Marrakech – dag 4-5

We reizen weer terug naar Marrakech. Het prachtige en altijd verrassende Marrakech is de 4e koningsstad die we bezoeken en één van de hoogtepunten van deze reis.
In de overdekte soukh van Marrakech tref je veel handwerklieden aan die mooie ovenschalen maken met piramidevormige deksels (zogenaamde Tajines). Dit doen ze zeer kunstig met handgedraaide houten barbecuepennen. Ook is er een grote ver-scheidenheid aan leerwerk te bewonderen.
Het Djema El Fnaa plein is iedere avond weer een belevenis op zich. Aan het eind van de middag verschijnen de eerste kraampjes en eettentjes en tegen de avond is het hele plein vol. Je kunt er werkelijk van alles eten, van schapenkoppen tot een gewoon frietje. Maar ook de slangenbezweerders en toneelspelers trekken je aandacht. Laat je verrassen wat ze voor je opvoeren. Ook zijn het Bahiapaleis en de Saadische graven beslist een bezoek waard.

Jamal, Tjeerd en Betrijs zijn vannacht om 4 uur terug gekomen. Zowaar met koffer! Ze hebben nog naar mijn koffer gekeken, maar die is volgens het systeem al een paar dagen hier in Marrakech. Hoewel ik er geen vertrouwen in heb, gaan we vanmorgen toch maar even kijken op het vliegveld. Zonde van de tijd. Ze weten hier van niets en geven Rabat weer de schuld van alles.

.
Grappig kruidenstalletje.

Hierna gaan we met Jamal naar het centrum van Marrakech. Hij helpt bij het vinden van stalletjes in de soukh waar je onderbroeken, shirts en dergelijke kunt kopen. Wel leuk om hier ‘gewone’ inkopen te doen. Als we alles hebben gaan we naar het hotel terug om Ans op te halen. De omgeving van het hotel, ver buiten het centrum, is verrassend gezellig. Op een terrasje lunchen we en genieten we even lekker van de zon.

Met de paardenkoets

Weer terug in het historische centrum maken we een rondrit in een koetsje. Het valt zwaar tegen. De volgens ons zwaar beschonken man leidt zijn paard het centrum uit en rijden we over een saaie, lange weg naar een botanische tuin. Daar hebben we op dit moment helemaal geen zin in en via dezelfde weg rijden we weer terug. Alleen het laatste stukje naar het plein is even leuk. Jammer, het zag er zo leuk uit.

We zoeken meteen het gezellige ‘Jemaa el Fna’ plein op. Er is weer veel te zien. Slangenbezweerders, kaartlezers, hennaschilders, muziek- en dansgroepen en zelfs een tandarts, waar je je kiezen met een ouderwetse tang kunt laten trekken. Tegen donker zoeken we een bar-restaurant op waarbij je uitzicht hebt over het plein. De lichtjes zorgen voor een indrukwekkend sfeertje. Op het plein hebben de eetstalletjes de macht genomen. Een lucratieve handel.
We duiken ook nog even de drukke soukh in. Ook hier is er nog veel bedrijvigheid. Een hele gezellige avond.

.
.
.
Het gezellige ‘Jemaa el Fna’ plein.
Slangenbezweerder op ‘Jemaa el Fna’ plein.
's Avonds is er veel sfeer in Marrakech.

 
Donderdag 27 december - Alt Benhaddou
 
Terugkerende bedevaartgangers

Ait Benhaddou - dag 6

De volgende dag rijden we via een prachtige bergweg met uitzicht op zogenaamde hersenrotsen naar Ait Benhaddou. Dit dorpje ligt op 30 km afstand van Ouarzazate (spreek uit: waar ze zate) en bestaat uit een paar huisjes, restaurantjes en een enorme Kasbah. Deze bezienswaardigheid is in het verleden steeds groter gemaakt en is veelvuldig het decor geweest voor films als ‘Lawrence van Arabia’, ‘The Jewel of the Nile’ en ‘Gladiator’. Wanneer je hier rond dwaalt waan je je absoluut niet in de 21e eeuw. De bevolking is hartelijk maar wel een beetje schuw. De kinderen zullen je wellicht meevragen om kennis te maken met hun manier van leven en wonen.

Vandaag rijden we het Atlas gebergte in. Het wordt een lange rijdag. Vlak voor we vertrekken gaat Ien door haar rug. Het doet verschrikkelijk pijn en ze kan nauwelijks lopen. Zitten gaat nog redelijk, maar de rest is een drama.

.
Olijfbomen.

Met de hele groep rijden we nog even naar het vliegveld voor de bagage. Het is daar gigantisch druk. Een grote menigte wacht op familieleden die vandaag massaal terugkomen van de jaarlijkse bedevaart naar Mekka. Jamal mag van een strenge agent niet mee naar binnen. Ik moet dus alleen de plaatselijke dropstengel in beweging zien te krijgen. Dat lukt zowaar, maar de koffer blijft onvindbaar. De groep wacht buiten lekker in het zonnetje en is gezellig ervaringen aan het uitwisselen. Ien krijgt van Ivonne een turkooizen ring. ‘Omdat het zo mooi bij je armband past’. Aardig hé!

.
Marrakech laten we achter ons en trekken de Atlas in.

