IJsland vlag

IJsland 2012
reisverslag
12 juli - 8 augustus 2012
IJsland
Foto's IJsland 2012
Praktische info IJsland 2012
Foto's IJsland 2012

Donderdag 12 juli - Hamburg, 13 juli door naar Arhus (Denemarken)

De route

We blijven dit jaar in Europa en bezoeken wellichts het ruigste land van het continent: IJsland. We vliegen er niet heen, maar rijden met de eigen auto naar het noordpuntje van Denemarken en nemen hier de boot. Na ruim een dag varen maken we een driedaagse stopover op de Faroer eilanden. Deze Deense eilanden, gelegen tussen Schotland en IJsland, zijn vooral bekend om de ruige natuur en grote zeevogelkolonies. Op IJsland gaan we in twee weken het hele eiland rond. Het eiland is vulkanisch en voor natuurliefhebbers een paradijs. Grote gletsjers met afkalvend ijs, veel grote watervallen en natuurlijk veel thermische activiteit. Helaas is er maar één werkende geijser. Hierna met de boot weer terug naar Denemarken.

Donderdag 12 juli - Naar Hamburg

Hamburg
Hamburg: Speicherstadt

Het is ruim 1000 km naar de boot in Hirtshals, die ons via de Faroer eilanden naar IJsland zal brengen. We doen het in twee etappes en stoppen vandaag halverwege in Hamburg. Na 6 uur rijden zijn we in het centrum van Hamburg, waar we naast het station een eenvoudig hotel hebben geboekt. Snel inchecken en de stad in. Ien´s collega Nine is toevalig ook in Hamburg (ze doet een cruise) en we hebben om 5 uur afgesproken. Het is gezellig druk in de stad vanwege het Duckstein festival. Hoewel regelmatig water uit de hemel druppelt, pakken we een terrasje en genieten we van onze eerste vakantiedag. Als Jan en Nine naar de boot terug gaan, nemen wij de metro naar een fondue restaurant iets buiten het centrum. Daar aangekomen blijkt deze al een paar jaar gesloten te zijn. Internet is niet altijd up to date. Met de metro weer terug en lekker (simpel) gegetenin de buurt van het Ducksten festival.
Hamburg heeft naast de Reperbahn (hoerenbuurt) nog een attractie; de Speicherstadt. Heel apart en vooral heel erg Duits. Grote strakke gebouwen (pakhuizen) gelegen aan strakke grachten met ijzeren bruggen. Koud en kil, maar wel indrukwekkend.

Hamburg
Het gezellige centrum van Arhus

Vrijdag 13 juli - Hamburg naar Arhus

Voor we verder gaan lopen we nog even naar het centrum. Ien scoort wat shirtjes. Wat ons opvalt aan Hamburg is de openlijke armoe. Overal bedelaars en zwervers, die op straat de nacht hebben doorgebracht. Een non deelt warme koffie uit. Tientallen zwervers komen er op af, met in een plastic zak al hun schamele bezittingen. Verrassend is dat het voornamelijk Duitsers zijn en geen illegale buitenlanders.

We checken om 11 uur uit en moeten de hele stad door om bij de snelweg naar Denemarken te komen. Het regent veel. De weg naar het noorden is verrassend druk en het sciet soms helemaal niet op. Vlak buiten Arhus hebben we een leuk hotel. Snel spulen er uit en naar het gezellige centrum. We drentelen wat door de stad en eten lekker buiten aan een watertje midden in de stad. Opvallend is dat alle restaurants het menu alleen maar in het Deens hebben opgesteld. Het touristenburo is ook nergens meer te vinden. Toch is Arhus één van de touristische steden van Denemarken met attracties als Legoland en Den Gamble Bye in de buurt.

 
Zaterdag 14 juli en zondag 15 juli – Met de boot naar de Faroer eilanden (2 dagen)

Naar de boot

Het is nog 170 km naar de boot in Hirtshals. We moeten er 13:30 zijn, twee uur voor vertrek. Het is onderweg noodweer, maar eenmaal bij de boot worden we door een flauw zonnetje verwelkomd. Het is passen en meten om iedereen aan boord te krijgen. Ook worden er veel vrachtwagens naar binnen gereden ter bevoorrading van de Faroe eilanden. Na twee uur mag de auto eindelijk aan boord. De auto´s zijn zo ingeklemd, dat je er tijdens de reis niet meer bij mag. Alleen wat handbagage en spullen voor de nacht hebben we bij ons.

We hebben een hut op het 8e dek. Niet groot, maar zeker niet zo klein als het prophokje dat we hadden van Hoek van Holland naar Newcastle. Er is veel te doen aan boord, maar overal hangt een onplezierig prijskaartja aan. Filmpje? 10 euro. Internet gebruiken tijdens de reis (op eigen apparatur)? 50 euro (!!). Over de drankprijzen zullen we het maar niet hebben. Hadden we nu maar wat van de eettas meegenomen.

´s Avonds eten we in het ´luxe´ restaurant. Gezellig tafeltje aan het raam. Ik neem spareribs en Ien een (veel te) grote hamburger. Biertje uit de Faroer er bij (goed bier !!), waarmee we proosten op het echte begin van de vakantie.

Langs de Shetland eilanden

Aankomst in Thorshavn (Faroer eilanden))

Een dramatische nacht. De bedden zijn zo hard, dat we nauwelijks op kunnen staan van de rugpijn. Een douche doet gelukkig wonderen. Vlak na het prima ontbijt varen we langs de Shetland eilanden. Deze Britse eilanden liggen ten noord-oosten van Schotland. Het zijn kale, groene en vooral hoge pukkels in de oceaan. Ideaal voor zeevogels. Die zien we hier dan ook volop. Vooral Jan van Genten en kleine stormvogels (het zijn net albatrossen) laten zich veelvuldig zien. Ook de eerste walvis toont even zijn rugvin.

Aan boord worden we ´vermaakt´ met een luidruchtige bingo. Verrassend leuk is het optreden van een meisje van ca. 9 jaar dat als een ervaren ster populaire Deense liedjes zingt.
Om 18:00 nemen we een niet al te smakelijke pizza, waarna we om 19:30 de kamer ontruimen. Het is op de Faroer eilanden een uur eerder en dat komt goed uit als we om 21:30 plaatselijke tijd de boot verlaten.

We zijn vrij snel de boot af en zitten meteen in het centrum van het kleine Torshavn, de grootste stad van de Faroer. We verdwalen ondanks de plattegrond in de kleine straatjes. Via via komen we uiteindelijk toch bij oms hotel. Het is aan de rand van de stad en elke kamer heeft uitzicht over Torshavn en de baai. Op het dak van het hotel groeit gras, iets wat je hier veel vaker ziet. Ondanks de vier sterren is het een vrij eenvoudig hotel.

Na het inchecken nemen we nog een biertje in de ´lobby´ (2 tafels'). Het rekent wel 4 sterren prijzen. 18 euro voor een glas wijn en een biertje!

 
Maandag 16 juli –Faroer eilanden

Torshavn

Faroer
Typische met gras bedekte Faroer huisjes

In Torshavn bezoeken we eerst even de VVV om de geboekt boottocht van morgen naar Mykines te betalen. Achteraf hadden we bij de VVV van een andere eiland moeten zijn, maar hier doen ze net of we bij hun hebben geboekt zodat we morgen vanuit Westmanna i.p.v. Vagar deze tour naar het vogeleiland gaan maken.
Torshavn is een heel leuk plaatsje. Vooraf het oude centrum is net een openluchtmuseum. De oude huisjes met grasdaken zijn bijzonder kleurrijk. In een apart wolwinkeltje nemen we een bak koffie. De zaak hangt vol met foto´s van Bill Clinton, die hier ook langs is geweest voor een bakkie.