De rit naar Alt Benhaddou is lang en af en toe een beetje saai. Af en toe stoppen we even voor een overheerlijke bak cappuccino. De koffie in Marokko is geweldig. We zijn na een paar dagen stad wel blij even in de natuur te zijn. Hoe verder we van Marrakech zijn, hoe primitiever het weer wordt. Een van de plaatsen die we passeren is Oarzazate, dat je uitspreekt als ‘waar-ze-zate’.

Alt Benhaddhou

.
De oude vestingstad Alt Benhaddhou

Tegen vieren zijn we bij de oude vestingplaats Alt Benhaddou. Het is een 400 jaar oude vesting (‘kashba’), gemaakt van zand, water en stro. Het is bijzonder goed bewaard gebleven en staat majestueus op een heuvel in de woestijn. Alt Benhaddou is zo fraai en origineel, dat hier veel bekende films zijn opgenomen. Gladiator en Lawrence of Arabia zijn hiervan de bekendste. De vesting is op een heuvel gebouwd en het is een hele klim om boven te komen. De sterke Johan helpt Ien. Het is een imposant bouwwerk. Boven heb je een geweldig uitzicht over de omgeving. Hoogtepuntje van de reis.

Als de zon onder is wordt het erg koud. Als Ien niet in beweging is voelt ze haar rug. Elke beweging doet zeer. Een flesje wijn, massage, tijgerbalsem en kilo’s paracetamol zijn niet voldoende om Ien goed door de nacht heen te loodsen. We hopen dat de problemen, net als in Madagaskar, met een paar dagen over zijn.

.
.
.
De poort van Alt Benhaddhou.
.
Boven heb je een prachtig uitzicht.

 
Vrijdag 28 december - Gorge du Dades
 
Gids Jamal in Touareg outfit

Gorge du Dades – dag 7

De palmen en fraaie vergezichten verruilen we voor de Todra Gorge aan. De kloof is opvallend door zijn steile hoge bergwanden. Door de vallei van de Dades-rivier rijden we verder. Onderweg maken we een stop bij enkele dorpjes voordat we via een bergweg aankomen in de Gorges du Dades. De ondergaande zon zal het landschap een mysterieuze, maar prachtige uitstraling geven. De eigenaar van het pittoreske hotel verwelkomt je hartelijk. De avond zal hier niet eerder worden beëindigd nadat je genoten hebt van de lokale zang en dans.
Vanuit ons hotel kun je onder begeleiding van een lokale gids een wandeltocht maken door indrukwekkende kloven naar een gebied waar enkel en alleen geitenhoeders komen. Neem schoenen mee die nat mogen worden want de rivier wordt op een aantal doorwaadbare plaatsen overgestoken.

.
Onze leuke gids Jamal.

Jamal heeft vandaag zijn Touareg outfit aangetrokken. De Touareg zijn een trots nomadenvolk uit de Sahara, dat vroeger met dromedarissen in karavaans handelswaar door de woestijn vervoerde. Ze leven vooral in Mali, Niger en Algerije. In Mali dragen de vrouwen enorme gouden oorbellen. Jamal is van origine ook een Touareg en gaat de komende dagen gekleed in het typische lichtblauwe gewaad.

Naar de Dades kloof

.
De kale, maar o zo mooie Atlas.

Het is vijf uur rijden naar onze bestemming, de kloof van Dades. Onderweg stoppen we bij een aantal uitzichtpunten. Het gaat met Ien d’r rug wat beter. Als we onderweg in een dorpje stoppen regelt Jamal een massage voor Ien. Een oude vrouw verwarmt haar met olie ingesmeerde handen in een vlam geeft haar een goddelijke behandeling. Het doet haar zichtbaar goed.

In Dades hebben we een leuk hotelletje. Het is echter steenkoud en de kamers zijn niet verwarmd. Dat wordt afzien! In het zonnetje is het wel lekker. Op het terras eten we met de hele groep gezellig een hapje.

Wandelen met Husseyn

.
Pittoresk dorp net buiten de Dades kloof.

Om half drie gaan we met gids Husseyin wandelen. Ien gaat ook mee en ze heeft bijna geen last meer van haar rug. De groep wil echter wedstrijdje doen en sjeest er vandoor. Een tempo dat we normaal gesproken ook niet bij hadden willen houden. Geen enkel oog voor de omgeving. De gids blijft even bij ons en verbaast zich ook over dit gedrag. We lopen ons eigen tempo en blijven iets achter de groep hangen (zo’n 30 meter). Na een kwartiertje komt Anneke terug lopen. ‘Wat aardig, ze komt ons gezelschap houden’ denken we nog. Nee, de bitch vindt dat we te langzaam lopen en verzoekt ons met haar pinnige vuurspuwende ogen terug te gaan. Hierop huppelt ze weer terug naar haar (ex) ‘vrienden’, ons verbijsterd achter latend.

.
Tijdens de wandeling ontmoeten we vriendelijke mensen en kinderen.

Vanaf dit moment wordt ze door de meesten van de groep ‘de heks’ genoemd, want vrienden heeft ze met deze actie niet gemaakt. We negeren haar wens en sluiten, als we een zijpaadje in slaan, weer aan bij de groep. Het is een leuke, gemakkelijke wandeling. Soms wat klimmen en dalen. De vriendelijke Husseyin helpt af en toe een handje als we over een boomstam naar de andere kant van de rivier moeten of het klimmetje te steil is. We komen ook door een paar dorpjes, waar mensen met takkenbossen ons passeren. Mooie uitzichten en een lekker zonnetje maken het een heerlijke wandeling. Dat misgun je toch niemand? Na twee en een half uur lopen worden we door onze busjes opgehaald.