Faroer per auto

Faroer
De haven van Thorshavn

Met de auto verkennen we twee van de vele eilandjes. Vanuit het hotel nemen we de route door de bergen naar het noorden. Een ruige omgeving over een goede weg.

We steken via de enige brug over de Atlantiche oceaan over naast het naastgelegen eiland. We hebben wat tips gekregen van de VVV.Bij het eerste stadje lijken we aan het eind van de wereld aangekomen te zijn. Verlaten, regenachtig en het einde van de weg. We lopen een stukje over de rotsen langs de zee naar een viezbruine waterval. In zee zien we de Jan van Genten duiken naar vis. Het is mistig en de van ansichtkaarten bekende rots zien we pas na lang zoeken ergens ver in de mist liggen.

Faroer is het eiland van de schapen. Overal kom je ze tegen. Naast witte schapen zien we ook veel zwarte schapen en kruisingen van de twee (zwart en wit). De mannetjes hebben grote horens. Ze lopen vrij rond en je moet goed oppassen voor plotseling overstekende schapen.

We rijden naar een volgend dorp. Het ligt naast een diepe kloof aan zee. Ze klimmen een heuvel op voor een mooie foto. Boven zien we ook de steile rotsen waar meeuwen veilig hun nesten hebben gemaakt.
Via nog wat dorpjes rijden we terug naar Torshavn. Het weer is opgeknapt, zodat we zowaar even een terrasje aan de haven op kunnen zoeken. Ien neemt een cappuchino, waarna ik meteen weer geld kan tanken.

Op aanraden van de VVV eten we in een gezellig restaurant. Erg duur, maar een heerlijke biefstuk. De rest van de garnituur was zo vet dat je er een olietanker op kan laten varen. We tafelen lekker lang na en liggen pas rond middernacht op bed.

Faroer Faroer
Bouwpakket kerkjes vindt je hier overal
Het verscholen dorpje Eidi (Faroer eilanden)
 
Dinsdag 17 juli – Faroer eilanden - Tour naar Mykines

Tour naar Mykines

Faroer
Onderweg naar Mykines

Het is een half uur rijden naar Westmanna. Hier vandaan vertrekt de boottour naar het afgelegen Mykines. Mykines is (helaas was) bekend om de ontelbare papegaaiduikers die hier nestelen. Door overbevissing en jacht op deze clown van de oceaan is hun aantal dramatisch terug gelopen.

Het is mistig en koud als we in Westmanna aankomen. Regenpakken en dikke kleren aan dus. Gelukkig is onze boot gedeeltelijk overdekt, in tegenstelling tot de boot naast ons.

Vanwege de mist nemen we een andere route naar Mykines en gaan nu helaas niet langs de befaamde vogelrotsen van Westmanna. De alternatieve route is ook erg mooi, maar dus zonder de vogelkliffen waar we ons zo op hadden verheugd. Weer kan je echter niet dwingen en het weer was echt erg slecht aan die kant.

Als we we haven uit varen komen we langs diepe bassins, waar zalm wordt gekweekt. Zalm is een belangrijk exportproduct van de Faroer. Het lijken kleine bassins, maar zijn tientallen meters diep.

Grillige rotsformaties

Tijdens de tocht naar Mykines varen we langs de steile kust. De golven hebben soms diepe grotten in de bergen gevormd, waar je met de boot soms helemaal in kan. In het water zien we de eerste papegaaiduikers. Het laatste stuk naar Mykines is heftig. Harde wind en regen. We vrezen het ergste. Als we aankomen is het zowaar droog em ook de wind valt hier mee. Met een ´gids´ kun je in drie uur naar de vuurtoren klimmen. Iedereen loopt echter in zijn eigen tempo en de gids hebben we na de eerste klim niet meer gezien. Is ook niet nodig, want het pad is duidelijk. Gelukkig zijn we er op voorbereid dat er nog maar weinig papegaaiduikers zijn. Pas na een paar heuvels komen we de eersten tegen. Ze zijn erg schuw en duiken na aankomst meteen het nest in. In Schotland zaten we er vlak naast en hoewel we genieten van de grappige vogels hadden we ons er meer van voorgesteld. Papegaaiduikers hebben twee holen. Eentje voor de jongen en eentje voor de uitwerpselen. Zo blijven ze mooi schoon.

Faroer Faroer
Het aantal puffins (papegaaiduikers) is sterk teruggelopen
Kolonie Jan van Genten

In de zee zien we groepen papegaaiduikers dobberen. Ze duiken naar kleine doorzichtige visjes. Ze hebben de mogelijkheid om met de tong de gevangen vis achter in de bek te verzamelen zodat ze niet na elk visje naar het nest terug moeten. Ze zijn te ver weg om de koppies vol vis te kunnen zien.

Faroer- Mykines
Eenzaam dorpje op Mykines

We laten de vuurtoren voor wat het is en blijven uit de wind de af en aan vliegende papegaaiduikers bekijken. Het lijkt er op dat er steeds meer aan land komen om de vangst aan de jongen te voeren. Naast papegaaiduikers nestelen hier ook veel meeuwen. Iets meer afgelegen zien we ook een rots waar Jan van Genten nestelen.

We zijn tegen vieren weer terug in het dorpje. Een Ierse groep speelt buiten een paar folknummers. Ze zijn hier vanwege een festival dat hier tot gisteren een paar dagen was. Om 5 uur varen we terug naar Westmanna. Tijdens de twee uur durende tocht komen we de eerste weehonden tegen.

Terug in Torshavn zoeken we ons rot naar een pizzaria. We hebben de naam, het adres en mensen die het zeggen te kennen. Na drie rondjes geven we het op en eten in de Irish pub. Klinkt leuk, maar het was bere ongezellig en het eten kun je het best vermalen tot varkensvoer.

Ondanks de regen en tegenvallende tour hebben we een relaxt dagje achter de rug.

 
Woensdag 18 juli – Boot naar IJsland

Relaxte ochtend

Na het uitchecken blijven we een beetje in de lounge van het hotel hangen. We hebben niet zoveel zin om nog eens Torshavn te bekijken. Ze hebben gratis internet zodat we ons niet vervelen.

Faroer
De steile kliffen aan de noordkust (Faroer)

Vanmiddag varen we verder naar IJsland. Weer twee uur van tevoren aanwezig zijn en Ien moet ook hier apart aan boord. We hebben weer op de 8e onze kamer. Als we vertrekken schijnt de zon, maar er staat een stormachtige wind. We varen binnendoor langs de Westmanna naar het noorden en zien nu wel de steile kliffen (gisteren waren ze in de mist). Het is 14 uur varen en komen morgenochtend vroeg aan. We merken goed dat we steeds noordelijker komen, Het is om 24 uur nog steeds licht. Het is een stuk rustiger aan boord. Van Denemarken naar de Faroer veel rennende en schreeuwende Deense kinderen en een drukte van jewelste. Nu vooral veel mensen die de rust van IJsland op gaan zoeken en stil in en hoekje zitten te lezen. Grappig om zo´n verschil in vakantiegangers te zien.

Aan boord is vrij weinig te doen. Het casino bestaat uit één blackjack tafel, waar twee mensen uitleg krijgen hoe het werkt. Het zwembad moet ergens beneden in het ruim zijn. Hoe ze aan de term cruise komen voor deze veerboot is ons een raadsel.

Donderdag 19 juli – IJsland: Egilsstadir

Aankomst in IJsland

IJsland
Meteen na aankomst de eerste waterval

We moeten extreem vroeg op. De boot komt 9:30 aan, maar we moeten om 6:30 al uit de kamer. Net als voor de aankomst in de Faroer is het een chaos. Mensen hangen en liggen met de bagage urenlang op de gang. Om 5:30 op dus en met alle babage naar de ontbijtzaal. Op zich een prima ontbijtje. Op dek 8 kijken we buiten naar de aankomst in IJsland. Het is bewolkt, maar rustig. We varen naar het uiteinde van een fjord naar Seydisfjordur. Hoge, met plukjes sneeuw bedekte bergen begroeten ons. We hebben er zin in !!

Het ontschepen gaat lekker snel en we zijn al vroeg in ons hotel in Egilsstadir. Onderweg zien we de eerste van waarschijnlik zeer vele watervallen. In IJsland is het weer een uurtje vroeger en dus twee uur vroeger dan Nederland. Snel de grote bagage gedropt in het hotel en meteen op stap.

De papegaaiduikerrots

Borgarfjordir
Kabouterhuisje in Borgarfjodir (Uiterste noord-oosten)

We rijden 70 km naar het noorden naar het uiterste noord-oosten. Hier ligt Borgarfjordir aan een fjord. Je kunt hier prachtig wandelen. In onze beschrijving wordt de wandeling naar een prachtig blauw meertje aanbevolen. Prachtige foto´s, maar als we er zijn blijkt het meer dan 10 uur lopen te zijn. In een guesthouse nemen we een bakje koffie. Na de eerste slok realiseren we ons dat we in de haast om hier heen te gaan vergeten zijn geld te wisselen. ´No problem´, rondje van het huis !! IJslandse gastvrijheid! In het dorp is een grappig oud houten huisje. Piepklein met zo´n typisch dak van gras. Het zou ons niet verbazen als hier kabouters wonen.

Het weer is helemaal opgeknapt (zon, geen wind en een aangename temperatuur) als we even buiten het dorp bij de rots aankomen waar zich duizenden papegaaiduikers ophouden. Je kunt ze tot op enkele meters benaderen. Geweldig. Vogeleiland Mykines (Faroer) verbleekt hierbij. Wat een fantastisch begin van IJsland. We kunnen voor het eerst goed de met meerdere vissen gevuld bekjes zien die we zo vaak op de foto´s en in natuurfilms hebben gezien. We genieten hier uren voordat we terug rijden naar Egilsstadir.

Puffins De Puffinrots Puffins
Het Een rots vol papegaaiduikers. Kicken !!!

Lopen naar de Litlanefoss waterval

Litlanefoss waterval

In Egilsstadir rijden we door het enige bos van IJsland een stukje naar het zuiden naar de Litlanefoss waterval. Hier kun je langs en later door een gorge naar de mooie waterval lopen. Een pittige klim, maar meer dan de moeite waard. Boven op een steen even genoten van de omgeving, waarna de eerste dag IJsland er op zit. Een prima begin!

In Egisstadir hebben we een leuk restaurant ontdekt. Een houten huisje, waarbinnen je je in een gezellige huiskamer waant. We nemen alleen een hoofdgerecht om niet meteen failliet te gaan. Bij het wachten op een tafel komen we in gesprek met twee Nederlanders. We zullen ze nog een paar keer tegen komen deze reis. Het blijken ook Schiedammers te zijn en wonen, net als wij, in Schiedam-Noord. De wereld is helemaal klein als we gemeenschappelijke kennissen blijken te hebben. Ze kennen zelfs onze buren.

 
Vrijdag 20 juli – Egilsstadir naar Höfn

Rijden naar Höfn (250 km)

We starten relaxed en stappen pas om 10:15 in de auto richting Höfn, dat je uitspreekt als Hup. Voor we vertrekken eerst even tanken. Tot onze verbazing is het een stuk goedkoper dan in Denemarken. Aan boord hebben we een kortingspas gekregen. Een hoop gedoe voor een paar cent. Laat maar zitten. In de supermarkt kopen we wat broodjes voor onderweg , waarna we op pad gaan. Het is 250 km naar Höfn. Het eerste deel gaat door IJslands enige bos. Het maakt het landschap wat lieflijker.

Sprookjeskasteel in de mist

In Budhir stoppen we even. Het dorp moet een mooi oud centrum hebben, maar daar is weinig van te zien. Wel veel toeristen die vanuit hier een boottocht maken naar een vogeleiland. Via de prachtige kust rijden we verder naar het zuiden. De mist trekt op en vanaf het middaguur hebben we volop zon. Langs de weg komen we een groepje rendieren tegen. Deze dieren leven alleen hier in het oosten.

Bij een kiezelstrand gaan we er even uit. Het 200 meter brede strand bestaat uit grote zwarte kiezels, maar als je dichter bij de zee komt worden ze steeds kleiner. Bij het water zijn het nog maar kleine ´kogellagertjes´. Heel apart. een welkome aanvulling op onze uitgebreide zand en strandcollectie.

Veel later dan gepland zijn we in Höfn bij ons eerste Foss hotel. Tijdens de rondreis zullen we meestal bij deze hotelketen overnachten. Relatief eenvoudige hotels tegen een redelijke prijs.

Het Jökulsarlon gletsjermeer

We droppen snel onze spullen in het hotel. Het is prachtig weer en we willen het hoogtepunt van IJsland, het Jökulsarlon gletsjermeer, graag in het zonnetje zien liggen. Stond eigenlijk pas voor morgen op het programma, maar het is geen straf hier twee keer naar toe te gaan.

IJsland heeft de grootste gletsjer van West-Europa (alleen in Rusland is een grotere). De Vatnajökull gletsjer is met zijn omvang van Groningen, Friesland en Drente bij elkaar groter dan alle West-Europese gletsjers bij elkaar. Aan de oostkust komen op verschillende plaatsen gletsjertongen uit in zee.

Jökulsarlon gletsjermeer
Jökulsarlon gletsjermeer

Bij Jökulsarlon heeft zich een meer gevormd met een smalle doorgang naar zee. De gletsjer schuift hier elke dag 5 meter af, waardoor er zoveel afbrokkelt dat het gletsjermeer met veel grote en kleine ijsschotsen is gevuld. gemiddeld doet een ijsshots er twee jaar over om via de nause doorgang de ze te bereiken. Het meer is met al zijn ijsschotsen één van de topattracties van IJsland.

Jökulsarlon gletsjermeer
Jökulsarlon gletsjermeer
Jökulsarlon gletsjermeer
Jökulsarlon gletsjermeer

De zon schijnt volop als we aankomen. Het is practig en we moeten meteen aan Paradise Bay (Antarctica) denken, dat hoog op onze lijst mooiste plekjes ter wereld staat. Tussen de schotsen door zwemmen zeehonden. Voor 23 euro pp gaan we met een amfibievoertuig het water op en varen wat tussen de ijsschotsen die we ook vanaf de kant kunnen zien. We blijven kilometers verwijderd van de gletsjer zelf. ´Uit veiligheidoverwegingen´. Grote kul natuurlijk. Een paar honderd meter is al ruim voldoende. Het prachtige weer en de sprookjesachtige omgeving zorgen er voor dat we toch van dit fluttochtje genieten. Aan de andere kant van het water kun je ook met een zodiac het meer op. Iets duurder (40 euro pp), maar een veel betere optie. We kunnen het niet goed zien, maar het lijkt er op dat zij wel naar de gletsjerwand varen.

Terug aan de kant zien we dat veel ijsschotsen naar de nauwe doorgang zijn gedreven. Hier liggen ze opeen gepakt. Plotseling komt er beweging in het pak en lijken ze zich allemaal naar zee te begeven. We moeten helaas terug en kunnen niet meer zien of deze exodus is gelukt en het meer vanmiddag veel grote ijsschotsen kwijt is geraakt.