De kloof van Dades

.
De Dades kloof.

Met de busjes rijden we diep de kloof in. Via haarspeldbochten stijgen we naar een prachtig uitzichtpunt, waar de kloof zich vernauwt. De vrouwen kijken een paar seconden naar al dit moois, maar storten zich hierna driftig op de sierraden verkopers.

Het is steenkoud als we in het hotel terug zijn. Er zijn niet genoeg straalkachels. Er wordt wat met kamers geschoven, maar dat helpt niet veel. Ik vind in de bezemkast nog een oude, werkende straalkachel. Johan zorgt er voor dat we met de grote straalkachel van de receptie alle kamers even op mogen warmen.

.
Boerenbridgen.

Om 19:00 zitten we aan tafel. Het is heel gezellig met Johan en Monique. Hij is zo’n droge en zij ligt continue in een deuk van het lachen. Heel aanstekelijk. Als de rekening komt blijken we een behoorlijke poot uitgedraaid te zijn. Johan gaat vol in de aanval en maakt de ene na de andere opmerking. De baas komt er bij en regelt voor onze tafel gratis koffie.

Kamer 41 is een grote suite, waar de familie van Tjeerd slaapt. De kamer is ingericht als gokhol, waar de inmiddels aan boerenbridge verslaafd geraakte groep steeds verder uitdijt. Er is een open haard, die na een belletje meerdere keren door mensen van het hotel van nieuw hout wordt voorzien. Het is erg gezellig en we liggen pas om 23 uur op bed.

 
Zaterdag 29 december - Dades naar Erg Chebbi
 
Via Gorge du Todra de Sahara in

Erg Chebbi – dag 8-9

We naderen de Sahara met aan de woestijnrand zijn palmen en fraaie vergezichten. Het asfalt houdt op bij Merzouga. Vanaf hier bereiden we ons voor op de tocht naar de “lopende” zandduinen bij Erg Chebbi. We overnachten hier in Bedoeïententen, en douche en toilet bevinden zich in een andere tent. Mocht je er toch voor kiezen liever in een kamer te slapen dan kan dit tegen minimale kosten in de nabij gelegen Auberge. Om ons te beschermen tegen het zand kopen we een Touareqdoek waarover we een kundige uitleg krijgen hoe je deze opdoet. Een vaak komische situatie…
Sta verbaasd bij de aanblik van de zandduinen en de immensheid van dit natuurverschijnsel. Laat niet alleen je voetsporen achter in het zand maar ook die van de kameel waar je op zit! Oftewel, maak een kamelentocht met de ‘schip van het woestijn’, altijd een unieke ervaring! De tocht vindt plaats onder begeleiding van de woestijnbewoners, de ‘blauwe mannen van de woestijn’ genoemd vanwege hun blauwe gewaden. Het vergt enige vaardigheid om een kameel te beklimmen. Maar wanneer je eenmaal zit kan de tocht beginnen en geniet je van een magnifiek uitzicht.

.
Gorge du Todra

Om 8 uur vertrekken we richting de Sahara. We maken een korte stop bij Gorge du Todra. We lopen even de kloof in, maar hebben te weinig tijd om één van de fraaie wandelingen te maken. We rijden langzaam het Atlas gebergte uit en zijn rond 15 uur bij de prachtige zandduinen van Erg Chebbi. We overnachten hier in tentenkampen. Er zijn ook gewone kamers, maar die zijn bijna allemaal bezet vanwege de koude nachten. Gelukkig kunnen we voor Ans de laatste kamer regelen.

Met de drommedaris naar een bedoeinen kamp

.
Met de drommedaris trekken we de woestijn in..

Op het programma staat voor vanmiddag een kamelentocht naar een bedoeïenen kamp. Hier zullen we midden in de woestijn overnachten in een tent. Ien durft het aan met haar rug, zodat we Ans toevertrouwen aan Johan en Monique en stappen we aan het eind van de middag op onze dromedaris. We zijn met z’n elven en worden in twee groepen verdeeld. De dromedarissen worden achter elkaar gebonden en elke groep krijgt een eigen Touareg begeleider. We hebben een rugzakje mee voor de nacht.

In het late middagzonnetje trekken we de rood opkleurende woestijn in. Prachtig! Wat een kleuren. De naar het kamp trekkende groepen dromedarissen maken het sprookjeachtige beeld helemaal compleet. Na anderhalf uur hobbelen, vlak nadat de zon achter de zandduinen is verdwenen, komen we aan in het kamp. We delen de tent met Ivonne en Merel. De tenten zijn groot, maar erg laag. Je moet kruipend naar je matras. Gelukkig zijn er veel dekens om je ’s nachts warm te houden.

.
.
.

Kamperen onder de heldere sterrenhemel

.
Avondgloed over de duinen van Erg Chabbi

In een grote tent brengen we de avond door. Annette heeft een kerstboompje en wat waxinelichtjes meegenomen voor de kerstsfeer. Naast onze groep van 11 schuift een Italiaanse groep aan. Buiten brandt een houtvuur en wordt er muziek gespeeld. Binnen wordt geboerenbridged en dat is ook erg gezellig.

Het eten is verrassend lekker. Soep en de inmiddels overbekende tajine met kip en groenten. We hebben, net als Wim, een fles wijn bij ons ter vergroting van de feestvreugde. Na een mint theetje trotseren we nog even de vrieskou om te genieten van de sterrenhemel. Het toilet is ergens achter de tent. Je moet in het donker wel even oppassen niet in de drek van iemand anders te gaan staan. Van een schepje hebben ze hier nog nooit gehoord.
Na een gezellige avond zoeken we rond 22:30 de ijskoude tent op. Ondanks de drie loodzware dekens lukt het niet om warm te blijven op de harde, koude ondergrond.

.
.
Slapen in een ijskoude tent.
Muziek en dans houden ons warm..

 

Zondag 30 december - Erg Chebbi
 

Vroeg op voor de opkomende zon

.
De zon komt op achter de duinen..
.
Onze touareg gids.

We zijn in het donker al op om vanaf een zandheuvel de zon op te zien komen. Het heeft vannacht licht gevroren en de douw is op sommige plaatsen bevroren. Er heeft zich hier een dun ijslaagje gevormd. Heel apart. Als we zandduin voor de helft hebben beklommen zijn we hoog genoeg om een mooi uitzicht over de zandduinen te hebben. We laten ons in het zand ploffen en wachten samen met Beatrijs op het moment dat de zon achter de duinen verschijnt. Als de zon onze koude ledematen heeft opgewarmd gaan we terug naar het kamp. Het ochtendzonnetje geeft de omgeving prachtige kleuren. We wanen ons in de Sossusvlei van Namibië.

Terug naar de bewoonde wereld

.
Ons kamp midden in de duinen.

Als we terug zijn is de tafel keurig gedekt. Na het ontbijt is het tijd om terug te gaan. De dromedarissen worden door de prachtige touaregs gezadeld, waarna we weer in twee karavaans terug gaan. Het is weer een prachtig tochtje. De kleuren van het zand zijn weer heel anders dan gisteren. Ien filmt dit keer en weet alle hobbels perfect vast te leggen. Van de benen van de dromedaris naar de lucht en weer terug.
Bij het hotel worden we door de rest van de groep opgewacht. Monique heeft goed voor Ans gezorgd. Lief hé?
We zijn stijf van de rit en zoeken een plekje in de zon om even bij te komen.

Met de jeep rondom de rode duinen

.
Het mooiste plekje van Erg Chebbi

Om half elf gaan we met drie jeeps de omgeving verkennen. De route voert ons om de zandduinen heen. We hebben een leuke chauffeur, die af en toe een stuntje met de jeep uithaalt, zoals even tegen een duin oprijden of races tegen een andere auto. Telkens als we stoppen komen er uit het niets jongetjes op fietsjes aanzetten. Er wordt snel een krant uitvouwen waarop hun prullaria wordt uitgestald.

.
Fossielen in de Sahara !!.

Als eerste stoppen we bij een plek waar fossielen aan de oppervlakte zijn gekomen. Overal liggen grote en kleine stenen met versteende slakjes en andere schelpdieren. Hier bezoeken we ook een familie die in een Bedoeïenentent  leeft. Er staat ook een klein lemen huis, waar brood wordt gebakken. De kleine kinderen zijn plaatjes en krijgen veel aandacht. We worden wat onwennig, maar wel zeer hartelijk ontvangen en krijgen een bakje muntthee en zelfgemaakt brood aangeboden.

De lunch is op een heel mooi punt. Je hebt hier uitzicht over de oranje zandduinen, dat extra kleur krijgt door groene bosjes op de voorgrond. Terug in het dorp worden we onthaald met een groepje zwarte mensen die traditionele Afrikaanse muziek maken. Het is wel mooi, maar erg eentonig. Voor we verder gaan lopen we even door het dorp. Er is een schooltje, maar dat is vandaag helaas dicht. Via een niet bijster interessant meer rijden we terug naar de “Auberge”. Het was een verrassend leuke trip.

.
.

Gezellige avond met Touareg muziek

.
Ien d'r mooie Touareg

We kunnen een matras regelen waardoor we vannacht bij Ans in de kamer kunnen slapen. De rest van de groep slaapt in de tenten. We zijn blij niet nog zo’n koude nacht mee te hoeven maken.
Na een prachtige zonsondergang zoeken we binnen ons vertier. Annette heeft waxine lichtjes, rode kleedjes en een kerstboompje op tafel gezet. Dat verzacht het leed van ons smakeloze avondeten. Gelukkig is er voor de vrouwen een knappe Touareg waarnaar ze de aandacht kunnen laten gaan. Ien noemt het Alladin (“zo uit de Efteling”) en maakt een hele fotosessie van hem.

Laat in de avond gaat een bandje spelen. Hele opzwepende muziek. Heerlijk. Er wordt een vuurpotje neer gezet en wierook aangestoken. Kortom, het sfeertje zit er goed in. Met Johan en Monique lachen we heel wat af.
Pas over twaalven zoeken we ons mandje op.