Met de nodige moeite nemen we afscheid en rijden de 80 km terug naar het hotel. We zijn net op tijd voor het restaurant. Heerlijk gegeten en hierna in de lobby gebridged (Jos) en geWordfeud (Ien).

Jökulsarlon gletsjermeer Jökulsarlon gletsjermeer Jökulsarlon gletsjermeer
Jökulsarlon gletsjermeer
 
Zaterdag 21 juli – Höfn naar Skaftafell

Hoffellslon gletsjer

Aparte kleuren van de Hoffellslon gletsjer

Bij het ontbijt wat gekletst met Rita en Wim (de Schiedammers) en een Nederlandse familie met drie oudere zonen. Ze doen tot Reykjavik hetzelfde als wij en we zullen ze nog wel een paar keer tegen komen.

Vlakbij het hotel zijn een paar natuurlijke baden. We rijden er even naar toe. Grappig zo in de open lucht. Vanaf de baden gaat er een pad omhoog naar de Hoffellson gletsjer. Via het slechte gravelpad rijden we er naar toe. Het is de rit meer dan waard. Je kunt tot bij de gletsjer komen. Grote brokken zijn afgebroken en smelten langzaam weg. Het is heerlijk stil en we wanen ons alleen op aarde. Het weer is wel omgeslagen. Het is zwaar bewolkt en het dreigt elk moment te gaan regenen.

Het Jökulsarlon gletsjermeer in de regen

Als we weer naar het Jökulsarlon gletsjermeer rijden gaat het steeds harder regenen. Als we er zijn is het bijzonder onbehaaglijk. Regen en veel wind. De ijsschotsen lijken wel blauwer dan gisteren. Nadat we gisteren weg zijn gegaan zijn er heel veel ijsschotsen naar zee afgedreven. Het meer is in vergelijking met gisteren ´leeg´. Vooral in het midden is nagenoeg geen ijsschots meer te vinden, terwijl het gisteren nog helemaal vol was. Wat een mazzel dat we gisteren nog even door zijn gereden. Wat een verschil !!

De volgende dag is het nat en koud.
Aparte ijsformatie

Aan de andere kant van de brug zijn vandaag veel ijsschotsen aangespoeld. Van top tot teen gehuld in regenkleding gaan we er naar toe. Er liggen een groot aantal kleine ijsbrokken. Ondanks de kou, regen en wind lopen we nog een stukje verder over het zwarte strand naar wat grotere ijsschotsen. We worden beloond. Om het hoekje liggen echt grote brokken ijs. Ze hebben hele grillige vormen. Heel apart om dit van dichtbij te bewonderen. De wind en regen jaagt ons uiteindelijk toch terug naar de auto.

Swartifoss
Swartifoss waterval bij Skaftafell.

Het is maar een klein stukje naar Skaftafell. Ons hotel ligt net buiten het park, maar heeft toch prachtig zicht op de gletsjers van het Vatnajökull ijsveld die zich hier tussen de bergtoppen doorwringen. Na het inchecken rijden we naar het bezoekerscentrum. Hier komen we Rita en Wim tegen. ze hebben net een gletsjerwandeling gemaakt. Met een gids en rupsvoertuig het ijs op. Ze zijn laaiend enthousiast en tonen ons enthousiast de foto´s. Ziet er inderdaad indrukwekkend uit. Gezien het slechte weer van dit moment besluiten wij er vanaf te zien.

Vanuit het bezoekerscentrum maken we een wandeling naar een wateral. Een heel leuk paadje door het bos. Veel blemen, geel, paars wit. Leuk! De Swartifoss waterval ligt prachtig tussen grote basalt pilaren. Ondanks de regen een lekkere wandeling. Net buiten het bezoekerscentrum kamperen veel mensen. Vooral veel groepen. Reizen voor de echte natuurliefhebber, want als je naar IJsland gaat kun je dit weer verwachten. Stoer hoor!

Om 20:00 zijn we terug in het hotel. De hele kamer hangt vol met natte broeken en jassen. Drogen gaat gelukkig snel. We eten in ht restaurant van ons hotel. Het is alweer prima.

 
Zondag 22 juli – Van Skaftafell via Vik naar Hella

Prachtige canyon en cathedraalvloer´

Het is vandaag een eind rijden naar Hella. De eerste etappe is naar Vik. Het is bewolkt en de ruitenwisser is niet stil te krijgen. Voor Vik gaan we er een paar keer uit. Eerst bij een mooie waterval vlak langs de weg. Je moet er via een camping naar toe. De camping staat helemaal blank. Wat een ellende. Even verderop is de ´cathedraalvloer´. Op een heuvel is een ´vloer´ van zeshoekige basaltpilaren. De symmetrisch dat mensen het vroeger niet konden geloven dat het werk van de natuur is. Ze geloofden dat er vroeger een cathedraal heeft gestaan en dat alleen de vloer ng over is.

Fjadrargljufur canyon
Prachtige Fjadrargljufur canyon.

Een paar kilometer verderop is één van de verborgen juweeltjes van IJsland, de Fjadrargljufur canyon. Een klein pad leidt je naar de ingang van de kloof,waar je al een prachtige doorkijk hebt. Een korte klim langs de bovenkant brengt je naar nog mooiere uitzichtpunten. Ondanks de regen een geweldig uitstapje.

Zwarte strand van Vik

Vik ligt op de zuidwest punt van IJsland. Het strand is pikzart (lava). Er zijn hier prachtige uitzichten en aparte rotsen. Goed te zien bij mooi weer, maar als we aankomen stormt en regent het. De van de ansichtkaarten bekende rotsen zijn in nevelen gehuld. Ien voert een vergeefs gevecht met de wind en haar paraplu valt in delen uiteen. Voordat de paraplu in flarden uiteen werd hij uit mijn hand geblazen en moesten we er rennend achterna. Dit tot grote hilariteit van de vele toeristen die net als wij het weer hebben getrotseerd.

Vik
Het zwarte zand bij Vik.

Net als ik een foto wil nemen bereikt een hoge golf het strand. Ik hoorde nog ´watch out´ roepen, maar het was te laat. Rennen hielp niet meer en even later stond ik tot mijn kruis in het water. Ook de anderen hebben het niet gered en bijna iedereen stond tot halverwege de knieen in het water. Sommige van de mensen die op de ´basalt patatjes´ waren geklommen waren er afgespoeld en lagen op de grond. Even paniek, maar het viel gelukkig allemaal mee. Soppend in onze schoenen lopen we turug naar de auto. Als we weer droge kleren aan hebben kunnen we er wel om lachen.

Vik
Stormachtig weer bij Vik.

Even verderop is er weer een afslag naar zee. Hier kun je vanaf veilige hoogte de zee op de rotsen zien knallen. Het water spat enorm op. Wat een kracht! Er is hier ook een rots waar papegaaiduikers nestelen. Je kunt er redelijkdichtbij komen. Hoewel er tussen de 2 en 3 miljoen papegaaiduikers (ik vind de engelse naam puffin eigenlijk veel leuker) in IJsland nestelen blijft het bijzonder om deze grappige vogels te zien.

In Hella hebben we een eenvoudig oubollig hotel. De bedden hebben roesjes (gordijntjes) tussen het matras en de vloer waardoor we het gevoel hebben in een crematorium te overnachten. We eten in een nabij gelegen restaurant een pizza.

 
Maandag 23 juli – Hella

Rijden rondom Hella

Nadat de bergschoenen droog zijn geföhnd gaan we op pad. Het miezert nog een beetje, maar het weer is duidelijk opgeknapt. De eerste stop is bij de weinig bezchte Hjalparfoss waterval. Een mooie en krachtige waterval waarbij twee rivieren tesamen komen en vlak naast elkaar naar beneden storten.