 
Maandag 31 december - Rijdag naar Fes
 
Via het Atlas gebergte naar Fes

Fes – dag 10-12

Vanuit Erg Chebbi is het een lange dag rijden naar Fes. Via de woestijnsteden Erfoud en Rissani rijden we de Sahara weer uit. Onderweg passeren we het kleine plaatsje Azrou, bekend om haar berbertapijten en houtsnijwerk, en prachtig gelegen in de hoge Atlas. We rijden door een cederbos waar we met wat geluk apen hun dagelijkse kostje bij elkaar kunnen zien scharrelen. Halverwege de rit lunchen we en tegen de avond arriveren we in Fes.
De Bab Bou Jeloud, de poort die toegang biedt naar de oude stadswijk, wordt ook wel Medina genoemd. Leer en geweven tapijten zijn de belangrijkste producten van Fès. In het doolhof van straatjes is het vaak niet duidelijk of je nu in de winkel bent, door het huis loopt of alweer in een andere wijk bent beland. In de leerlooierijen staan jongens de gehele dag leer te stampen in een haast ondraaglijke penetrante lucht. Dit is niet een beroep waar je erg jaloers op zult zijn. Natuurlijk kun je jezelf ook in de Medina laten verwennen in de Hamman (badhuis) die voor vrouwen en mannen gescheiden zijn. Heerlijk rozig loop je daarna weer de warme avond in.

.
Berberaap.

Met het laatste straaltje water wassen we ons haar. Wat kunnen eenvoudige dingen toch luxe zijn, De rest van de groep is na een ijskoude nacht in de bedoeïenentent opgestaan met dikke truien aan en doen die voorlopig niet meer uit ook. Na een heerlijke pannenkoek rijden we om 8 uur richting Fes. Het is een lange rit van 10 uur, dwars door het Atlas gebergte. We zitten in de gezellige bus met Monique, Johan, Ans, Annette en Wim.
We komen vandaag langs de grootste oase van Marokko. Het is meer een grote, groene vallei, maar wel erg kleurrijk.

Berberapen

.
De hoge Altas.

Halverwege gaan we door een cederbos. Hier leven de laatste berberapen. Hoewel er nog maar weinig dieren over zijn, is het geen probleem ze te vinden. De ongelukkig kijkende dieren hebben zich verzameld bij een parkeerplaats en hopen op een gemakkelijk hapje. Dat ze daar niet vrolijk van worden is duidelijk te zien. De rit door het Atlasgebergte is soms erg fraai. Mooie vergezichten, besneeuwde toppen en herders die op hun schapen passen bepalen het landschap.

.

Fes

Tegen donker komen we aan in Fes. We hebben een hotel in het nieuwe centrum van de stad. We moeten eerst een probleem met de kamer oplossen. In een krappe tweepersoonskamer hebben ze tussen de twee bedden in het ‘gangpad’ een derde bed gepropt voor Ans. Dat kan echt niet. Na enig aandringen krijgen we een eigen kamer. Ze hebben alleen de enorme bruidssuite nog vrij en die is de komende dagen voor ons!
Ans heeft het gehad en zoekt haar nestje op. Wij gaan een hapje eten in het door Jamal aanbevolen “Ten Years” restaurant. Het Marokkaanse eten was prima, maar het was zo koud dat iedereen met zijn dikke jas aan tafel zit. Ongezellig koud dus.

Oud en Nieuw

.
Oud en nieuw met de leuke Johan en Monique .

Rond elven zijn we terug in het hotel. Ien heeft met Mohammed wijn gekocht voor de oudejaarsavond. De hele groep zou hier rond deze tijd zijn om het Hollands Nieuwjaar, daar lopen ze een uur voor, te vieren. Van de groep kwamen er maar enkelen binnen druppelen en die gingen ook nog eens met elkaar kaarten. Daar hebben we geen zin in en vieren het Hollands Nieuwjaar op onze kamer. Proost ! Op het nieuwe jaar!
Als we rond half twaalf weer beneden komen is het een ongezellige bedoeling. Een stel kaarters en wat groepsleden die er wat verveeld naar kijken. Een zaaltje verderop is het wel feest. Een groep van Fox viert gezellig feest en ze vinden het geen probleem als wij, samen met Monique en Johan, hun gezelschap houden. Lekken dansen en om 12 uur aftellen. Erg gezellig. Rond twaalven komt de rest van onze groep ook even aankakken. Ongegeneerd eten ze mee van de taart van de Fox mensen om vervolgens om vijf over twaalf weer af te taaien. We schamen ons een beetje dat we daar bij horen. Tegen enen is het feest voorbij en duiken we in bed.

 
Dinsdag 1 januari - Fes
 

Rondleiding door het imposante Fes

.
Toegangspoort tot de medina.

Vandaag gaan we de koningsstad Fes bekijken. Het zal een imposante dag worden, die we niet snel zullen vergeten. Het oude gedeelte van Fes is ommuurd. Via één van de imposante poorten betreden we de stad. Het lijkt of de tijd hier stil heeft gestaan en proeven de eeuwenoude sfeer die de stad uitademt.
We starten bij het paleis van de koning. Heel groot en rijk gedecoreerd. We mogen het helaas alleen van de buitenkant bekijken. Aan de andere kant van de straat is de Joodse wijk. Het is wat vervallen, maar er zijn nog veel interessante details te zien. Tot 1967 woonden hier Joden en moslims eeuwenlang vredig naast elkaar. Na de zesdaagse oorlog, waarin Israël de Arabische buurlanden een smadelijke nederlaag toebracht, werden de Marokkaanse Joden hier verjaagd en brokkelt de eens rijke buurt langzaam af.

.
Uitzicht over Fes.