Stöng

Stöng
De sprookjes vallei bij Stöng

Via een slechte weg waar je beter met een 4x4 auto kunt rijden gaan we naar Stöng. Hier zijn de opgravingen van een oude vikingboerderij uit 1126. Hier vandaan gaat een pad naar een verborgen vallei. Een heerlijke wandeling, waarbij er niet teveel geklimd of gedaald moet worden. Het is prachtig groen. Aan het eind worden we verrast door een sprookjesachtige vallei, zoals je alleen in Disney films ziet. Fris groen, drie watervallen, kabbelende stroompjes en kleurrijke bloemen. Prachtig, prachtig, prachtig. Het is speciaal voor ons droog geworden. Geen zuchtje wind en een heerlijke temperatuur. Hoogtepuntje.

Pjofafoss waterval
Pjofafoss waterval

Om 16:30 zijn we terug bij de auto en rijden verder het binnenland in. De heenweg via het asfalt, de terugweg via de parallelle gravelweg. De route gaat vlak langs de besneeuwde Hekla vulkaan, maar die blijft voor ons in nevelen gehuld. Een slecht pad leidt naar de woeste Pjofafoss waterval, waar we even een stop maken.

Terug in Hella gaat Ien weer voor de heerlijke kaaspizza. Vooral van de peperkaas ligt ze wakker. Hierna in het hotel met een eigen wijntje samen de afgelopen dagen doorgenomen. Ondanks het weer van de afgelopen dagen genieten we van elk moment.

 

Dinsdag 24 juli – De ´Gouden cirkel´: Geysir en Gulfoss waterval

Deel één van de ´Golden circle´

We moeten vandaag naar Reykjavik. Op weg hier naar toe doen we al vast een deel van de ´Gouden circle´. Met gouden cirkel wordt het rondje vanuit Reykjavik bedoeld waarbij de vier grootste ´attracties´ wordn aangedaan. Dit zijn Geysir (de geiser), de Gulfoss watervan, Tingvellir (Parlementsvlakte) en de Kirad krater. Wij maken er geen haastwerk van en doen deze ´dagtour´ in twee dagen.

Vlak buiten Hella ligt aan de weg de krachtige Uridifoss waterval. Weinig bezocht, maar zeker de moeite van een stop waard.

Kirad krater
Kirad krater

Kirad krater

De eerste ´golden circle´ stop is bij Kirad krater. Een prachtig gevormde krater met een fel blauw kratermeer. In 2007 waren we hier ook in de bittere kou. Het meer was toen bevroren. Wat een verschil met nu! Je kunt eenvoudig over de kraterwand een rondje lopen. Dat doen we dan ook. Een mooi rondje met verschillende uitzichten.

Geysir

In Geysir is de enige werkende geyser die IJsland nog rijk is, de Strokkur. Geysir, die er vlak naast ligt en waar het woord geiser vandaan komt, is door onwetendheid kapot gemaakt. Het was de hoogst spuitende geiser van IJsland en om de frequentie van de uitbarstingen te verhogen werd er zeepsop in het water gegooid. Dit heeft de tunnels angetast, waardoor de geyser is overleden. In 2000 was er een aardverschuiving waarna Geysir af er toe nog tot leven komt, maar de uitbarstingen zijn klein. Alleen als er één of andere palitieke hotemetoot langs komt gooien ze voor een eenmalige uitbarsting nog zeepsop in de geyser.

De Strokkur geyser is nu de grote attractie. Om de 4 a 8 minuten spuit hij kort tot 40 meter hoog. Heel apart is dat zich vlak voor de uitbarsting een felblauwe waterbal vormt, iets wat we bij geen enkel andere geyser (in Yellowstone) hebben gezien.

Strokkur geyser Strokkur geyser Strokkur geyser
Strokkur geyser

Het zonnetje is inmiddels gaan schijnen en het is helemaal te ek dat we hier weer zijn. Het is natuurlijk wel enorm druk en heeft zich een dichte haag mensen rondom de Strokkur gevormd. We willen de blauwe (turquoise) bol vlak voor de uitbarsting goed op de foto hebben en staan heel lang bij de geyser. Ien schiet de mooiste plaatjes, terwijl ik steeds net even te laat of te vroeg ben. Als we lamme armen hebben struinen we wat door het geyserbassin. Er zijn twee kleurrijke poeltjes en we bezoeken ook even de arme en nu eenzame Geysir geiser. Ooit, als de mensen zichzelf hebben uitgeroeid, zul je herrijzen fluisteren we hem toe. We krijgen een blub als antwoord ten teken dat hij het begrepen heeft.

In het restaurant nemen we een bak koffie. Even verlapt de waakzaamheid en hebben we een taartpuntje te pakken voor 10 euro. Die kan op de lijst van 6 euro voor een koud half bakje cappuchino en hamburger van 22 euro.

Gulfoss waterval

Gulfoss
Gulfoss waterval

Ook de iets verderop gelegen Gulfoss waterval is een gewaardeerde oude bekende van ons. De naam (´gouden waterval´) komt van de legende dat een kluizenaar de gedachte dat iemand na zijn dood zijn goud zou bezitten niet kn verdragen en al zijn goud in deze waterval gooide. De prachtige ijswanden van 2007 hebben nu plaats gemaakt voor een heldere regenboog. De Gulfoss is een woeste waterval die in twee trappen naar beneden valt. De tweede dwars op een canyon. Er spat zoveel water op dat het lastig is om een goede foto te maken.
We lopen het pad naar beneden en komen aan de rand van de waterval. Mooi om zo dichtbij te zijn, maar van de waterval zelf is hier bijna niets te zien. We zijn het met de beschrijving eens dat dit één van de mooiste watervallen van IJsland is.

Reykjavik

Zoals verwacht is er geen tijd meer om naar Tingvellir te gaan zodat we van hieruit naar Reykjavik rijden. Om 19:30 zijn we bij ons Fosshotel in het centrum van de stad. Een mooie ruime kamer met uitzicht over de baai. Heerlijk om hier drie dagen te zijn.
Na het inchecken lopen we het stadje in. We herkennen veel. De sfeer is echter totaal anders. In de winter was het een dode, ongezellige stad. Nu bruist het en is het gezellig op straat. We eten in hetzelfde restaurant als waar we de laatste avond met Mariët, Amanda, Hans, Peter en Peter hebben gezeten en onze IJsland vriedenclub is geboren met het voorstel tot de mini reunie. Ien smult van haar Ceasar salade en ik werk weer eens een hamburger weg.
Heerlijk dat het tot 24:00 licht is en we zo laat nog met een veilig gevoel naar het hotel kunnen lopen.

Reykjavik Reykjavik
De aparte kerk van Reykjavik.
Het gezellige centrum van Reykjavik.
 
Woensdag 25 juli – Reykjavik: Thingvallir

Thingvallir (Parlementsvlakte)

Thingvallir
De ingang van Thingvallir. De rots links is de breuklijn.

´s Ochtends doen we de was zodat we pas rond het middaguur op pad gaan. We bezoeken eerst Tingvallir, de bekende ´parlementsvlakte´. Hier kwamen al meer dan 1000 jaar geleden stamhoofden uit het hele land bij elkaar om te debatteren, wetten te maken en recht te spreken. Samen met een vergelijkbare plaats op de Faroer eilanden het oudste parlement ter wereld. De omgeving is er uitermate geschikt voor. Vlak met plekken uit de wind en tegen de wand een heuvel waar de stamhoofden hun speech konden doen. Op deze plek is ook in 1943 de IJslandse onafhankelijkheid (van Denemarken) uitgeroepen.

Ook geologisch is het een bijzondere plek. Het dal is de breuklijn tussen het Amerikaanse en Euraziatische continent. De beide wanden liggen een paar kilometer uit elkaar en drijven elk jaar een paar cm verder uiteen.

De omgeving is prachtig. We proberen voor de grap dezelfde foto´s te maken als 5 jaar terug. Het pittoreske kerkje, het stroompje (toen vol met ijsklompen) en het watertje waar overspelige vrouwen werden verdronken. Het is redelijk weer. Bewokt, maar niet koud.

Thingvallir Thingvallir Thingvallir
Uitzicht over Thingvallir
Thingvallir
Het karakteristieke kerkje van Thingvallir

De entree is gratis, maar dat proberen ze terug te halen door voor een plasje in een zeker niet schoon toilet bijna 2 euro te vragen!! Ien d´r broek zakte spontaan af.

Reykjavik
Reykjavik: Het vikingschip

We bezoeken even het karakteristieke kerkje uit 1895. Het is piepklein, maar kleurrijk ingericht. Hoewel hier bijna niemand woont is het nog steeds in gebruik. We zijn al meer kerkjes tegen gekomen die in godverlaten gebieden staan en toch volop in gebruik zijn.

Na twee uurtjes lopen rijden we naar de rookwolken die je vanuit de verte vanaf Thingvallir ziet opstijgen. Hier komt warm water aan de oppervlakte en wordt met enorme installaties naar Reykjavik gepompt. De enorme buizen liggen boven de grond langs de weg. Het verrassende is dat de temeratuur gedurende het transport van vele tientallen kilometers slechts 2 graden daalt.

In Reykjavik loopt Ien even alle 'leuke' winkeltjes af, waarna we gezellig eten in restaurant Caruso. Een heel sfeervol restaurant in huiskamersteil. Ien is er helemaal weg van. Op een grote sofa wachten we op ons tafeltje op zolder. Een heel leuk adresje!

 
Donderdag 26 juli – Reykjavik: Reykjanes schiereiland

Vandaag gaan we het vulkanische schiereiland bekijken. Voor de meeste mensen is de wereldberoemd 'Blue lagoon' het absolute hoogtepunt van dit gebied. Hier kun je in opgepompt warm water heerlijk in de buitenlucht badderen. De prachtige omgeving en het blauwe water doen je in een sprookjesomgeving wanen. Wij slaan het voor velen hoogtepunt van IJsland over (we hebben de Blue lagoon in de winter van 2007 wel bezocht) en rijden het ruige achterland in.

Thermisch gebied van Seltun

De eerste stop is bij het thermische gebied van Seltun. Het ligt uit de standaardroutes en wordt, geheel ten onrechte, maar weinig bezocht. Het warme water bubbelt hier naar boven en het zure water zorgt voor een kleurrijke ondergrond. We maken de steile klim naar boven en hebben hier een prachtig uitzicht over het gebied. Aan de andere kant van de weg liggen twee zwarte poeltjes (Fulipollur). Je zou er bijna voorbij rijden. In deze poeltjes bevinden zich zwarte en grijze bubbelbaden, waar Yellowstone jaroers op zou zijn! Fascinerend!!

Seltun Thingvallir Seltus
Seltun

Gunnuhver

Modder bubbels

Met behulp van Google maps en de GPS rijden we door een godverlaten gebied naar de kust. We komen uit bij het vissersdorp Grindavik, waar we in de haven tussen de werklui in het zonnetje een heerlijke bakje koffie scoren. Van hieruit rijden we naar de punt van het schiereiland. Hier zijn de vuurtoren waar we in 2007 ook zijn geweest en het thermische gebied van Gunnuhver. Veel stoom en wind, maar verder weinig bijzinders.

Brug tussen Amerika en Europa

Op de terugweg komen we bij een loopbrug die de twee continenten Amerika en Eurazie verbindt. De brug is flexibel, want de continenten schuiven elk jaar 2 cm verder uit elkaar. Dat is elke 50 jaar een meter ! Hierna rijden we terug naar Reykjavik, waar we uiteraard weer in het gisteren ontdekte restaurant Caruso eten. Om 22 uur lopen we in het zonnetje (!!!) terug naar het hotel.

 
Vrijdag 27 juli – Reykjavik naar Snaefellsjökul schiereiland (Olafsvik)

Het Snaefellsjökul schiereiland

Zeehonden
Zeehonden met op de achtergrond de Snaefellsjökul

Het is wederom prachtig weer als we om 8:45 Reykjavik verlaten richting het schiereiland Snaefellsjökul in het westen van IJsland. We rijden om de baai van Reykjavik en hebben vanaf de andere kant van het water een mooi uitzicht op de hoofdstad. Aan de kust stoppen we even bij een strandje waar zich vaak zeehonden ophouden. Het is hier heerlijk rustig en de strakblauwe lucht maakt het een welkome tussenstop.

De kust bij Arnastapi
De kust bij Arnastapi

We klimmen over de zwarte rotsblokken naar een plek waar de je ca. 10 zeehonden goed kan zien. Een heerlijk plekje, waar we met moeite afscheid van nemen als we verder moeten.

Het schiereiland wordt gedomineerd door de met sneeuw bedekte vulkaan met dezelfde onuitsprekelijke naam als het schiereiland. Bijna op de punt, aan de voet van de Snaefellsjökul, pakken we een terrasje in het leuke dorpje Arnarstapi. Je kunt hier wandelen bovenlangs de steile kust. Het wemelt van de meeuwen die hier nestelen.

Snaefellsjökul vulkaan

In de sneeuw van de Snaefellsjökul vulkaan

Vanuit Arnarstapi moeten we naar Olafsvik aan de andere kant van de berg. We nemen niet de grote weg, maar de ruige pas omhoog die ons langs de gletsjer voert. De auto trekt het net. We worden beloond met mooie vergezichten en veel sneeuw. Boven lopen we een stukje door de op het oog verse sneeuw. In Arnarstapi kun je voor veel geld een tour naar dit plekje boeken. Een tochtje per sneeuwscooter kost €175 per uur. Ook kun je met 6 mensen voor €40 pp een paar honderd meter meerijden in een sneeuwschuiver. Lekker binnenlopen dus.

Olafsvik

We genieten een tijdje van de prachtige omgeving en dalen hierna af naar de haven van Olasvik aan de noordkust. Een rustig dorp met gelukkig één gezellig restaurant waar we heerlijk hebben gegeten.

 

Zaterdag 28 juli – Olafsvik naar Dalvik (Noorwest kust)

Rijdag naar Dalvik

Olafsvik
Olafsvik

Het is vandaag een verre rijdag (440 km) naar Dalvik in het noorden. Het is nog steeds zonnig en dus jammer om een groot deel van de dag in de auto te zitten. De route voert grotendeels langs de ruige kust. Op afgelegen stukken houdt de asfaltweg op en moeten we grote stukken over gravelwegen. De velden zijn bedekt met in wit plastic verpakt gemaaid gras. We noemen het 'mozarellavelden' omdat het net grote kazen lijken.
Om 19:00 zijn we pas in Dalvik. Snel inchecken en een hapje eten in het plaatselijke restaurant. Een gezellig tentje dat ook dienst doet als lokale kroeg. Terwijl we nog zitten te eten begint een rockband keiharde muziek te spelen. Even leuk, maar slecht voor de oortjes zodat we al vroeg op bed liggen.