Uitzicht vanaf de begraafplaats

Met het busje rijden we naar de begraafplaats. Hier heb je een perfect uitzicht over de oude stad. We kunnen goed zien dat de oude binnenstad een wirwar aan straatjes is. De robuuste vierkante minaretten steken er als vuurtorens boven uit. Fes is bekend om zijn leerlooierijen. Op de heuvels zien we dan ook de huiden die hier te drogen zijn gelegd.

De Medina

.
Gebouwen zijn ingelegd met prachtig mozaïek.

Met de geweldige gids Abdu gaan we de medina (het Arabische deel van een stad) in. Om niet te verdwalen in de wirwar van kleine straatjes zijn er voor buitenstaanders een paar routes uitgezet. Een goede tip voor morgen als we zelf de medina in gaan. Abdu is erg enthousiast en sleurt ons kris kras door de stad. Soms zijn de straten zo nauw dat je elkaar niet kunt passeren. In de medina rijden geen auto’s. Het vervoer gaat dus met ezels. Deze vaak zeer zwaar bepakte dieren komen soms als ongeleide projectielen aangerend. ‘Balak, balak !’ oftewel ‘opzij, opzij!’ wordt er dan geroepen. Is de straat te smal, dan helpt alleen een duik in een aangrenzend winkeltje om je ledematen te redden. De straatjes zijn opgebouwd uit piepkleine winkeltjes, hokjes meer, vol keurig geordende spulletjes. Je kunt er van alles krijgen. Grappig is dat iedereen elkaar op zoekt. Er zijn hele straten met enkel schoenen, groenten, vis of garen. De mensen zijn uitermate vriendelijk en geduldig. Bijna iedereen geeft toestemming om een foto te maken. De verkopers zijn in tegenstelling tot veel andere landen niet opdringerig.

.
.
.
De messenslijper.
Smalle steegjes, waar je nauwelijks kunt passeren.
De makelaar !!.

Als we langs een klein hokje komen waarin een man zit met een paar verroeste sleutels aan een spijker vraagt Abdu ons wat we denken dat het is. Geen idee. Het blijkt de plaatselijke makelaar te zijn !!

Pottenbakkerij

.
De primitieve aardenwerkfabriek.
.
Tafel ingelegd met mozaïek.

We bezoeken ook een grote pottenbakkerij. Er zijn veel mensen aan het werk, vaak onder zeer primitieve omstandigheden. Buiten worden met eenvoudige houten mallen tegels en stenen gemaakt. Nadat ze in de zon zijn gedroogd krijgt de gladde kant een kleurtje en worden ze in een oven gebakken. Een deel van de gebakken tegels wordt door mannen met kleine hakhamers tot kleine mozaïek stukjes verwerkt. Vooraf wordt de vorm door één man op de uit te hakken tegels getekend. Wat een monnikenwerk! Iemand anders heeft op de grond een figuur uitgetekend waar al deze stukjes in passen. Als alles op zijn plaats ligt wordt het met cement tot één geheel gemaakt. Op dit moment zijn ze bezig met prachtige tafelbladen.

.
.
.

Er worden ook potten gebakken. We krijgen een demonstratie van zo’n kunstenaar. Binnen een paar seconden tovert hij uit een brok klei een vaas of tajine. Fascinerend om te zien. Weer een andere afdeling houdt zich bezig met het verven van dit aardewerk. Ook een kunst op zich.

Cultuurshock: De leerlooierijen

.
De Middeleeuws aandoende leerlooierijen.

Midden in de oude stad liggen de befaamde leerlooierijen. De handboeken zeggen dat de hele stad naar het looizuur stinkt, maar dat valt gelukkig erg mee. We bekijken de looierij vanaf het terras van een restaurantje. Het is een indrukwekkend schouwspel. De ‘fabriek’ bestaat uit een aaneenschakeling van bakken vol zuur. Vroeger werden de bakken ook vaak met urine gevuld. Dit zuur dient er voor om de schapenhuiden te ontdoen van vleesresten en andere vervuiling. Door het zuur worden de huiden ook soepel. Dit looien wordt gedaan door mannen die met hun blote benen in de bakken staan. Ze zien er niet uit! Het looien is erg ongezond en de slecht betaalde arbeiders worden vaak niet ouder dan een jaar of 35.  Om het helemaal erg te maken worden ze door de bevolking ook nog eens met de nek aangekeken. Kortom, werk voor de aller-aller armsten.
De bakken bevatten naast het zuur ook een verfje. Vandaag worden alle huiden geel gemaakt, gisteren was dit nog rood. Na het looien worden de huiden op de daken te drogen gelegd. Een apart gezicht, dat Fez nog Middeleeuwer maakt dan het al is.

.
.
.
Vanaf een terras bekijken we de leerlooierij.
De mensen staan in stinkende bakken.
.
Het is hard en erg ongezond wek.j.
.

Na een traditionele lunch duiken we de stad weer in. We komen terecht bij een piepklein schooltje met alleen kleuters. De kinderen klauteren op de banken als ze ons zien. De klasje is overvol. We mogen even de klas in en Ien speelt natuurlijk de juf. Ook nu schalt even later het ‘Freres Jacques (vader Jacob)’ door de klas.
Nog steeds met onze gids Abdu bezoeken we een traditioneel huis. Deze huizen hebben een binnenplaats met een enorm hoog plafond en in het midden van de patio een fontein. Erg fraai allemaal.