Zondag 29 juli – Via Godafoss en Myvatn naar Husavik

Akureyri

Akureyri
Het bekendste gebouw van Akureyri

Het is niet te geloven, maar we staan alweer op met een stralende zon. Het is een half uurtje rijden naar de grootste stad van het noorden, Akureyri. Hier zijn we in 2007 ook geweest en toen was het een dode verlaten stad. Memorabel was de stadstour die ons wees op de mooie bejaardenhuizen en vergelijkbare 'hoogtepunten' van de stad. Het is nu volledig anders. Er is een prachtig informatiecentrum gebouwd aan de haven en van hieruit is het maar een paar minuten lopen naar het levendige centrum vol terrasjes en leuke winkeltjes. We zitten even op het terras van een pittoresk blauw gebouwtje.

Godafoss waterval

Onze tweede stop is bij de prachtige Godafoss waterval. In 2007 was het hier spekglad en was de waterval gedeeltelijk bevroren. Nu wemelt het van de toeristen, maar dat doet niets af aan de schoonheid van deze plek.

Godafoss Godafoss Godafoss
Godafoss

De peudokraters van Myvatn

Lunchen doen we in de auto zodat we vandaag nog tijd hebben om even te stoppen in Myvatn. In ons hotel van 2007 zien we dezelfde obers in het restaurant. Ien herkent ze aan hun paardenstaart en daar is ze nu eenmaal weg van. Vanuit dit hotel kun je een prachtige wandeling maken over de 'pseudokraters'. Dit lijken kleine, perfect gevormde vulkanen maar zijn dit niet. De lava die hier na een uitbarsting het meer in stroomde stolde aan de bovenkant snel af waardoor de onderliggende gassen gevangen kwamen te zitten. De druk liep zo hoog op dat het explodeerde en een krater ontstond. Op deze plek liggen een aantal van deze explosiekraters vlak bij elkaar en kun je in een uurtje een rondje door het gebied lopen. Mede door het fantastische weer een hoogtepuntje.

Thingvallir Pseudokrater Myvatn
Pseudokraters Myvatn


Husavik

Husavik
Husavik

60 km verderop hebben we in het toeristische vissersdorp Husavik in het centrum een kamer (Foss hotel). Lekker ruim en licht en bovendien een balkon. We eten prima in het hotelrestaurant, waarna we even naar de haven lopen om informatie te verzamelen over de walvistochten die van hieruit vertrekken. De meeste tochten gaan met oude omgebouwde walvisvaarders. We besluiten om morgen een tour te maken.

Het is een gezellig dorpje. Het pittoreske kerkje siert de haven en er zijn een paar hele gezellige restaurantjes in het haventje. De wind is gaan liggen en er is geen rimpeltje in het water. Tegen zonsondergang spiegelen de oude walvisvaarders prachtig in het water. Met de besneeuwde bergen aan de andere kant van de baai prachtige fotomogelijkheden.


 
Maandag 30 juli – Husavik: Veel mogelijkheden rondom meer van Myvatn

Pastelkleurig thermisch gebied van Hverir

Na een heerlijke ontbijtje rijden we van Husavik naar het prachtige gebied rondom het meer van Myvatn. Als eerste bezoeken we het pastelkleurige thermische gebied van Hverir. Het één van de grootste solfatarenvelden van IJsland. Het gebied ligt bezaaid met stoompluimen, fumarolen en kokende modderpotten. Een fumarole is een opening in de aardkorst in een vulkanisch gebied waar hete zwavelhoudende gassen ontsnappen. Het is één van de bekende fotoplekjes van IJsland. Bussen rijden af en aan. Wat een tegenstelling met de winter van 2007 toen we de enigen in dit maanlandschap waren.

Hverir Hverir
Hverir

Het Kefla vulkaangebied

Niet ver van Hverir ligt het vulkanische gebied van de Kefla vulkaan. Hier hebben zich gigantische erupties gedaan die een enorm lavaveld hebben gevormd met een doorsnede van 25 km. De eruptie van 1724 leverde de Viti krater op. Viti is nu een diepe en steile krater met een doorsnede van 320 meter, gevuld met blauwgroen water. In een kwartiertje kun je een rondje over de kraterwand lopen. In het gigantische zwarte lavaveld zijn prachtige routes uitgezet, waarbij je soms over de grote lavabrokken moet klauteren. Heel apart en ook wel een beetje angstaanjagend. Wat moeten hier enorme krachten zijn vrijgekomen. Niet te bevatten. We maken een lange wandeling door het gebied. De koude wind heeft vrij spel waardoor het ondanks de felle zon koud is.

Kefla vulkaangebied

Het Trollenbos (Dimmuborgir)

Na dit hoogtepuntje rijden we naar het 'Trollenbos' (Dimmuborgir). Hier kun je een rondje lopen door een grillig vulkanisch landschap. Het is zo geheimzinnig dat de mensen hier echt geloofden dat het 't woongebied van trollen was.. De wandeling van een uur gaat door een bosrijk gebied vol grillige rotspartijen. Een heerlijke wandeling, echt genieten in het zonnetje. Het gebied ligt wat hoger, waardoor je een prachtig uitzicht hebt over het Myvatn meer. Op een terrasje genieten we met een prima gebakken forelletje uitgebreid van al dit moois.

Het elfenwoud

Tegen de avond maken we nog een korte wandeling over de romantische paadjes van het elfenwoud. Dit 'bos' (in IJsland noemen ze twee bij elkaar staande bomen al een bos) aan de oever van het meer is vooral bekend van de aparte verzameling 'elfenrotsen' in het meer. Prachtig plekje.
Het begint donker te worden als we via het uit 5 huisjes bestaande Geitenströnd nog even naar het uitzichtpunt bij het Trollenwoud gaan. De maan komt precies achter een tafelberg op en lijkt er wel op te liggen. Heel apart!
De prachtige dag zit er op en we rijden voldaan de 60 km terug naar Husavik. Het is al 00:30 als we voldaan in slaapvallen.

 
Dinsdag 31 juli – Husavik

Walvissafari in de baai van Husavik

Husavik
Walvisjager in Husavik

Husavik is vooral bekend om de walvissafari's die je hier kunt maken. In de baai zit zoveel voedsel dat het veel bultruggen, minke whales en dolfijnen aantrekt. Met een oude walvisvaarder gaan we 3 uur op pad. Ik heb boven op een klein balkon een mooi plekje veroverd met uitzicht in alle richtingen. Een Nederlands meisje is de gids en ze vertelt veel over de walvissen en vogels. Niet ver vanaf Husavik komen we de eerste bultrug al tegen.

Onderduikende burtrug
Onderduikende bultrug

Het spectaculairst is de duik, wanneer de grote staart helemaal uit het water komt. We kunnen enkele keren heel dichtbij komen en kunnen net onder het oppervlak de enorme witte flippers goed zien. Er zijn veel bultruggen in de baai en op verschillende plekken ziet we ze boven komen. Minke whales (kleine balein walvissen, maximaal 7 meter lang) zien we ook.

Walvistocht Husavik

Het zijn net kleine torpedo's, waarvan je alleen de rug kunt zien als ze boven komen om te ademen. Ook een groep van 8 dolfijnen laat zich even zien. Op de terugweg varen we langs een eiland dat gekoloniseerd is door papegaaiduikers. Als we dichterbij komen vliegen ze bijkans om je oren.
Om 14:00 zijn we terug in Husavik. Even een bakje koffie op een gezellig terras aan de haven. In het zonnetje leek het wel 25C, maar even uit de zon kun je je trui weer aan.