Bij onze ‘ontdekkingstocht’ door het centrum komen we langs allerlei aparte winkeltjes. Kruidenwinkels, waar de kruiden in piramidevorm zijn uitgestald, sieraden winkels, kledingververs, een ouderwetse scharensliep en bruiloftwinkels waar je een troon kunt bestellen zijn maar een kleine greep.
Abdu vertelt dat de hamman voor vrouwen duurder is dan die voor mannen. Vrouwen kunnen urenlang kletsen en die extra tijd kost geld!

Via de prachtige poort verlaten we het centrum en zijn na een zeer geslaagde dag een half uurtje later terug in ons hotel. In een ijskoude snackbar, goede restaurants zijn overigens niet veel warmer, nemen we een pizza. Hierna lekker vroeg naar bed.

 
Woensdag 2 januari - Fes
 

Zelf op pad in Fes

.
Bevoorrading kan alleen per ezel.

We slapen vandaag heerlijk uit. Om 11 uur drinken we op het terrasje aan de overkant koffie. Hierna met de taxi (€2) naar het oude centrum. We bekijken de stadswallen en de prachtige poorten van de stad voor we via de groentemarkt naar binnen gaan. Bij de poort eten we op het dakterras van een restaurant een klein hapje. Er wordt lekkere muziek gedraaid. Als we vragen hoe het heet, krijgen we meteen een hele verzameling illegale Cd’s onder ons neus. Voor een prikkie kopen we de lekker swingende CD.

.
Even een hapje met uitzicht op één van de oude toegangspoorten.

Hierna lopen we zonder gids door de wirwar van straatjes. Gelukkig zijn er bordjes opgehangen voor toeristen met een plattegrond. We genieten weer van het dagelijkse leven van de Marokkanen dat zich hier afspeelt in een middeleeuws decor. Om 16 uur beginnen we onze benen te voelen en nemen de taxi weer terug. Ans belt Bob en Anne Marie om enthousiast haar verhaal te doen.

Met Annette en Wim gaan we naar restaurant Marrakech. Het is een gezellige en schone zaak. Helaas is het eten niet geweldig. Ans is erg aan het hoesten en Jos is ook niet helemaal lekker. De ijskoude restaurants gaan zich wreken.

 
Donderdag 3 januari - Via Volubilis naar Meknes
 
De Romeinse ruïnestad Volubilis

Via Volubilis naar Meknès - dag 13

Onderweg naar Mèknes passeren we het plaatsje Volubilis. Deze Romeinse ruïnestad lag vroeger in het centrum van een vruchtbaar landbouwgebied van koren en olijven. In een aantal Romeinse villa’s bevinden zich nog prachtige mozaïeken. Nadat we een goed beeld van Volubilis hebben gekregen, rijden we verder naar Mèknes..
De stad was maar korte tijd hoofdstad (van 1675 tot 1728), maar er zijn veel paleizen gebouwd. Dat gaf Meknès de bijnaam "het Versailles van Marokko". Meknès telt ongeveer 400.000 inwoners, en is daarmee de vijfde stad van Marokko.
In Meknès zijn drie stadsdelen te onderscheiden: de medina, de kasba en de Ville Nouvelle. De medina, gelegen in het noordwesten van Meknès, is de oude stad. Zij wordt omgeven door een stadsmuur met verschillende, vaak fraai versierde toegangspoorten. De bekendste stadspoort is wel de Bab Mansour el-Aleuj uit de 18de eeuw, te zien op de afbeelding hierboven.
De kasba in het zuiden is de "koninklijke stad", eveneens omgeven door muren. Hier bevinden zich paleizen als Dar el-Machzen (gebouwd in de 17de en 18de eeuw), het "waterhuis" Dar el-Ma, en het mausoleum van Moulai Ismaïl, de grote sultan die regeerde van 1672 tot 1727.
Hij maakte Meknès tot zijn residentie en was verantwoordelijk voor diverse grote bouwprojecten die de Meknès veranderden van een klein dorp tot een belangrijke stad.

.
De oude Romeinse nederzetting Volubilis

Het is druilerig weer als we naar Meknes vertrekken. Halverwege ligt de oude Romeinse ruïnestad Volubilus. Het giet en stormt als we er aankomen. Een paraplu heeft nauwelijks zin. Vanwege het slechte weer blijven we maar een half uurtje. Veel te kort, want er is best veel te zien. Van een groot aantal Romeinse villa’s zijn de fraaie mozaïeken op de grond nog te zien. Ook staan er nog een paar ronde poorten overeind.

.
Oude mozaïeken van Volubilis.

Als we bij de bus terug komen zijn we allemaal een paar centimeter langer door de dikke plakkerige klei onder onze voeten. We proberen zo goed als het kan de plak van de schoenen af te krijgen, maar gezien de blubberzooi in de bus is dat niet helemaal gelukt.

Tour door regenachtig Meknes

Vroeg in de middag zijn we in Meknes. Nadat we ons in het hotel hebben geïnstalleerd, gaan we met het busje de oude medina bekijken. We bezoeken het voormalige koetshuis en het mausoleum. Ons bezoek aan de soukh gaat door het slechte weer de mist in. Een deel is onder water gelopen en helaas niet toegankelijk. Als we even achter blijven om een foto te nemen vragen de twee  ‘sympathieke’ roddelaars van de groep de gids snel om door te lopen. “Laat ze maar verdwalen, dan lopen ze de volgende keer wat door”. Gelukkig voor ons heeft de gids in zijn teen meer hersencellen dan die twee tut hola’s bij elkaar en blijft vervolgens bij ons. We moeten er een beetje om lachen. Wel fijn voor de heks dat ze een roddelmaatje heeft gevonden.

.
.
.
DE poort van Meknes.
Marokkanen houden van zoet.
Veel gaat nog met de ezel.

Door het slechte weer valt ons bezoek aan Meknes letterlijk in het water. Jammer.  We hoeven gelukkig het hotel niet meer uit om te eten. Het eten is prima. Een heerlijk visje en de wijn was ook goed te pruimen.
In de lobby komen de plaatselijke hoertjes en druk mobiel bellende  mannen in dure pakken tezamen. Ook Jamal kan zich niet beheersen en zien we handjewrijvend zitten met een dikke drol. Wel lachen. Met de gezellige mensen van de groep blijven we tot in de kleine uurtje boerenbridgen.

 
Vrijdag 4 januari - Rabat
 
De verrassende hoofdstad Rabat

Rabat - dag 14

De sfeervolle koningsstad Rabat heeft veel meer te bieden dan het moderne Casablanca en vormt met de talloze beziens-waardigheden en de ontspannen sfeer een mooi eind van de reis.
De Tour Hassan is een ideaal oriëntatiepunt voor een eerste verkenning. Deze minaret had de grootste en hoogste in de Arabische wereld moeten worden, maar de bouwers zijn op 44 meter blijven steken. Een indrukwekkende bezienswaardigheid zijn de gedeeltelijk overgebleven pilaren van de door sultan Yacoub-al-Mansour gebouwde Hassan-moskee. Naast dit complex ligt het rijk gedecoreerde mausoleum van Mohammed V en Hassan II. De entree van de kasbah des Oudaias heet Bab (=poort) Oudaia en is een mooi voorbeeld van de Marokkaanse bouw- en decoratiekunst die we later op onze reis nog zullen tegenkomen. Binnenin de kasbah ligt een prachtige oude moskee en het museum van Marokkaanse kunsten. Voor Romeinse overblijfselen, rustiek gelegen temidden van vijgen-, olijf-, sinaasappel- en bananenbomen, raden we een bezoek aan het dichtbijgelegen complex van Chellah.

.
De stadswallen van Rabat

Het is maar een paar uurtjes rijden naar de hoofdstad Rabat. We hebben een leuk hotel, recht tegenover de mooie stadswal van de stad. Beneden is een gebaktent. De chauffeurs mogen van ons een gebakje uitzoeken. Ze staan even later als kleine kinderen te watertanden bij de vitrines.

.
Oude vesting

Met onze busjes rijden we naar het graf van koning Hassan II. Er is een groot mausoleum gebouwd voor de vader van de huidige koning. Erg mooi. Militairen in feestkostuum bewaken de boel.

Hierna bezoeken we het paleis van de koning. Het is erg ruim opgezet. We kunnen de complex alleen vanuit de tuin bekijken. De militaire kapel oefent en zorgt wat sfeer in deze kille omgeving.

Net buiten de stad liggen goed bewaarde Romeinse ruïnes. De poort is zelfs helemaal nog intact. Op het terrein hebben veel ooievaars een nest. Het is hier helemaal een verzamelplaats van ooievaars. We zien er tientallen rondcirkelen in de lucht.

De kleurrijke kasba

Hoogtepunt van ons bezoek aan Rabat is de oude kasba, het fort. De huizen zijn aan de onderkant lichtblauw geverfd terwijl de rest smetteloos wit is. Prachtig! De kasba ligt aan zee en we zie hier de zon langzaam onder gaan. Prachtig.

.
.


Rond zessen zijn we weer terug in het hotel. Mohammed brengt ons naar een leuk restaurant. Mohammed is een leuke vent, die altijd lacht. Het restaurant is leuk ingericht, maar heeft niets op het menu staan. Nou ja, het staat er wel, maar ze hebben het niet. Zelfs geen visje. We nemen maar wat onbestendigs en zijn al weer vroeg terug in het hotel. Hier nemen we even van iedereen afscheid. We hebben een andere vlucht dan de meesten en moeten morgen vroeg weg.

 
Zaterdag 5 januari - Naar huis
 

We zijn om 3:30 al op en Soufier brengt ons een uurtje later naar het vliegveld van het ruim 2 uur verderop gelegen Casablanca. De chauffeur mist een afslag, waardoor we er veel te laat zijn. Wij rennen en we mogen overal met voorrang doorheen. We hadden ons de moeite kunnen besparen. Vertraging! In Parijs hadden we al (te) weinig overstap tijd en met dit uurtje vertraging lukt het helemaal niet meer. Parijs is toch al een drama. Veel lopen en grote afstanden tussen de terminals. Air France heeft bovendien extreem korte overstaptijden. Niet alleen deze vlucht. We hebben er al vaker last mee gehad. Al met al rennen we ons rot om bij de gate te horen dat onze aansluiting is vertrokken. De eerste zoveel vluchten naar Amsterdam zijn vol zodat we pas om 18:30 verder kunnen. In Amsterdam worden we opgewacht door Annemarie.
Ondanks alle Air France obstakels kijken we terug op een hele geslaagde vakantie. Marokko heeft ons meer dan verrast en we gaan beslist nog een keertje naar dit prachtige land.