De Gletsjerrivierkloof (Jökulsárgljúfur): Detifoss waterval

's Middags rijden we via de noordkust naar het ruige gebied van de gletsjerrivierkloof (Jökulsárgljúfur). We nemen de westelijke, wat ruigere route. Je kunt in dit afgelegen gebied prachtig wandelen. We nemen één van de vele routes en lopen een stuk langs de rivier. We komen bij een 'patatjesrots', waar de basalten pilaren niet verticaal staan, maar horizontaal zijn gestapeld. Door erosie lijkt het op sommige plekken wel een stempeldoos van een oude taal. Bij een kabbelend, romantisch zijriviertje genieten we in het gras even van het zonnetje.
In het zuiden van de kloof bevinden zich drie grote watervallen. De bekendste is de Detifoss, de krachtigste waterval van Europa. In 2007 konden we er alleen komen met een ruige 4x4 landrover, maar vlak daarna is het gebied ontsloten met een moderne asfaltweg. De Detifoss valt een beetje tegen. Vies bruin water en de prachtige kloof die er achter ligt is door de opgekomen bewolking grauw en grijs. In 2007 maakte ik hier nog één van de mooiste foto's. Het is al laat en we hebben geen tijd meer om de andere twee watervallen te bekijken. We besluiten om hier nog even langs te rijden op de dag dat we weer naar het oosten trekken.

Prachtige zonsondergang

Terug in Myvatn eten we weer in het restaurantje bij het trollenwoud. We zitten buiten en zijn getuige van een prachtige zonsondergang op het meer. Op de terugweg naar Husavik hebben we nog een schouwspel dat we niet snel zullen vergeten. Rijdend vanuit de bergen zien we het dal en de baai van Husavik helemaal in de mist liggen. De bergen aan de andere kant van de baai steken boven de bewolking uit, terwijl de ondergaande zon fel oranje kleurt. Prachtig! Langzaam rijden we de wolkenmassa in en hebben even later slechts enkele meters zicht. Voorzichtig rijdend bereiken we het door de dichte mist mysterieuze Husavik. Een prachtig eind van alweer een fantastische dag.

 
Woensdag 1 augustus – Husavik naar Egilsstadir

Amerika geeft handje aan Europa

Ien in Europa geeft Jos in Amerika een handje.

We moeten vandaag weer terug naar Egilstadir is het oosten. We bezoeken voor het laatst het prachtige meer van Myvatn. Na lang zoeken vinden we de plek waar de twee aardschollen Amerika en Europa elkaar raken. In 2007 hebben we hier een leuke foto genomen van Mariët en Ien, die elk op een werelddeel staan en elkaar de hand schudden. We sms-sen een foto van Ien in dezelfde pose naar Mariet met de tekst "Mariët, waar ben je ?????".

Het Elfenwoud op zijn mooist

Als afsluiting van dit gebied bezoeken we nog even het elfenwoud en lopen het romantische paadje naar de elfenrotsen. De rotspunten liggen er in het zonnetje schitterend bij. Samen met het groene water een superplaatje! Een perfecte afsluiting van het Myvatn gebied.

elfenwoud elfenwoud elfenwoud
Elfenwoud

Detifoss: Krachtigste waterval van Europa ; terug naar Egilstadir

Onderweg naar het oosten komen we weer langs de Detifoss waterval. We nemen nu uitgebreid de tijd om de drie watervallen die hier vlak na elkaar liggen te bekijken. Wat een verschil met gisteren! Het zonnetje schijnt en het opstuivende water zorgt voor een prachtige regenboog. Ook de canyon ligt er nu prachtig bij. We nemen de tijd en merken plotseling dat het al 16:45 is. Balen, we moeten weg. Door een kaal landschap rijden we in 2 uur naar Egilstadir. De rondreis zit er op.

Snel de spullen in het hotel, waarna we de laatste IJslandavond vieren in het gezellige restaurant twee straten verderop. We hebben geluk en kunnen meteen aanschuiven aan een tafeltje op zolder. Romantisch plekje en het eten is ook prima.

 
Donderdag 2 en vrijdag 3 augustus – Boot naar Denemarken

Naar de boot

We moeten vroeg op. De boot vertrekt weliswaar pas om 10 uur richting Denemarken, maar we moeten drie uur van tevoren aanwezig zijn. De 25 km van Egilsstadir naar Seydirfjördur gaat door de bergen. Laag hangende bewolking zorgt er voor dat we een heel stuk in de dichte mist rijden. Vlak buiten Egisstadir zien we fietsers die ook naar de boot moeten. Ze kunnen niet tegen de steile berg op fietsen en doen het lopend. Als ze de boot maar halen, want het gaat hier kilometers steil omhoog. Eenmaal bij de boot aangekomen is het weer stralend weer. Het lijkt me geen pretje om weerman in IJsland te zijn. Elke paar kilometer is het weer compleet anders.

Bij de boot is het een chaos. Twee rijen om in te checken, maar 6 rijen om er naar toe te rijden waarvan 4 doodlopend. Ook wij komen op zo´n doodlopende strook terecht en moeten dus invoegen. Mensen die de goede rij kozen zijn zodoende als laatsten aan de beurt. Er zijn voldoende knulletjes bezig om de verkeerd opgestelde auto´s in de juiste baan te leiden, maar niemand komt op het idee de doodlopende banen af te sluiten of om aan het begin de boel te sturen. Het is nu dweilen met de kraan open. Na het inchecken gaat het redelijk snel. Mijn baan mag als een van de eersten naar binnen, zodat ik 45 minuten voor de inlooppassagiers (waaronder Ien) al op de kamer ben.

Bye bye IJsland

We hebben een kamer op de 6e verdieping. Vlak bij de restaurants en de lobby. Lekker centraal dus. We hebben stapelbedden waardoor we veel ruimte in de kamer hebben. Ook hebben we een raam naar buiten, maar zien niet zoveel omdat er een reddingsboot vlak voor onze snuffert hangt.

Het is zonnig als we weemoedig IJsland verlaten. Na een half uurtje varen we de mooie fjord uit en zijn we op volle zee. We hebben een geweldig mooie rondreis gemaakt en maken ons op voor twee dagen op zee richting Hirthals in Denemarken.
In de lobby hebben we onze eigen bezigheden. Ien doet spelletjes op de smartphone en ik werk een klein deel van mijn reisverslagachterstand weg.

2e dag op zee

Een lange dag op zee. Er kan eindelijk aan dit reisverslag worden gewerkt. Ook het reisverslag van Namibië (afgelopen mei) kan nu prima worden afgerond. Verder kijken we af en toe naar de Olympische spelen, waar vooral veel aandacht is voor de Deense sporten.

 
Zaterdag 4 t/m vrijdag 10 Denemarken: Arhus (Den Gamble Bye, Legoland) en Kopenhagen

Ontschepen en naar Arhus

We komen rond het middaguur aan in Hirthals, het noordelijke puntje van Denemarken. Ontschepen duurt een tijdje. De auto's zijn opgepropt en het is een hele klus om ze te ontkluwen. Er komen zoveel auto's van de boot dat we de eerste 100 km in een file rijden en niet veel opschieten. We gaan weer naar Arhus, waar we overnachten in het luxe Scandic hotel aan de rand van de stad.

De laatste dagen in een notedop

De rondreis naar IJsland zit er op. We blijven nog een paar dagen in Denemarken en bezoeken in Arhus het oude museumstadje 'Den Gamble Bye', waar we beiden goede jeugdherinneringen aan hebben. Ook gaan we een dagje naar Legoland, een pretpark voor kinderen. Het is een soort Madurodam, maar dan opgebouwd uit legostenen. Dat mag kleuterjuf Ien natuurlijk niet missen!
Tenslotte bezoeken we in Kopenhagen tante Betty, de zus van Ien d'r vader. Een heel leuk mens. Ze loopt al tegen de 90, maar staat nog met beide benen in de wereld. Vanuit Kopenhagen rijden we in twee dagen terug naar huis.

Hier de foto's van deze laatste dagen.

De Gamble Bye (5 augustus)

Legoland (6 augustus)

Kopenhagen: Op bezoek bij tante Betty (7 t/m 10 augustus)